Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Hier testen we onze nieuwe website. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren.

Terug naar overzicht

Omstandigheden toewijzing voogd en toeziend voogd

8 reacties

Alex

Ik heb een simpele vraag m.b.t. het aanstellen van een voogd en toeziend voogd.

In 1678 wordt er te Breda door de vader van zijn overleden dochter, waar 5 niet bij name genoemde kinderen een voogd en toeziend voogd aangesteld. Deze aanstelling vindt notarieel plaats.

In de weeskamer kom ik van deze aanstelling niet tegen.

De vader en man van de overleden dochter wordt in deze akte vermeld. Er zijn over hem verder geen bijzonderheden vermeld.

De vader van de 5 minderjarige kinderen wordt niet omschreven als overleden, ik kom geen begraven tegen te Breda, maar toch klopt er iets niet.

Ik ga ervan uit, dat het aanstellen van een voogd en toeziend voogd alleen plaats vindt als beide ouders van de 5 minderjarige kinderen zijn overleden?

Ik kom de vader van de 5 minderjarige kinderen na 1677 niet meer tegen.

Zijn er andere omstandigheden waar een voogd en toeziend voogd kunnen worden aangesteld?

8 reacties

  • Egbert3 dec 2025, 12:29

    Je zegt dat er in 1678 DOOR de vader voogden worden aangesteld. Verder zeg je ook dat je de vader na 1677 niet meer tegenkomt. Dat is met elkaar in tegenspraak.

  • Alex3 dec 2025, 12:42

    Voor de duidelijkheid.

    De vader van de minderjarige kinderen wordt na 1677 niet meer vermeld. Het gaat hier om Philips Anthonissen van Meir x met Maria van Gulick.

    In 1678 is Maria van Gulick overleden. Haar vader Govert Jorissen van Gulick stelt een voogd en toeziend voogd aan over haar minderjarige kinderen. Philips van Meir wordt wel vermeld als man van Maria, maar geen verdere bijzonderheden. Later in dat jaar is Govert van Gulick ook zelf overleden en worden de voogd en toeziend voogd over de 5 minderjarige kinderen vermeld. Geen woord over de biologische vader.

    Dat kan alleen als de vader van de 5 minderjarige kinderen is overleden toch?

    De verwarring wordt groter als blijkt dat Philips van Meir in 1681 wordt vermeld als vader van Cornelia, Margrita en Anthonet van Meir. Het kan om een fout gaat in de akte, maar een paar jaar daarvoor wordt Philips niet genoemd als voogd, toeziend voogd, wijlen.

    In de weeskamers van Breda is niets te vinden over het gezin Van Meir. Er is geen overleden en of begraven van Philips bekend, en er is geen testament tussen de echtlieden Van Meir en van Gulick.

    Dus hoe zit het met de aanstelling van voogd en toeziend voogd?

  • Cornelis3 dec 2025, 13:49

    Philip komt 1686 nog voor!

    Notariële akte op 17 oktober 1686
    Geregistreerden
    Johannes van Amelsvoort, gehuwd met Margareta Huijgens
    Willem van Amelsvoort, koopbrouwer van beroep
    Geerit Peeters de Beer, wonende te Lage Zwaluwe
    Philips van Meir

    Opmerking

    Notaris: P. van Heusden

    Stadsarchief Breda
    Bronvermelding
    Stadsarchief Breda te Breda, Notariële archieven
    Notariële archieven Breda, Bron: akten, Deel: 0233, Periode: 1686-1687, Breda, inventaris­num­mer 0233, 17 oktober 1686, P. van Heusden, Allerhande acten (Minuten), 1686 - 1687, aktenummer 78

  • Cornelis3 dec 2025, 13:51

    Begrafenis op 1 november 1691 te Breda
    Overledene (mannelijk)
    Philip van Meer

    Opmerking
    In het Manhuijs.

    Stadsarchief Breda
    Bronvermelding
    Stadsarchief Breda te Breda, DTB Begraven
    Weeskamer Breda, Bron: boek, Deel: 65, Periode: 1690-1693, Breda, archief WK, inventaris­num­mer 65, 1 november 1691, Begraven volgens Weeskamer 1690-1693, folio 14r

  • Peter3 dec 2025, 14:11

    Hoi

    Zelfs als een van de ouders nog leefde kon het zijn dat de familie van een van de overleden ouders, aangesteld werd als voogd. Bijvoorbeeld, de moeder overleed, terwijl de vader van de kinderen nog in leven is. Maar deze kinderen erven dus ook mogelijk goederen van de kant van hun moeder. Daarom werd er vaak iemand van haar familie (een broer, of haar vader) aangesteld om de erfenis van de kinderen van hun moeders deel te waarborgen. Zodat dit bijvoorbeeld niet zo worden verdeelt over kinderen die de vader zou krijgen als hij zou hertrouwen.

    Dus voogdij was niet alleen om volledgige weeskinderen te voorzien. Maar ook om familiebelangen over goederen en erfenissen eerlijk te behartigen.

    Peter

  • Alex3 dec 2025, 14:36

    Beste Cornelis,

    Als ik alle akte die zijn ondertekend door Philips van Meir/Meer zie ik overeenkomsten in zijn handschrift.

    Trouwens mooi gevonden van de begraafdatum.

    De akte uit 1686 is mij bekend. Hij is daar notarieel getuige.

    Peter,

    Mijn dank voor uw heldere uitleg. Het lost het probleem op.

    Met andere woorden.

    Philips van Meir was in 1678 nog in leven, want hij wordt in 1681 en 1686 nog vermeld, blijkens uit de handtekening vergelijking van Philips van Meir/Meer.

    Dan zijn begrafenis in 1691.

  • Bas3 dec 2025, 15:38

    In bijgevoegde notariele akte van 21 april 1681 wordt Philip van Meir, hunner vader tot voogd benoemd (folio 120).
    Zie openarchieven.nl/brd:27b4814f-9e29-31bf-3b57-13f6c66d862f (opent in een nieuw tabblad)

  • Alex3 dec 2025, 15:41

    In den name ons Heeren amen. Condt ende kennelijcke sij
    eenen iegelijcke dat op den dach der daete ondergeschreven voor mij
    Peeter Beeris, openbaer notaris, bij den Ed. Rade van Brabant
    in s'Gravenhage geadmitteert, tot Breda residerende, ende
    de getuygen ondergenoempt, sijn gecompareert de eerbaeren
    Cornelia ende Margrita Philippen van Meir dochteren,
    beyde ongehouwde dochteren, woonende binnen dese stadt,
    mij notaris ende de getuygen bekendt, de voorsz. Cornelia
    sieck te bedde liggende ende sij Margrita gesondt naer den
    lichaem, gaende ende staende, nochtans beyde henne memorie
    ende verstandt volcomentlijcke machtich soo
    opentlijcke bleeck, dewelcke overdenckende de broosheydt
    van des menschen leven, waerinne niet seeckerder en is
    als de doot ende niet onseeckerder dan de ure derselver,
    willende daeromme van dese werelt niet scheyden
    sonder alvoorens van henne tijdelijcke goederen te hebben
    gedisponeert, hebben met voorbedachten raede vrije-
    willichlijcke, onbedwongen ende overleydt van iemanden,
    soo sij seyden ende verclaerden, gemaeckt, geordonneert ende
    gesloten, gelijck sij maecken, ordonneren ende sluyten bij ende
    midts desen, hetgene naervolght, willende ende begeerende
    dat hetselve sal stadtgrijpen ende sijn volcomen effect
    sorteren, t'sij als testament, codicille, gifte ter saecke
    des doots ofte andersints, soo ende gelijck eenen iegelijcke
    overlijdende christenmensche testamente ende uyttersten wille
    alderbest bestaen ende van machten ende van waerden kan ende
    mach sijn, niettegenstaende alle gerequireerde solemniteyten
    daerinne niet en mochten sijn geobserveert ende eenige van-
    dien geomitteert, ofte dat eenige geschreven ofte gedruckte
    costumen, placcaten, stadt- ofte landtrechten ter contrarie
    mochten dicteren, alle deselve derogerende bij desen voor
    soo veel in hen is, ierstelijcke doot ende te niet doende alle
    voorgaende testamenten, codicillen ende gelijcke maeckaegien
    bij hen testateruen tesamen oft int besonder eenichsints /
    voor daete deses gemaeckt ofte gepasseert, ende van nieuws
    disponerende beveelen ierst ende voor al henne sielen, soo wanneer
    die uyt henne lichaemen sullen komen te scheyden, de grondeloose
    barmherticheyt van Godt Almachtich, biddende denselven
    om het bitter lijden ende sterven van sijnen lieven soone, onsen
    Salichmaecker Jesus Christus, in sijnen genaden schoot te
    willen ontfangen ende aennemen ende henne lichaemen met
    eene eerlijcke ende christelijcke begraeffenisse naer hennen
    staedt recommanderende de aerde, ende voorts komende
    totte dispositie van henne tijdelijcke goederen verclaeren
    malcanderen over ende weder over, dat is de ierste te overlijdene
    van hen testateuren de langstlevende van hen beyde
    bij desen te institueren ende te nomineren tot haere eenige
    ende universele erffgename ende dat in alle de goederen
    van haeffelijcke ende erffelijcke actien, schulden ende crediten,
    juweelen, goudt, silver, gemunt ende ongemunt, cleederen,
    linden ende wollen, waer, ofte tot wat plaetsen gelegen
    ofte van wat nature die souden mogen wesen, egeene
    altoos uytgesondert ofte gereserveert, die de ierste te
    overlijdene van hen testateuren eenichsints metter
    doot ontruymen ende naerlaeten sal, omme met alle
    deselve goederen bij de langstlevende van hen beyde
    gedaen te mogen worden als met haer eygen t'haerder vrije
    dispositie ende met volle macht van justitie, midts
    dat de langstlevende aen henne tesamen vier susters
    sal uytreyckende de somme van ses rijsngulden eens, sonder
    meer, deselve daermede ende voorts alle andere vrunden
    ende erffgenamen ab intestato uytsluytende uytte naer te laetene
    goederen van de ierste te overlijdenen van hen testateuren, sonder
    dat de langstlevende aen iemandt ter werelt oock schuldich
    ende gehouden sal sijn te leveren eenigen staedt ofte inventaris
    van de ierste te overlijdene goederen, ende in cas de
    voorsz. Cornelia de ierste afflijvige compt te worden,
    soo wilt ende begeert sij dat haere voorsz. suster Margriet /
    aen hennen suster Anthonet van Meir sal geven ende laeten
    volgens haeren besten rooden laecken rock, denselven
    daeraen legaterende bij desen, ten lesten verclaeren de testa-
    teuren uyt henne boedel te secluderen alle oppervoighden
    ende weescameren, soo alhier tot Breda als elders, salvo
    honere, kiesende over de onmondige voor soo veel
    noot sij tot voight Philip van Meir, hennen vader.
    T'gene voorsz. staet seyden ende verclaerden de testatricen te
    wesen hen testament ende uyttersten wille, dien sij willen
    ende begeeren dat naer henne doot punctuelijcke achtervolcht
    ende naergekomen sal worden in voegen ende manieren daerinne
    verhaelt. Dese dingen sijn aldus gedaen ende gepasseert binnen
    de voorsz. stadt Breda, op debovencamer van seeckere huysinge
    op den Haeghdijck tegensover de borsse, op Maendach den
    eenentwintichsten April 1681, des
    naermiddachs ontrent twee uren, ter presentie ende overstaen
    van Jan Deckers, schoenlapper ende Jan Cuera, clompmaecker,
    beyde borgers alhier, als getuygen etc.
    Cornelia van Meer
    X Handtmerck gestelt bij de voorsz.
    Margreit van Meir die verclaerde
    niet te konnen schrijven
    Jan Cuira
    Jan Deckers
    Quod attestor Pr. Beeris, notaris publicq, 1681

Je ziet 8 van 8 reacties

Neem contact op met

Log in om contact op te nemen. Alleen ingelogde gebruikers met een bevestigd e-mailadres kunnen een bericht sturen.

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Omstandigheden toewijzing voogd en toeziend voogd - Forum | BHIC