Dan deze nog: Suzanne (Maria) Caspers van de(r) Poel(l), geb. ca. 1700 te Grave. Zij huwt NG Grave op 31.3/ RK 15.4.1731 (get. Gregorius v.d. Wielen en Helena Laroche) met Arnoldus van Boe(c)kel(t)/ Bo(e)ckholt, beiden van Grave. Arnoldus is z.v. Jan Ariens van Boeckelt x NG Heumen/RK Grave 16.4/1.5.1701 Jacomina/Jacoba (geb. 1673; wed. Lambert de Goos), d.v. Jacob Jans van Erp x 1672 Deriske Rutten Jacobs van Steenhuijs/Stenis (xx 1674 Wouter Cornelissen; xxx 1685 Hans van Demen). Susanna en Arnoldus overl. na 22.3.1757/vóór 1.8.1759. Uit hun huwelijk o.m. Jacoba en Caspar van Boekel. Hoe hangt Jan Ariens van Boeckelt/holt aan bovenstaande tak ?
Verder heb ik nog:
Grave 1674. Huwelijksvoorwaarden tussen Derrick van Boeckholt, zoon van Peter van Boeckholt en Johanna Peters e.l. bijgestaan door zijn ouders en Maria Hermans, weduwe van Jacob Braningh met haar zwager Cornelis Coeberch als momboir.
Grave 1677. Cornelis Coeberch als man en momboir van Jenneken Braningh, Gerard de Quaij, gehuwd met Agnes Braningh, Willem Schetter als vader en voogd van zijn onmondige kinderen uit zijn eerste huwelijk met wijlen Marije Braningh, Derck van Boeckholt als man en momboir van Marije Hermans en die als moeder en voogdes van haar onmondige kinderen uit haar eerste huwelijk met wijlen Jacob Braningh, Derck Croon als man en momboir van Thunnisken Greven tevoren weduwe van Gysbert Braningh, bij wie zij twee kinderen heeft met Gerard de Quaij als momboir alle kinderen en erfgenamen van Wolter Braningh en Jenneken Rutten gewezen e.l.
Grave 1689. Cornelia Leunissen, weduwe van Gillis Coeberch als grootmoeder en voogdes van de kinderen van wijlen haar dochter Drissina Coeberch uit haar huwelijk met Arnold van Boeckholt, die nu buitenslands is met haar zoon Cornelis Coeberch als momboir, dezelfde Cornelis Coeberch mede als moederlijke oom en momboir van zijn zusters kinderen verklaren zich akkoord met de akte van afstand van Maria vande Haselberch, weduwe van Adolph van Boeckholt voor zichzelf en als moeder en voogdes van haar onmondige kinderen naast Willem Clomp als vaderlijke neef en momboir van deze kinderen voor mij notaris en getuigen dd. 19.7.1686 van het fideicommis, waarmee wijlen Derck van Boeckholt, vader van de voornoemde Arnold van Boeckholt bij testament dd. 11.9.1678 de goederen van zijn zoon Jan van Boeckholt had bezwaard; ook zij doen hiervan afstand.
Grave 1686. Maria vanden Haselenbergh, weduwe van Adolph van Boeckholt met haar broer Hendrick vanden Haselenberch als momboir voor zichzelf en als moeder en voogdes van haar onmondige kinderen en zich sterk makend voor haar schoonzoon Matthijs Coeberch en haar dochter Maria van Boeckholt, Willem Clomp neef van vaderszijde als momboir van deze onmondigen verklaren af te zien van het fideicommis, waarmee wijlen Derck van Boeckholt, vader van wijlen de echtgenoot van comparante bij testament dd. 11.9.1678 de goederen van zijn zoon Jan van Boeckholt heeft bezwaard, zulks omdat zij van hun zwager Jan van Boeckholt krachtens magescheid vijfhonderdvijftig gulden kapitaal te eisen hebben.
Grave 1655. Huwelijksvoorwaarden/huw. NG/schepenen Grave 12/27.6.1655 tussen Dierck van Boickholt, brouwer, weduwnaar (huw. NG Grave 27.6.1638) van Meritje van Horn (begr. in de kerk, 3 kwartier overluid NG Grave 15.5.1654) met zijn zwager Willem van Uhrmondt als momboir en Mechtildis Jelissen Brouwers, jonge dochter van David Jelissen Brouwers en Alegunda van Kerpen e.l. met haar vader als momboir en mede in aanwezigheid van haar moeder. Mechteld NG Grave begr. 12.5.1660 in de kerk, 1 uur overluid. Deze Derick hertr. NG Grave 22.9.1663 Otiien Raets, wed. Aert Rommen. Ottien begr. NG Grave in de kerk, 1 uur overluid.
Grave 1678. Testament van Derck van Boeckholt, brouwer, weduwnaar van Meritjen van Horn.
Grave 1681. Derck van Boeckholt, brouwer verklaart met zijn twee zonen Adolph en Jan van Boeckholt, verwekt bij Merritje van Hoorn minnelijk te zijn overeengekomen ter schikking van hun geschillen, dat hij aan zijn zonen en wijlen zijn dochter Aleken van Boeckholt als hun moederlijk goed heeft betaald een som van 1300 gulden elk; comparant heeft bij versterf recht op de 1300 gulden van Aleken, maar ziet daarvan af ten behoeve van Adolph en Jan van Boeckholt om na zijn dood in volle eigendom te worden aanvaard, zonder dat dan in collatie zal mogen worden gebracht wat Jan van Boeckholt enige jaren geleden en ten tijde van zijn absentie gedebourseerd zou zijn; na zijn overlijden zullen zijn goederen worden gelijkelijk worden gedeeld tussen zijn voor - en nakinderen volgens lands- en stadsrecht, getekend door schepenen, comparant en Willem Clomp als vriend.
Grave 1667. Waltherus de Goey MD, Josina de Goey (wed.Cornelis Loeffs), Anthoni de Meyer, gehuwd met Anna de Goey, Hendrick de Quaey, Derck van Boeckholt en Herman van Hoorn als momboirs van de onmondige kinderen van Nicolaes en Willem Clomp, verwekt bij resp. wijlen Aleken en Geertjen de Goey, kinderen en erfgenamen van Joost de Goeij en Geertruijt de Quaey gewezen e.l.
Grave 1681. Codicil van Derck van Boeckholt, de oude brouwer, weduwnaar van Mechteldt Brouwers. Dirck van Boecholt begr. NG Grave in de kerk, 1 uur overluid 12.4.1681.
Grave 1682. In verband met het proces voor het gericht te Grave tussen Arnold van Boeckholt, zoon van wijlen Derck van Boeckholt en wijlen Mechteld Brouwers, die een dochter was wijlen David Gielissen Brouwers in diens eerste huwelijk met wijlen Beelken van Nuijss voor zichzelf en met cessie van zijn vader Derck van Boeckholt enerzijds en Alegunda van Kerpen, laatste weduwe van David Gielissen Brouwers anderzijds zulks met als inzet een inventaris van al zijn grootvaderlijke en grootmoederlijke goederen zowel bij leven als na hun dood en betaling van hetgeen hem daaruit toekomt, gelet op het feit dat Alegunda van Kerpen is overleden en het haar kinderen en erfgenamen met name Gillis, Johannes en Christiaen Brouwers onmogelijk was dit te presteren, sluiten Arnold van Boeckholt voornoemd en Drijssijn Coeberch e.l., bijgestaan door Arnold Verheijen IUL en Gerard Coeberch MD enerzijds en Gillis, Johannes en Christiaen Brouwers, bijgestaan door Leonard Blomen [tekent zelf Bloemen], scholtis der vrije heerlijkheid Boxmeer en de notaris Ludolph de Haen
anderzijds een minnelijk akkoord.
Grave 1654. Testament van Derck van Boickholt, brouwer en Meritjen Vervoort e.l.