Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Het PARDONS-project: gratiebrieven als bron voor alledaagse Noord-Brabantse geschiedenis

Het PARDONS-project: gratiebrieven als bron voor alledaagse Noord-Brabantse geschiedenis

Margot America

25 augustus 2022

Aangezien er ook veel Noord-Brabants materiaal tussen zit, is het projectteam op zoek naar Brabantse vrijwilligers

Het Belgische Rijksarchief in Brussel bewaart duizenden gratiebrieven, maar ondanks hun uitzonderlijke historische waarde zijn ze jammer genoeg nog nauwelijks ontsloten en bestudeerd. Het PARDONS-project brengt daar verandering in en maakt gratiebrieven toegankelijk voor onderzoek door ze te digitaliseren, van metadata te voorzien en te transcriberen. Daarvoor zijn ze op zoek naar vrijwilligers. De verborgen verhalen zijn goud voor (lokale) historici en genealogen.

Gratie vragen aan de vorst
Wie in het ancien régime voor een ernstig misdrijf werd vervolgd, een zware straf had gekregen of riskeerde, kon daarvoor gratie vragen aan de vorst. In de verleende gratiebrief staat het relaas van het misdrijf – doodslag, fraude, schaking, een religieuze overtreding, ambtsmisbruik, … – vaak tot in de details opgetekend. De levendige verhalen over conflicten, geweld en ontwrichting van het dagelijkse leven bieden een unieke blik op alledaagse lokale geschiedenis. De verborgen verhalen in deze gratiebrieven zijn van belang voor verschillende historische disciplines, niet in het minst voor lokale historici en genealogen. Het Belgische Rijksarchief bewaart duizenden pardonbrieven, die door de Bourgondische en Habsburgse vorsten aan hun onderdanen werden verleend. Een substantieel aantal brieven betreft de gewesten die zich tijdens de Opstand afscheidden van het Spaanse gezag.

Ondanks hun uitzonderlijke historische waarde zijn deze gratiebrieven nog nauwelijks ontsloten en bestudeerd. In augustus 2021 ging daarom het PARDONS-project van start, dat deze unieke collectie gratiebrieven toegankelijk zal maken en zal valoriseren. Daarvoor is het onderzoeksteam op zoek naar vrijwilligers, die meehelpen met de transcriptie en de ontsluiting van deze omvangrijke bronnenreeks. In de eerste fase worden gratiebrieven uit het archief van de Rekenkamer van Brabant getranscribeerd, met daarin tientallen brieven m.b.t. het huidige Noord-Brabant. De verhalen van de spijtbetuigende misdadigers bieden een fascinerende kijk op het dagelijkse leven tijdens het Ancien Regime. Ze leren ons over sociale relaties en activiteiten, materiële geschiedenis, beroepsgroepen, religieuze cultuur, mobiliteit en zoveel meer.

Interesse?
Interesse om mee te werken aan het PARDONS-project en onontgonnen stukjes Noord-Brabantse geschiedenis te ontdekken? Dan kan je je aanmelden bij Gert Gielis, de projectverantwoordelijke van PARDONS bij het Belgische Rijksarchief. Hij helpt je graag op weg en voorziet in de verdere ondersteuning van de vrijwilligers. Op dinsdag 27 september kan je een webinar volgen waarin het project wordt toegelicht. Hier kan je je aanmelden voor de webinar. Een project voor de liefhebbers van smeuïge verhalen, historische sensaties en paleografie!

Remissiebrief voor Jan Slave (Algemeen Rijksarchief, Rekenkamer van Brabant, nr. 637, f.20-22v). De winter van 1521-1522, exact 500 jaar geleden, was bitter koud. Geen weer om een dak te vervangen. Bij gebrek aan werk leden de Brusselse dakdekker Jan Slave en zijn vrouw armoede. Zijn knorrende maag zette Jan aan tot een vermetel plan: een inbraak in het paleis op de Coudenberg. Misschien had hij gehoord over de schatten en de rijkdom in het paleis, over het goud en de edelstenen uit de Nieuwe Wereld. Enkele juwelen kon de keizer missen, toch?
Via een wenteltrap en een geforceerde deur wist hij op de zolder boven de juwelenkamer te komen. Hij verwijderde enkele plafondplanken en liet zich aan een touw zakken. Zijn buit bestond uit ‘xvii oft achthien gouden cloecxkens oft bellekens’ – van een halsband gesneden –, ‘vier gouden stucken mit zekeren gesteynte ende paternosterkens’. Een deel van de buit had Jan reeds verkocht toen hij werd gearresteerd en opgesloten in de stadsgevangenis. Uit vrees voor een zware straf vroeg hij via de Raad van Brabant gratie aan de vorst. Landvoogdes Margareta en haar raadgevers waren inschikkelijk, op voorwaarde dat Jan de gerechtskosten betaalde. Zo’n half jaar na de feiten, in juli 1522, verkreeg Jan zijn remissie- of gratiebrief, die hem van verdere rechtsvervolging ontsloeg.

Nooit ons laatste nieuws missen?   Meld je aan voor onze nieuwsbrief!

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Het PARDONS-project: gratiebrieven als bron voor alledaagse Noord-Brabantse geschiedenis | BHIC