Op een heldere septembernacht in 1804 wordt er rond één uur op de deur van een huis in Overloon geklopt. De vrouw des huizes roept vanuit bed dat ze op bed ligt en niet meer open doet. Een stem van buiten antwoordt dat ze op bedevaart zijn geweest naar Kevelaer en nog een lange weg te gaan hebben. Ze hebben vreselijke dorst! Het gezelschap vraagt of de vrouw wat water kan koken, zodat ze koffie kunnen zetten.

Hoewel het al laat is, besluit de vrouw hen te helpen. Ze staat op en opent de deur, waar ze drie mannen en drie vrouwen ziet staan. Ze nodigt hen vriendelijk binnen. Terwijl de gasten gaan zitten, zet de vrouw het water op het vuur. Gelukkig hebben de bezoekers zelf koffie bij zich. Uit gastvrijheid snijdt ze een brood aan, ondanks de armoede in het Peeldorp. Wanneer de gasten aandringen, gaat ze bij hen zitten, maar een naar gevoel bekruipt haar. Gelukkig is haar man thuis, denkt ze, hoewel hij nog diep in slaap is.
Niet veel later blijkt haar voorgevoel terecht. Terwijl de gasten van hun koffie nippen, vragen ze ineens waar haar gouden sieraden zijn. Ze antwoordt dat ze maar een arme vrouw is en helemaal geen sieraden heeft. Plotseling springt een van de vrouwen op en grijpt haar vast. De andere 'bedevaartgangers' komen in actie en binden haar handen en voeten vast. Haar man, inmiddels wakker geworden, wil te hulp schieten, maar het is te laat. Hij wordt ook vastgebonden en samen worden ze in de kelder gegooid.
De overvallers hebben vrij spel en doorzoeken het hele huis. Het stel hoort hoe kastjes en lades worden opengetrokken en voetstappen door de kamers klinken. Ze kunnen niets anders doen dan machteloos afwachten. Hoe lang het duurt is onduidelijk, maar uiteindelijk wordt het stil in huis. De overvallers verdwijnen in de nacht, en een eindje verderop gooien ze wat minder waardevolle spullen weg, vermoedelijk om de autoriteiten te misleiden.
De volgende dag wordt het zwaar toegetakelde stel pas gevonden. De vrouw is nog bewusteloos wanneer ze losgemaakt wordt. Van de overvallers ontbreekt elk spoor.
Bron: Bataafsche Leeuwarder courant, 22 september 1804
