Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
De maasdijken in één hand

De maasdijken in één hand

Henk Buijks

21 juli 2016

Bijgewerkt op 22 januari 2021

In 1920 en 1926 braken de Maasdijken op meerdere plaatsen. Grote delen van Noordoost-Brabant en van Gelders Maas en Waal liepen onder water. Ondertussen werkte ingenieur C.W. Lely hard aan zijn rapport over het – veel te geringe - afvoervermogen van de Maas. Het vormde de basis voor het Plan-Lely, de Maaskanalisatie, die in de jaren ’30 zou worden uitgevoerd.

Dijkhuisje in Oijen (foto: Henk Buijks)
Dijkhuisje in Oijen (foto: Henk Buijks)

De Brabantse provinciebestuurders beseffen dat de verhoogde en versnelde afvoer van het Maaswater betere en hogere dijken vereist dan de bestaande. Vanwege de te verwachten bochtafsnijdingen komen er natuurlijk nieuwe dijken, maar niet overal. Bestaande dijken zullen dus moeten worden verzwaard en verhoogd. Maar misschien nog belangrijker: beheer en onderhoud zullen overal op dezelfde manier moeten geschieden, en dat kan alleen door één instantie de verantwoordelijkheid te gunnen.

Dat is echt iets nieuws in Noordoost-Brabant, want al eeuwenlang behoort het onderhoud van de Brabantse Maasdijken tot het takenpakket van plaatselijke polderbestuurders ofwel heemraden. Van de uitmonding van de Dieze bij ’s-Hertogenbosch tot Gewande zijn dat de heemraden van de Polder van Empel en Meerwijk. Daar wordt het stokje overgenomen door hun collega’s van het Laag Hemaal, die de waterstaatstaken vervullen in Alem, Maren en Kessel. De dijk onder Lith en Lithoijen is een zaak van de heemraden van het Hoog Hemaal, overigens wel nadat de Lithse schepenen honderden jaren lang voor hun eigen dijk hebben gezorgd. Oijen en Teeffelen hebben weer gezamenlijke heemraden en dat geldt ook voor Macharen, Megen en Haren. Dieden is eveneens een eigen dijkbestuur rijk, en ook het Land van Ravenstein zorgt voor zichzelf.

Toch was het tot de 19e eeuw nog ingewikkelder: het oude graafschap Megen en het Land van Ravenstein hoorden toen niet bij Nederland, maar in 1926 is dat gelukkig verleden tijd. Alles bijeengenomen toch een ingewikkelde situatie! Maar daar komt dus op 29 juli 1926 een einde aan, want Provinciale Staten besluiten dan, beheer en onderhoud van de hele Maasdijk van de Dieze tot de Limburgse grens te gunnen aan het onlangs opgerichte Waterschap De Maaskant. De dijkverbetering zal 2½ miljoen gulden kosten, te betalen door drie partijen: het Rijk, de Provincie en het Waterschap. Helaas doet het Rijk uiteindelijk niet mee, zeer tot ongenoegen van Provincie en Waterschap, die dus de kosten samen moeten opbrengen.

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.