In mijn jarenlange praktijk van het ontsluiten en optekenen van archiefstukken van allerlei aard heb ik al aardig wat gezien in legio bronnen, maar het onderstaande verhaal spant wel de kroon. Het originele taalgebruik heb ik zoveel mogelijk letterlijk overgenomen.

(bron: Rijksmuseum nr. RP-P-OB-102.994 (opent in een nieuw tabblad). Publiek domein)
Maria Dirk van der Steen, vrouw van koperslager Jacobus Smolders, is gehuwd in 1761, maar in dat huwelijk trof ze het niet want hij bezorgde haar ‘alle smerte, droefheijt en angste niet alleen door het vertragen van zijn arbeijt, maar ook door geduerige slempereijen, dronkenschap, tieren, vloeken en keijven en dat ze menigmael haeren voornoemde man van weegens gemelde wangedrag heeft tragten te weerhouden, te sluijten en tot beter bestier sijner saeken over te haelen, en dat zulx alles vrugteloos geweest is en hij in teegendeel van dag tot dag tot groovere onbetaemelijkheeden overgaet, zoo verre dat hij sig niet anders kompt aen te stellen dan een mens welke zinneloos is, vertrouwende de suppliante dat het wangedrag en het onbesuist leeven van haeren meergemelde man Ueerw. overkennelijk sal weesen zoo dat sij de attentie van Ueerw. zoude lastig vallen het zelve hier breeder uijt te brijden en waer toe suppliante sig met eerbiet is refereerende – sijnde de suppliante uijt hoofde van meergemelde behandeling en gedrag zodanig met schrik en vreese bevangen dat zij niet langer durft onderstaan met den voorn. haeren man huijs te houden, alsoo de suppliante bedugt is, van op de een off ander tijt door hem omgebragt of verder ongelukkig gemaakt te worden, reedenen waeromme zij suppliante sig verpligt en genootsaakt vindt haar te keeren tot Ueerw: ootmoedelijk smeekende dat Ueerw. van die goede gelieften sij aen haar suppliante te permitteeren en authoriseeren, om den voorn. haeren man voor eenige tijt te mogen confineren off wel op een schip te mogen versorgen om na de oost off de westindische kusten te vaeren, ten eijnde hij sig mag bevlijtigen van een beeter leevens weijs aen te leggen en voor te koomen de droevige gevolgen welke door zijn verder verblijf alhier te dugten zijn, versoekende dat Ueerw. ten dien eijnde aen haer suppliante gelieve te verleenen authorisatie in communie forme – volgt het hantmerk van Maria Dirk van der Steen huijsvrouw van Jacobus Smolders eijgenhandig gestelt, verklaerende niet te kunnen schrijven – testis F. du Perck [is chirurgijn te Schijndel].

Ik heb verder het document, dat 370 scans bevat, nageplozen om de reactie van het Schijndelse schepencollege te kunnen vinden, maar helaas… pech hebben!
Het ‘slachtoffer’ wordt in Maria’s verhaal aangemerkt als ‘mogelijk krankzinnig’, wat ze liet omschrijven als ‘zinneloos’. Een vorm van krankzinnigheid vaststellen werd in het verleden overgelaten aan de dorpschirurgijn of de medicine dokter, die een schriftelijke bevestiging opstelde en adviseerde om zo’n persoon inderdaad tijdelijk te laten opnemen ter verzorging. Maar het bijzondere van bovenstaande gebeurtenis is wel de suggestie om hem op een schip te plaatsen zodat hij misschien tijdens die lange zeereis tot bezinning zou kunnen komen!
Bron: BHIC 5122 inv.nr. 351 (opent in een nieuw tabblad) scans 70 t/m 72 (opent in een nieuw tabblad)
