Is er meer bekend over Antonia Stoffelen, geb. ca. 1625-1630? x met Huich Peters de Hoogh.
Hun zoon Petrus Huijgen de Hoogh x met Gertrudis (Truijcken) Vassen (ook wel Servatti genoemd), vermoedelijk dr. van Servaes Jacobs en Icken Adriaens. Petrus de Hoogh woonde te Waspik:
Op 30-11-1678 (Waspik, RA59, f. 247) Peeter Huijgen de Hoogh als man van Truijken Vassen, woonende tot Waspik, gaff over aen Jan Adriaens van Tichel en Adriaen Vassen, zijn swager en broeder resp., tesamen 1/5 part in de oostense helft, mitsgaders 1/3 part in de westense helft van een acker saijlants, gelegen tussen Seger Wouters ten westen en Adriaen Dircx Cammer ten oosten, streckende uijtten noorden tot zuijd aen de Oude Vaert. Noch 1/5 part in de oostense geerd: O. Steven Wouters Boef, W. Jan Adriaens van Tichel, N. Steven Wouters Boef, Z. de Oude Vaert. Alles gelegen in de Ambachtse van elff en halft Hoeve tot Groot Waspick; coopsom 150 pond contant geld, waervan Peeter Huijgen verklaert ten volle betaelt te zijn.
Op 10-10-1680 (Waspik RA59, f. 279v.) Peeter Huijgen, Jan Cornelis Huijben, als man van Janneke Huijgen, Marcus Adriaens Conincx man van Maria Huijgen en Adriaentje Huijgen, geassisteert met voorn. Peeter Huijgen, haren broeder, als erfgen. van Dingen Jochum Aerden, haer grootmoeder, gaven over aen Aellit Cornelissen Camp, wed. van Jan Huijbrechts de Bondt, 1/4 part van seecker huijs en hoff als metterdoot ontruijmt bij Dingentje Joachim Aerden, gelegen in sGrevelduijn Waspick: O. cooperse, W. Dingman Dircx, N. Heerenstraet, Z. sloot. Noch metten last van vrije wooninge intselve huijs door Adriaentje Huijgen. Cooppenningen 410 gulden.
Op 19-6-1690 (Waspik RA9, f. 44 en 45) Peeter Huijgen de Hoogh aenl. contra Jan en Cathelijn Piers, gedaagden. Het vonnis van de schout ende gerechte was, dat de gedaagden den aenl. moeten voldoen wegen het maken van de helft van 13 roeden dijck, iedere roede tegen de somme van 12 gulden. Voor de helft van het voors. land dus 156 gulden plus de kosten van het proces.