Henrick Deenen x Aleijt Willem Rovers, overl. na 22-1-1538. Op 22-1-1472 word zij vermeld als Aleijt Willem Rovers als moeder van Lenaert en Aleijt Henrick Deenen
BP 1208 (1437–1438 f. 363v dd 22-1-1438, niet gepasseerd) Aleit weduwe van Henrick Deenen verhuurt aan Aert Michiel die Steenmetser, zolang hij leeft, een stuk beemdland in de herdgang van Heersel, een stuk bouwland in de herdgang van Hersel om 14 lopen rog, Oerscotse maat op Lichtmis.
Op 22-1-1472 (J. Toirkens, Oirschot, inv. nr. RA.123a, fol. 127v) Lenaert Henrick Deenen, verder Daniel Scabroeks als man van Aleijt wettige dochter van genoemde Henrick en verder Jacop Henrick Sbrouwers als man van Berthen ook wettige dochter van genoemde Henrick en verkopen aan Aert Michiel Steemetsers een stuk land gelegen onder Herzel in herdgang de Notel, b.p. heer Rutger Vos priester, genoemde Aert als koper, de gemeenschappelijke straat. Dat bezit hadden ze na de dood van hun vader Henrick en hun moeder Aleijt geerfd. Genoemde Aert uit de vorige akte en belooft aan Jacop Henrick Sbrouwers die per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar een bedrag van 29 en een halve peter te betalen, elke peter tegen 18 stuivers en daarvan zal hij per a.s. Pasen 4 peters geven en daarover hoeft hij dan geen rente betalen, van het restant bedrag zal hij per jaar 10 lopen rogge als rente betalen. Lenaert Henrick Deenen, Daniel Scabroeks als man van Aleijt dochter van genoemde Henrick, nog Jacop Henricks Sbrouwers als man van Berthen dochter van genoemde Henrick en verkopen aan Willem natuurlijke zoon van Goessen Willem Vos, die een huis, tuin etc. gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Henrick van Gestel, Ansem Joerdens, genoemde Lenaert, de gemeenschappelijke straat. Dat bezit hadden ze verkregen na de dood van hun vader Henrick en van hun moeder Aleijt. Willem natuurlijke zoon van Goessen Willem Vos en belooft als schuldenaar om aan Daniel Scabroeks die per a.s. Maria Lichtmisdag een bedrag van 24 peters te betalen, elke peter gerekend tegen 18 stuivers of in andere goede muntsoorten en onderwijl steeds een rente van 10 lopen rogge per jaar, maat van Oirschot. Lenaert Henrick Deenen en Jacop Henrick Sbrouwers als man van Berthen dochter van Henrick Deenen en verkopen aan Daniel Scabroeks hun deel van een pacht van 1 mud rogge per jaar, maat van Oirschot, dat ze hebben geerfd na de dood van hun vader Henrick en hun moeder Aleijt, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk beemd gelegen in herdgang de Notel, b.p. Joerden Joerden Cluijstermans, Henrick Scabroeks, de gemeijnte. Dat mud rogge had Aleijt Willem Rovers zijnde hun moeder van hiervoor, gekocht van Henrick Jan Swijsen volgens de schepenbrief ervan. De verkopers belove alle lasten van hun kant af te handelen. (Idem 25) Komen is Daniel Aert Scabroeks als man van Aleijt dochter van Henrick Deenen en Jacop Henrick Brouwers als man van Berthen, wettige dochter van genoemde Henrick en doen afstand van hun aanspraken ten behoeve van hun zwager Leonaert Henricks inzake een stuk land gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Henrick van Gestel, Philips van Geldrop, Willem natuurlijke zoon van Goossen Vos, Eessen Smollers, Ansem Deenen, de gemeenschappelijke straat. Nog verkopen ze hem een stuk land genoemd de Putekker, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Jan van Heerbeeck, Dirck Goessens. Die percelen hadden ze geerfd na de dood van hun zwager Henrick en diens vrouw Aleijt.
Ik ben op zoek naar mogelijke voorouders.
MvG
Alex