''Vort heeft geloeft de vors(creven) meest(er) Adriaen evenverre jouffrouwe Cornielie zijn wijf met hue(re)n vrienden koeze met duwarien versien te zijne voerder en(de) liever dan op dlantrecht vanden goeden des vors(creven) meest(er) Adriaens te stane dat hij in dien gevalle de selve zijn huysvrouwe duwarien sal van eender redeliker duwarien nae goetduncken vand(en) edelen en(de) mogen(de) jonch(e)r Jan greve te Nassouwe hee(r) te Leck en(de) te Breda (et)c(etera) en(de) jonch(e)r Jan hee(r) te Bergen te Glymez en(de) tot opvelpen (et)c(etera) ende dair teghen gheen behulp noch geweer te sueken met gheenen rechte gheestelijc noch weerlijc bij hem selven noch bij nyeman(de) anders in gheend(er) manie(re)n iud(oco) Abs(oloens) Wynge oct(obris) s(e)c(un)da.
______________
Wat betekent o.a. duwarien, diantrecht.
___________________________
De akte gaat over het niet nakomen van afspraken schoonvader Jan van der Leck aan Meester Adriaen van der Aa en Cornelia van der Leck (dochter van Jan). Het voorgaande deel is duidelijk, al heeft het een tijdje geduurd om alles goed te kunnen begrijpen.
De akte worden Jan, graaf van Nassau, heer van der Lek en Breda, en Jan II van Glymes, heer van Bergen op Zoom. Absoloens Wynge is schepen te Leuven. Hij is die op die datum optreed als wetsdienaar.