Het boeide me al toen ik nog een kind was, dat prachtige landgoed, genaamd “De Barendonk“. Het werd omsloten door een slingerende gracht, waar eenden de bezoeker verwelkomden. Een brug met daarachter een oprijlaan van sierlijke paardenkastanjebomen.

Aan beide zijden van de laan lagen machtige boomgaarden met goudrenetten. Als jonge knaap ging ik hier vaak appels plukken, voor die felbegeerde fiets.
Het landgoed ”De Barendonk” heeft een rijke geschiedenis. De naam kwam al voor in de tijd van Jan van Cuijk (1308). Het gebied rondom het landgoed heet De Baren. Die naam is afgeleid van de mannelijke zwijnen die hier voedsel zochten. In de tijd van Jan van Cuijk werd er veel gejaagd op die dieren, die volop voorkwamen tussen Cuijk en het gebied Tongelaar.
Donk betekent een hoger gelegen gebied. Het bouwen op een ‘donk’ was vanwege de natte omgeving noodzakelijk. De Barendonk was dus eens een rustplaats voor de zwijnenjagers.

Het huidige landhuis stamt in ieder geval uit het begin van de zeventiende eeuw: het klokje in het torentje draagt het jaartal 1624. Rond 1650 werd het landgoed bewoond door Ludolf de Quay, die een broer was van de stamvader van Jan de Quay. Toen de laatste nazaat van deze tak van de familie De Quay in 1803 kinderloos overleed, ging het bezit over naar ene Matthias Adrianus Snoek.
In 1794 belegerden en plunderden Franse soldaten het landgoed en landhuis. De bewoners vluchtten naar Grave. Tegenwoordig is er een wandelpad over wat eens de vluchtroute was voor mens en dier. Het zogenaamde “Beerse Pieterburenpad“ loopt van Beers naar Gassel. Het landgoed De Barendonk is aangesloten bij BoerderijUitjes. Hier krijgt men tekst en uitleg omtrent het gebeuren rond en op het landgoed. Men kan er recreëren op de plassen, genieten van de natuur en zelfs overnachten. Het landgoed heeft dan wel een metamorfose ondergaan, maar het blijft in trek bij jong en oud.
