Beste allemaal,
Al langere tijd ben ik op zoek naar verschillende bronnen om mijn stamboom uit te breiden vanaf de eerste vernoeming van Wellen Rutten in 1618. Ik heb gepoogd aan de hand van meerdere bronnen een soort van reconstructie te maken van namen/vermeldingen die gelieerd zijn aan de plaats waar hij destijds leefde dan wel gelijkheden qua naam.
Ik ben geen paleografie-expert, dus heb veel hulp gehad van Transkribus en Claude AI voor het maken van de vertalingen.
Na het lezen van ‘Munse Minse’ door Jan van der Heijden uit Schaijk heb ik helaas nog geen concrete linkjes kunnen maken naar Wellen Rutten.
Ben benieuwd of jullie hier verbanden zien of wellicht verkeerde aannames (het is wat veel informatie, mijn excuses). Ik stoei met name met het patroniem uit de lijn die er als volgt uit ziet;
GENERATIE A: Wellen Rutten
GENERATIE B: Sijmen Wellen Rutten (vernoemd naar grootvader? = Sijmen of juist grootmoeder lijn?) dus trouwde Wellen Rutten met een dochter uit de Sijmons-familie?
GENERATIE C: Wellen Sijmons (vernoemd naar grootvader = Wellen)
GENERATIE D: Sijmon Wellens (vernoemd naar grootvader = Sijmen) ✓ bevestigd
Uit de Bosche Protocollen; 'Fichier Smulders' [indices Bossche Protocollen 1367- september 1501] - 0014.10000.554 Schaijk & Schijndel heb ik gezocht op de volgende trefwoorden gerelateerd aan Wellen/Walramus/Rutten/Mun/Schaijk/Hoeve van Berne etc. en kom tot de volgende resultaten;
1427; Rutger z.w. Jan van Ingelen
1431-1432; Jan Aerts van os. Aerts die vrouwezoon van Aneem die Vrieze? Rutger Bove z.w. Aert
1433-1434; Rutger Bove van Tephelen (tegelen?)
1436-1437; Jan van Os z.w. Aert van Os van Scadewijc Rutger Bove z.w. Aert
1445-1446; Rutger Bove man van Jenneke van Langhel, hoeve Scadewijc
1445; Rutger Bove geeft hoeve in erfpacht
1451-1452 Rutger Bove z.w. Aert Jan Aerts van Os
~1458; Kinderen van w. Jan Rutten (pacht uit de helft van Gerit Vos Hoeve, eerste Rutten vermelding)
1468; Abt van Berne verpacht Moen 10j aan Heymerck Thomas Zebrechs
1471; Klooster Berne verpacht Moen 10j aan Wauter van Vaerlaer & Wauter Vaerlaer pachter "de munse hoeve"; Brabantsche Heyde, geen turf verkopen
1480; Rentmeester abbij Berne verpacht Moen 10j aan Lambrecht vander Putten (vorige pachter was Wouter van Vaerlaer
1481-1482; De beneficianten in St Jans Kerk in Den Bosch, Rutger Bove z.w. Arnt van Oyen
1486/87; Wouter Claes bezitter "die Nuwe Hoeve op Moen"
1520 Akte van verpachting bij de schepenen in ’s-Hertogenbosch door de Abt aan Joest Lambrechtssen (Joest Lambrechtss zoonen) van de hoeve op Mun (IVD16).
1531 Akte van verpachting bij de schepenen in ’s-Hertogenbosch door de Abt aan Joest Lambrechssen van de hoeve op Mun in de parochie van Nistelrode (IVE6)
1542; Joest van der Putte pachter van Hoeve op Mun, heeft samen met zijn vader 70 jaar hoeve Mun gepacht (waarschijnlijk is dat Lambrecht vander Putten hierboven genoemd in 1480)
Uit Schepenbank Land van Ravenstein - 7618-120 (1538-1545)
1540; Wellen Henricx Wollens genoemd op Velp/Herperstanc, koper van stuk land (BHIC 7618-120 pag. 0068)
1545; Rut van Erwen (overleden) + wed. + kinderen Claes, Eeme, Stijne, Jan Rutten genoemd Herpen/Doerse (deursen?) Familieoverdracht huis "Tonijfhuys" (BHIC 7618-120 pag. 0345)
Dan een getuigen verklaring uit 1555 met de volgende namen uit Mun;
- Lenert Henrixsoen 78 jaar
- Rycart Meussoen 64 jaar
- Goyart zoon Wouter Dirixsoen 63 jaar
- Jacob Lenartssoen van Tuijl 36 jaar
- ende Rijcart Janssoen 30 jaar woonende tot heer Jan Alartsoen 46 jaar
- Henrick Ancems 33 jaar
- Arnt Geritsoen 43 jaar
- Comelis Lambertssoen 65 jaar
- ende Derick Janssoen 57 jaar alle woonachtig op HerperSchadtwick
- ende Matthias Ruttens Meeussoen woonende tot Nistelren, 50 jaar
altesamen tuelmannen (landbouwers)
1580; Peter Hendricksen op Moenle, huidige pachter
Inkomsten kapel of kerk op Herperscaijc, samengesteld door rector heer Wilm Knuijts, 1591 (1826-78)
1591; Henrick Dirck, Jan zijn soen daer af noch Claes Rutten dair van
1591; Dirck Symonts en Art Dirck Sijmonts
1591; Wellen Joachims en Peter Joachims met aantekening wellen sijn soen
1591; Ruth Vennen
1591; Sijmon van Lieshout kijndere
Register met renten van pastoor (onbekend), ca. 1592-1598 (1884-11)
1591-1598; Claes Rutten in Schaijk Cijnsplichtig 5 vaten "vanden selven" als Henrick Dircx/Jan Henricx
1591-1598; Art/Rut Walravens (leesbaarheid: "Rut" vs "Art" onzeker) in SchaijkCijnsplichtig pastorie "4 stuiver als hercomende van..."
1591; Wellen Joachims (= zoon Joachim Peters) in Schaijk Pastoorscijns 13 stuiver
1591 Wellen sijn soen (= Wellen Joachims) in Schaijk Met Art Monsz "elck onder hen bijden" — 4 stuiver
Uit Schepenbank Land van Ravenstein - 7618-121 (1617-1637) "Protocol van vesten", register van akten van overdracht van onroerend goed, na 1631 niet meer voor Uden c.a. (Heikant)
1618 eerste vermelding Wellen Rutten in Schaijk aan de Hoge Heide (BHIC 7618-121 pag. 0007)
Volledige transcriptie;
Op *den 10 februarij Isebrant Derix en(de) Jennicken sijne huesfrouw
vesten en(de) dragen op mit des hoffs handt Paulus Claissen van hunner
aenpaert portie en(de) gerechtigheit van hues en(de) hoff, als mit
overlijden van Claes Jan Alersz des voorss. Jennickens vader
op huerlueden is gedevolviert en(de) verorve(n), under die
parochien van Herpen op Schaijck aen die HochHeiden gelege(n)
mitter einer sijden langes erfenis Ariaan Ansems, mitter
ander sijden langes erfenis Wellen Rutten, mitten einen
einde scietende op die wetering, mitten anderen einde
op die Hoche Heide
1619 vermelding van een Woller/Wolle Rutten die overlijdt met een testament in locatie Velp/Reeck/Hoitmergen bij versterf gaat ¼ deel naar Wolter Huberts (BHIC 7618-121 pag. 0026)
-> Naams gelijkenis maar niet perse qua locatie
8 mrt 1633 Huverten Rutten + Erken te Herpen (stuk land genoemd De Gagell, Revolzielege) koopt De Gagell". De nazaten van Wellen Rutten woonde aan de Gagelsteeg (tegenwoordig Gagelstraat ten oosten van Mun) (BHIC 7618-121 pag. 0243)
1646 Sijmon Wellen Rutten (bewezen zoon van Wellen Rutten) pacht Hoeve Mun gevonden via Klooster Berne archief
Dit is precies dezelfde pachtstructuur als 1451-1487 (10 jaar, 10 mud rog Bornse maat, geleverd in Berne-gasthuis Den Bosch).
Dan vind ik een stukje erf geschiedenis over de familie in Commissie van Breda, Legger van cijnzen Schaijk 1691-1813 (80-1158) - BHIC Scans
Uit de leggers van Cijnzen zijn er 2 stukjes erf geschiedenis te lezen over grond die over is gegaan van Wellen Rutten op Sijmen Wellen Rutten en op volgende nazaten;
Legger van cijnzen Schaijk 1691-1813 (80-1158 pagina 512).
Dit stuk grond wordt doorgegeven aan Simon Wellen Rutten’s (tot mijn weten) enigste zoon Wellen Simons:
Simon Wellen Rutten bij versterf van sijnen vaeder Wellen Rutten gilt uijt huijs en hoff groot 4 mergen gelegen aen de Hooghe Heijde neffens Jan Simens en Bastiaen Hendricks, 1 stuiver, 8 denier. Folio (248)
Modo Wellen Simons bij versterf van sijn vaeder Simon Wellen Rutten voorschreven, 28 junij 1689.
Modo Hernsken de weduwe met haere 5 kinderen bij versterf van haeren respectivelijke man en vader Wellen Simon, 30 april 1695.
Modo Simen Wellens bij erfdeilinge, 13 december 1725.
Modo Jan Gerrits van der Putten bij versterff van sijn vrouwen vader Simon Wellens voorschreven en erffdeijlinge van den 5en meert 1755.Nevens Wilmijn de weduwe Bastian van Hoogstraete en Hendrick Derx van der Heijden.
Modo Jacobus Hendrik Bressers dij deijlinge met zijn schoonvader Jan Gerits van der Putten voorschreven, den 8 februari 1777.
Dit stukje grond zou volgens de kadaster indeling van 1832 in Schaijk Sectie A stuk 223 t/m 227 zijn waar in 1832 de kinderen van Jacob Bressers als eigenaar staan genoteerd. Wat overeen zou komen met Jacobus Hendrik Bressers die de grond in 1777 erft.
Legger van cijnzen Schaijk 1691-1813 (80-1158 pagina 517)
Dit stuk grond wordt doorgegeven aan Simon Wellen Rutten’s schoonzoon Evert Simons die getrouwd is met zijn dochter Helena Simon Wellens en zijn eigen dochter Gertie (Gertruda Simonis) :
Simon Wellen Rutten bij versterf van Wellen Rutten gilt uyt huijs en hoff groot 5 mergen gelegen aen de hooghe Heyde neffens Jan Simens en Bastiaen Hendricks ——————————————————— 1 Stu: 4. den: fol. 249.
⟨#⟩ en gertie
Modo Evert Simons # bij versterf van ⟨haren⟩ en schoon vader vader Simon Wellen Rutten voorsch. 28 Junij 1619 en Jantie? Willem?
Modo Arien Aert Ariens bij versterf en in de plaets van sijn ⟨trouwens?⟩ moeder Gertien voorsz., en schoon moeder
Modo Simon Evers bij erfcoop en in de plaets van Arien voorsz: 23 9ber 1725, oock bij versterf van sijn vader Evert voorsz. en erfdeilinge 23 10br 1730
⟨deese⟩ Modo Mar⟨ie⟩ ⟨de wed.⟩ Sijme Evers, met hare eenige soon by versterf van Syme voorsz. ⟨te⟩ Schayk d. 23 Sept. 1746 in plaets van Sijme Evers
Modo Mattijs Wilbers in plaets van Jantje Wilms d. 26e. Sept. 1752, door hem bij Coop verkregen van Hermanus Geurts: ut ante.
Modo Jenneken de weduwe met 5 kinderen bij versterff van haren ⟨respe⟩ man en vader Matthijs Wilberts voorsz., den 2en Junij 17⟨62⟩.
Nevens Hendrik Dirk van der Heijden, en Joannes Hendrik van Sittart
Modo Jan Sijmen Evers bij versterf van syne moeder Marie de weduwe Sijmen Evers voorsz.
Modo Geritje Janssen weduwe met twee kinderen bij versterf van haren man en vader respec.e Jan Sijmen Evers voorsz., den 18 Novemb. 1777.
Modo de vijf kinderen van Matthijs Wilbers bij versterf van hare moeder Jenneken de wede. voorsz., den 18 Novemb. 1777.
Modo Sijmen en Marie Jan Symens bij versterf van hare moeder Geritje weduwe van Jan Symen Evers voorsz., ƒ 14 april 1788.
Dit stuk grond heb ik via de kadaster kaarten van 1832 nog niet exact kunnen lokaliseren
Later in de 17e eeuw heb ik nog verschillende referenties gevonden van nazaten Wellen Rutten qua bezit;
1. Sijmon Wellens in Staat van landeigenaren onder de schepenbanken van Velp en Herpen, 1664 (BHIC 7625-134 pag. 11)
2. Evert Simons, neffen Marij wed Sijmon Everts andere zijde Sijmon Wellens in Register van de armenrenten van Herpen en Schaijk, bestaande uit rog- en geldrenten, 1680-1777 (BHIC 7625-157 pagina 32)
3. Handersken wellens met hof aan de gagelsteeg neffen Huybert Janssen Swaans en andere zijde erve Jenneken Wellens, later Willem Wellens met onderpant Willems Sijmen Wellens in Register van de armenrenten van Herpen en Schaijk, bestaande uit rog- en geldrenten, 1680-1777 (BHIC 7625-157 pagina 44)
4. De kinderen van Wellen Driessen met hof aan de gagelsteeg, later Jenneken Wellens neffen erve Willem Wellens en andere zijde de gemeene gagelsteeg
5. Evert Sijmons maakt bezwaar voor opgemeten grond in 1687 (BHIC 7625-97 pag. 2)
Tot slot heb ik gekeken naar de ‘dichtheid’ van nabije dorpen van Schaijk in DTB boeken op zoek termen als ‘Si*’ ‘Walr*’ ‘Rut*’ en ‘Wel*’ tot 1700.
Waarbij Schaijk op de zoektermen ‘Si*’ en ‘Walr*’ veruit het hoogste scoort qua naamsvermeldingen. Hieruit maak ik op dat die namen prominenter aanwezig waren dan in nabij gelegen dorpen zoals Herpen, Nistelrode, Reek, Velp, Heeswijk-Dinter, Berghem etc.