Toen een van mijn betovergrootvaders in februari 1836 in het huwelijk trad met een van mijn betovergrootmoeders, werd aan de huwelijksbijlagen onder meer een certificaat toegevoegd waaruit blijkt dat hij had voldaan aan de verplichting t.a.v. de Nationale Militie.
Hij was van de lichting 1821 (geb. in 1802) en het nummer dat hem bij de loting ten deel viel, had hem tot op heden tot geen dienst verplicht.
In dezelfde huwelijksakte wordt genoemd welke stukken o.a. nog meer werden overlegd.
Zo werd er een schriftelijke permissie bijgevoegd, dat aan de bruidegom authorisatie werd verleend door de Luitenant Kolonel van de 3e Afdeeling Noord-Brabantsche Mobiele Schutterij alwaar hij (als schutter) bij dienende was, afgetekend te Breda op 11 januari 1836.
In de huwelijksakte wordt zijn beroep als landbouwer opgegeven en zijn woonplaats stemt overeen met de plaats van handeling..
Kan ik hier nou uit opmaken dat hij alsnog werd opgeroepen om dienst te vervullen? Hij was toen 33 jaar oud.