Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzicht

Joanna Catharina Merks

9 reacties

Erik Van Den Elsen

Afgelopen weekend bezocht ik het Gevangenismuseum in Veenhuizen. Mijn belangstelling voor die plek is persoonlijk. Mijn vader werd in 1931 geboren in Beek en Donk en groeide op tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na twee jaar militaire dienst in Nieuw-Guinea keerde hij begin jaren vijftig terug naar Nederland. Veel opleidingsmogelijkheden had hij niet gehad en uiteindelijk kwam hij terecht bij het gevangeniswezen. Zo belandde hij als gevangenbewaarder in Veenhuizen. Hoe precies voor die standplaats werd gekozen weet ik niet, maar die keuze bepaalde wel de loop van onze familiegeschiedenis. In Veenhuizen ontmoette hij namelijk mijn Friese moeder, met wie hij later trouwde.

Tijdens mijn bezoek aan het museum, een museum over gevangenissen, werd mijn aandacht getrokken door een naam op een informatiepaneel: Anna Katharina Merks. Niet alleen de achternaam viel mij op, maar ook het feit dat zij afkomstig was uit Best, het dorp waar ik zelf ben opgegroeid. Vanuit genealogische nieuwsgierigheid ben ik haar gaan onderzoeken.

Al snel bleek dat achter Anna Katharina een historische persoon schuilgaat die eigenlijk Joanna Merckx heette. Zij werd op 23 april 1742 in Best geboren als buitenechtelijke dochter van Dorothea Nicolaus Merckx en Joannes van der Aghter. Haar moeder overleed op 24 augustus 1748, waardoor Joanna al op zesjarige leeftijd wees werd.

Bij verder onderzoek ontdekte ik dat Joanna daadwerkelijk familie van mij is. Haar moeder Dorothea Merckx werd op 23 september 1712 in Best geboren als dochter van Nicolaus Henricus Merckx en Aleijdis Theodorus van Gelooven. Nicolaus was een zoon van Henricus Nicolaus Merks en Catharina Henricus Blockx. Dit echtpaar behoort ook tot mijn eigen voorouders. Daarmee blijkt Anna Katharina Merks een verre verwante te zijn.

Haar levensverhaal is opmerkelijk en tragisch. Als wees leidde zij een zwervend bestaan. Uiteindelijk probeerde zij door diefstallen in haar levensonderhoud te voorzien. In het voorjaar van 1763 trok zij vanuit Amsterdam door Holland en pleegde verschillende inbraken en diefstallen bij boeren in de omgeving van Rotterdam, Charlois, Dordrecht en Gouderak. De buit bestond voornamelijk uit kledingstukken, sieraden en gebruiksvoorwerpen, die voor relatief geringe bedragen werden verkocht.

Op 19 mei 1763 liep het mis. Na een diefstal in de omgeving van Kralingen werd zij aangehouden door een veldwachter. Haar verklaring dat zij de goederen onderweg van een onbekende man had gekocht, overtuigde niemand. Zij werd opgesloten in de gevangenis van het Rotterdamse stadhuis.

Na verschillende verhoren bekende zij de diefstallen. Op 21 juni 1763 werd zij door de rechtbank van Schieland ter dood veroordeeld. Tegenwoordig is het nauwelijks voorstelbaar dat iemand voor een aantal diefstallen de doodstraf kreeg, maar in de achttiende eeuw was dat geen uitzonderlijke straf.

Juist daardoor kreeg haar verhaal zoveel bekendheid. Tijdens haar laatste weken in de gevangenis werd zij bezocht door de Rotterdamse krankenbezoeker Leendert van ’t Hof. Volgens de verslagen die kort na haar dood werden gepubliceerd, kwam zij in die periode tot een diepgaande religieuze bekering. Die geestelijke ommekeer maakte destijds grote indruk en zorgde ervoor dat haar levensgeschiedenis gedurende meer dan twee eeuwen herhaaldelijk werd herdrukt.

Op 19 juli 1763 werd Anna Katharina Merks in Rotterdam geëxecuteerd door middel van het wurgtouw. Wat begon als een zoektocht naar de geschiedenis van mijn vader in Veenhuizen, bracht mij onverwacht bij een jonge vrouw uit Best, geboren in 1742, die via een zijtak van de familie Merckx ook deel uitmaakt van mijn eigen stamboom. Juist die combinatie van familiegeschiedenis, lokale geschiedenis en een uitzonderlijk levensverhaal maakte deze ontdekking voor mij bijzonder.

9 reacties

  • Erik Van Den Elsen11 jun 2026, 12:32

    Samenvatting

    Het verhaal van Anna Katharina Merks speelt zich af in Rotterdam in juli 1763. De auteur presenteert haar geschiedenis niet in de eerste plaats als een misdaadverhaal, maar als een verslag van een opmerkelijke geestelijke verandering die plaatsvond in de laatste weken van haar leven. Anna Katharina bevindt zich in de gevangenis en is ter dood veroordeeld wegens een reeks diefstallen en inbraken. In de ogen van de schrijver is haar geschiedenis een voorbeeld van hoe iemand die diep gezonken is in zonde en misdaad, op het laatste moment door Gods genade kan worden veranderd.

    Een ongelukkige jeugd

    Anna Katharina werd geboren als buitenechtelijk kind. Al op jonge leeftijd verloor zij haar moeder en groeide zij grotendeels zonder opvoeding of bescherming op. Daardoor leerde zij nooit een stabiel of ordelijk leven kennen. Zij zwierf rond en kwam uiteindelijk terecht in Amsterdam, waar zij als verkoopster werkte voor een galanteriekramer. Ze was ondernemend en slim en begon later voor zichzelf te handelen.

    In haar jeugdige onervarenheid raakte zij betrokken bij een soldaat die haar trouw beloofde. Ze vertrouwde hem volledig, maar werd door hem verlaten toen zij zwanger werd. Haar eerste kind leefde slechts enkele weken. Deze teleurstelling maakte haar bitter. Zonder familie, zonder geld en zonder steun zag zij weinig perspectief voor haar toekomst.

    Om te overleven begon zij te stelen. Haar leven werd een aaneenschakeling van zwerven, losse relaties en diefstallen. Opnieuw raakte zij zwanger. Ook haar tweede kind stierf. Zij werd in Vianen gevangen gezet en gestraft voor diefstal, maar haar geweten leek nauwelijks geraakt. Na haar vrijlating hervatte zij haar oude leven. Uiteindelijk werd zij opnieuw betrapt, ditmaal in de omgeving van Rotterdam, waarna zij werd gearresteerd en opgesloten.

  • Erik Van Den Elsen11 jun 2026, 12:33

    De eerste ontmoeting met Van ’t Hof

    Op 5 juli 1763 bezoekt de Rotterdamse krankenbezoeker Leendert van ’t Hof haar in de gevangenis. Anna Katharina weet op dat moment nog niet dat haar executie nabij is. Zij is opvallend rustig en lijkt weinig onder de indruk van haar situatie.

    Tijdens hun eerste gesprek blijkt hoe weinig geestelijke kennis zij bezit. Wanneer Van ’t Hof haar vraagt naar God, zonde en verantwoordelijkheid, geeft zij eenvoudige en vaak ontwijkende antwoorden. De schuld van haar leven legt zij vooral bij de duivel en de omstandigheden. Van een diep besef van eigen verantwoordelijkheid is nog nauwelijks sprake.

    Van ’t Hof probeert haar duidelijk te maken dat ieder mens persoonlijk verantwoordelijk is voor zijn daden en dat het kwaad niet van God afkomstig is. Langzaam wordt Anna Katharina geconfronteerd met de ernst van haar situatie. Niet alleen haar naderende doodstraf, maar vooral haar verhouding tot God wordt onderwerp van gesprek.

    De boodschap dat zij spoedig zal sterven, grijpt haar zichtbaar aan. Voor het eerst begint zij werkelijk na te denken over haar leven en over wat haar na de dood te wachten staat.

    Ontwaken van haar geweten

    In de dagen die volgen bezoeken Van ’t Hof en andere geestelijke verzorgers haar regelmatig. Langzamerhand verandert haar houding. Waar zij aanvankelijk vrijpostig en onverschillig was, wordt zij stil, nadenkend en onrustig.

    Steeds vaker spreekt zij over haar zonden. De herinneringen aan haar leven beginnen haar te achtervolgen. Ze beseft dat zij niet alleen tegen mensen, maar ook tegen God gezondigd heeft. De ernst van haar schuld dringt steeds dieper tot haar door.

    De gesprekken met de krankenbezoekers draaien voortdurend om dezelfde vragen: Wie is God? Wat is zonde? Kan iemand met zo’n verleden nog vergeving ontvangen? Wat betekent het werk van Christus?

    Anna Katharina worstelt intens met deze vragen. Zij ziet haar leven als één grote opeenstapeling van schuld. Juist omdat haar verleden zo donker is, kan zij nauwelijks geloven dat er voor haar nog hoop bestaat.

  • Erik Van Den Elsen11 jun 2026, 12:34

    Strijd tussen wanhoop en hoop

    Het grootste deel van het boek beschrijft de geestelijke strijd die zich in haar binnenste afspeelt. Soms lijkt zij weg te zinken in wanhoop. Dan ziet zij alleen haar zonden, haar mislukte leven en het naderende oordeel.

    Op andere momenten ontstaat er hoop. Door het lezen van de Bijbel, door gebed en door de gesprekken met Van ’t Hof wordt haar aandacht steeds meer gericht op Christus als Verlosser van zondaren.

    Deze afwisseling tussen angst en hoop vormt de kern van het verhaal. Anna Katharina beschouwt zichzelf als een verloren mens. Tegelijk wordt haar voorgehouden dat Gods genade juist bestemd is voor verloren mensen.

    De krankenbezoekers proberen haar niet gerust te stellen met oppervlakkige woorden. Integendeel, zij benadrukken zowel de ernst van Gods rechtvaardigheid als de rijkdom van Gods genade. Hierdoor wordt haar geestelijke worsteling alleen maar intenser.

    De ommekeer

    Na verloop van tijd komt er een duidelijke verandering in haar spreken. Waar zij eerst vooral over haar schuld sprak, begint zij steeds vaker te spreken over Christus.

    Langzaam groeit in haar de overtuiging dat de verlossing niet afhankelijk is van haar eigen verdiensten of verbetering, maar volledig rust op het werk van Jezus Christus. Zij leert dat vergeving niet verdiend kan worden, maar geschonken wordt uit genade.

    Deze overtuiging brengt een merkbare rust in haar leven. Niet dat alle twijfels verdwijnen, maar haar aandacht verschuift van zichzelf naar Christus. De angst voor de dood maakt geleidelijk plaats voor verlangen naar de eeuwigheid.

    De bezoekers merken dat haar woorden veranderen. Zij spreekt met meer nederigheid, meer liefde en meer ernst. Ook tegenover anderen toont zij een oprechte bewogenheid. Zij waarschuwt medegedetineerden en bezoekers om niet dezelfde weg te gaan als zij gegaan is.

    De dagen voor de executie

    Naarmate de dag van de terechtstelling dichterbij komt, wordt Anna Katharina opvallend standvastig. De gedachte aan de dood blijft indrukwekkend, maar overheerst haar niet meer.

    Ze spreekt openlijk over haar vertrouwen op Christus. Ze beschouwt zichzelf nog steeds als een grote zondares, maar gelooft dat Gods genade groter is dan haar schuld.

    Velen komen haar bezoeken. Sommigen uit nieuwsgierigheid, anderen uit medeleven. Haar houding maakt diepe indruk. De jonge vrouw die eerder zorgeloos en onverschillig leefde, spreekt nu ernstig en bewogen over de eeuwigheid.

    Ze neemt afscheid van verschillende mensen en gebruikt deze gelegenheden om hen te wijzen op de noodzaak van bekering. Daarbij presenteert zij zichzelf als een voorbeeld van iemand die door eigen schuld verloren lag, maar toch hoop heeft gevonden.

    Het openbaar uitspreken van het vonnis

    Volgens de toenmalige gewoonte wordt het doodvonnis nogmaals officieel aan haar voorgelezen. Dit gebeurt in het openbaar. Voor de aanwezigen vormt dit een indrukwekkend moment.

    Anna Katharina reageert niet met verzet of bitterheid. Zij erkent haar schuld tegenover de wereldlijke overheid. Tegelijk spreekt zij over de genade die zij naar eigen overtuiging van God ontvangen heeft.

    Haar rust en ernst maken indruk op omstanders. De auteur gebruikt deze gebeurtenissen om te laten zien hoe sterk haar innerlijke verandering volgens hem is geweest.

  • Erik Van Den Elsen11 jun 2026, 12:40

    De laatste tocht

    Op de dag van de executie wordt zij vanuit de gevangenis naar de plaats van terechtstelling geleid. Onderweg wordt zij begeleid door de krankenbezoekers, die met haar spreken, bidden en psalmen zingen.

    Hoewel zij weet dat zij binnen korte tijd zal sterven, blijft zij opmerkelijk kalm. Haar aandacht is niet meer gericht op het aardse leven dat zij verliest, maar op de eeuwigheid die zij verwacht binnen te gaan.

    De menigte kijkt toe. Voor velen is het een openbare terechtstelling; voor de schrijver van het boek is het vooral het laatste hoofdstuk van een geestelijke levensweg.

    De executie

    Vlak voor haar dood stelt Van ’t Hof haar nog enkele vragen. Hij wil weten waarop haar hoop voor de eeuwigheid werkelijk rust.

    Zijn belangrijkste vraag luidt feitelijk: wat is de grond van haar verwachting? Haar antwoord is ondubbelzinnig. Niet haar berouw, niet haar lijden, niet haar bekeringservaringen, maar uitsluitend de gerechtigheid van Jezus Christus.

    Wanneer haar gevraagd wordt of dit haar enige grond van hoop is, bevestigt zij dit nadrukkelijk. Haar laatste uitgesproken woorden verwijzen naar Christus als Degene die voor haar zonden betaald heeft.

    Daarna wordt het doodvonnis voltrokken. Omdat het koord reeds is aangebracht, kan zij niet meer spreken. Op de laatste woorden van Van ’t Hof reageert zij nog slechts door tweemaal instemmend met haar hoofd te knikken. Vervolgens sterft zij.

    De boodschap van het boek

    Het boek is duidelijk geschreven vanuit een gereformeerd-piëtistische overtuiging. Het doel is niet om medelijden op te wekken met een ter dood veroordeelde vrouw of om kritiek te leveren op het strafrecht van de achttiende eeuw. De schrijver richt zich vrijwel volledig op haar geestelijke verandering.

    Anna Katharina wordt voorgesteld als iemand die alle kenmerken bezit van een verloren mens: buitenechtelijk geboren, wees geworden, zwervend, onzedelijk levend, meermaals moeder van gestorven kinderen, veroordeeld wegens diefstal en uiteindelijk ter dood gebracht. Juist daarom wordt haar bekering door de auteur gezien als een krachtig bewijs van Gods vrije genade.

    De centrale boodschap luidt dat niemand te diep gevallen is om door God gered te worden. Tegelijk benadrukt het boek dat de mens zichzelf niet kan redden. Alleen door Christus is er vergeving mogelijk.

    Het verhaal eindigt met een gedicht dat dezelfde gedachte verder uitwerkt: Gods genade kan zelfs in een gevangenis een zondaar veranderen, en zelfs vlak voor de dood kan iemand nog tot geloof komen. De nadruk ligt voortdurend op de overwinning van Christus over zonde, satan en dood.

    Conclusie

    De levensbeschrijving van Anna Katharina Merks is zowel een gevangenisverhaal als een bekeringsverhaal. Het beschrijft de laatste veertien dagen van een jonge vrouw die wegens diefstal ter dood veroordeeld was. Vanuit een leven vol armoede, verwaarlozing, zonde en misdaad komt zij volgens de schrijver tot een diep schuldbesef en uiteindelijk tot geloof in Christus. Haar laatste dagen worden gekenmerkt door een intense geestelijke strijd, gevolgd door rust en zekerheid. Op de executieplaats verklaart zij dat haar enige hoop ligt in de verzoening door Jezus Christus, waarna zij haar dood tegemoet gaat. Voor de auteur vormt haar leven een bewijs dat Gods genade zelfs de meest verloren zondaar kan bereiken.

  • Erik Van Den Elsen11 jun 2026, 12:41

    De laatste tocht

    Op de dag van de executie wordt zij vanuit de gevangenis naar de plaats van terechtstelling geleid. Onderweg wordt zij begeleid door de krankenbezoekers, die met haar spreken, bidden en psalmen zingen.

    Hoewel zij weet dat zij binnen korte tijd zal sterven, blijft zij opmerkelijk kalm. Haar aandacht is niet meer gericht op het aardse leven dat zij verliest, maar op de eeuwigheid die zij verwacht binnen te gaan.

    De menigte kijkt toe. Voor velen is het een openbare terechtstelling; voor de schrijver van het boek is het vooral het laatste hoofdstuk van een geestelijke levensweg.

    De executie

    Vlak voor haar dood stelt Van ’t Hof haar nog enkele vragen. Hij wil weten waarop haar hoop voor de eeuwigheid werkelijk rust.

    Zijn belangrijkste vraag luidt feitelijk: wat is de grond van haar verwachting? Haar antwoord is ondubbelzinnig. Niet haar berouw, niet haar lijden, niet haar bekeringservaringen, maar uitsluitend de gerechtigheid van Jezus Christus.

    Wanneer haar gevraagd wordt of dit haar enige grond van hoop is, bevestigt zij dit nadrukkelijk. Haar laatste uitgesproken woorden verwijzen naar Christus als Degene die voor haar zonden betaald heeft.

    Daarna wordt het doodvonnis voltrokken. Omdat het koord reeds is aangebracht, kan zij niet meer spreken. Op de laatste woorden van Van ’t Hof reageert zij nog slechts door tweemaal instemmend met haar hoofd te knikken. Vervolgens sterft zij.

  • Erik Van Den Elsen11 jun 2026, 12:41

    De boodschap van het boek

    Het boek is duidelijk geschreven vanuit een gereformeerd-piëtistische overtuiging. Het doel is niet om medelijden op te wekken met een ter dood veroordeelde vrouw of om kritiek te leveren op het strafrecht van de achttiende eeuw. De schrijver richt zich vrijwel volledig op haar geestelijke verandering.

    Anna Katharina wordt voorgesteld als iemand die alle kenmerken bezit van een verloren mens: buitenechtelijk geboren, wees geworden, zwervend, onzedelijk levend, meermaals moeder van gestorven kinderen, veroordeeld wegens diefstal en uiteindelijk ter dood gebracht. Juist daarom wordt haar bekering door de auteur gezien als een krachtig bewijs van Gods vrije genade.

    De centrale boodschap luidt dat niemand te diep gevallen is om door God gered te worden. Tegelijk benadrukt het boek dat de mens zichzelf niet kan redden. Alleen door Christus is er vergeving mogelijk.

    Het verhaal eindigt met een gedicht dat dezelfde gedachte verder uitwerkt: Gods genade kan zelfs in een gevangenis een zondaar veranderen, en zelfs vlak voor de dood kan iemand nog tot geloof komen. De nadruk ligt voortdurend op de overwinning van Christus over zonde, satan en dood.

    Conclusie

    De levensbeschrijving van Anna Katharina Merks is zowel een gevangenisverhaal als een bekeringsverhaal. Het beschrijft de laatste veertien dagen van een jonge vrouw die wegens diefstal ter dood veroordeeld was. Vanuit een leven vol armoede, verwaarlozing, zonde en misdaad komt zij volgens de schrijver tot een diep schuldbesef en uiteindelijk tot geloof in Christus. Haar laatste dagen worden gekenmerkt door een intense geestelijke strijd, gevolgd door rust en zekerheid. Op de executieplaats verklaart zij dat haar enige hoop ligt in de verzoening door Jezus Christus, waarna zij haar dood tegemoet gaat. Voor de auteur vormt haar leven een bewijs dat Gods genade zelfs de meest verloren zondaar kan bereiken.

  • Erik Van Den Elsen11 jun 2026, 12:44

    Even voor de duidelijkheid, zelf ben ik niet gelovig!

  • LisetteBHIC11 jun 2026, 14:28

    Beste Erik, hartelijk dank voor het delen van dit tragische verhaal van één van je voorouders. Heb je misschien hulp nodig bij het verder uitzoeken van je stamboom? Dan kun je je vragen hier stellen.

    Voor het delen van verhalen en onderzoeken kun je eventueel zelf een verhaal schrijven voor op onze website, mocht je dat leuk vinden. Hier vind je alle informatie hierover: bhic.nl/ontdekken/verhaal-insturen (opent in een nieuw tabblad)

  • Willy14 jun 2026, 18:35

    Prachtig verhaal Erik! Dank voor het delen!

Je ziet 9 van 9 reacties

Neem contact op met

Log in om contact op te nemen. Alleen ingelogde gebruikers met een bevestigd e-mailadres kunnen een bericht sturen.

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.