In het vrouwenhuis hing een slaperige en ietwat terneergeslagen sfeer. Alleen José maakte op dat moment eigenlijk een wakkere indruk. Ik was nauwelijks op de hoogte van wat zich de laatste weken had afgespeeld. José praatte me bij en lichtte me in over het plan voor de fasegewijze ontruiming. Nita, die net uit Joegoslavië was teruggekeerd en met de rugzak nog om was binnengestapt, deed zich tegoed aan de jonge jenever, hetgeen haar tegen de ochtend duur zou komen te staan. Ze heeft de ME niet horen aankomen, zullen we maar zeggen.

Voor het zover was, werd er die nacht nog een vuilnisbak door het raam gesmeten, waarmee een einde was gekomen aan ieders slaperigheid. Op de Paap werd naar de scanner geluisterd en rond een uur of vijf kwamen twee vrouwen daarvan terug met de mededeling dat de ME zich verzamelde. De ontruiming stond op stapel. De telefoonlijst werd afgebeld en in een mum van tijd stroomde het vrouwenhuis vol en nam ieder de positie in die zij gekozen had: de garage, de gebarricadeerde barruimte of de zwaar gebarricadeerde bovenverdieping. Op de toegangswegen naar het vrouwenhuis strooiden mannen uit de kraakbeweging kraaienpoten - sinds de bloeitijd van de grenssmokkel een beproefd middel tegen de autobanden van veldwachter, politie en ME. De ontruiming begon om 6.00 u. en was, dankzij de welhaast onneembare vesting die de bovenverdieping geworden was, pas rond 7.30u. voltooid. Er werd meteen met de sloop begonnen.
Welke aanblik het resultaat van de sloop bood, heeft Josien beschreven in de Rosa:
'De hoek Stationsplein/Boschveldweg heeft een facelift ondergaan; het ziet er troosteloos uit. De sloper heeft de panden hun bruikbaarheid ontnomen; de barrikaden helpen nu om óns buiten te houden. De bewaker heeft zijn tafeltje op het terras van Terminus ingeruild voor een plaatsje binnen de muren van Stationsplein 27. Hij heeft vrij uitzicht; de voordeur is weg. Hij wacht op de dingen die komen gaan. De aanvankelijke haast ter voorkoming van renteverlies lijkt verdwenen nu de strijd is beslist met behulp van de sterke arm, het "recht" zijn loop heeft gehad.'
Er volgde een dakloze periode van twee maanden, een periode van uitermate geëmotioneerde vergaderingen over wat er gebeurd was. Vooral de eerste vergadering na de ontruiming, gehouden op de Josefstraat, staat me nog bij. Daar werd de scheuring, die de discussies rond de ontruiming in de Bossche vrouwenbeweging hadden teweeggebracht, voor mij pas in volle omvang duidelijk. Die scheuring zou eigenlijk nooit meer helen, en ook gedurende de daaropvolgende jaren af en toe weer in alle hevigheid oplaaien. Iedereen herinnert zich waarschijnlijk nog de ruzie tijdens het lesbisch lentefeest in de PA in 1983, die zich concentreerde rond de persoon van Joke, maar waaraan dezelfde tegenstelling ten grondslag lag, die ook de discussie rond het behoud van het vrouwenhuis had gedomineerd. Een verzoeningspoging tijdens een drukbezochte vergadering in het vrouwenhuis - dat dan al in de Hinthamerstraat gehuisvest is - slaagde maar ten dele.
In de loop van de tijd verdwenen wel de scherpe kanten van de tweedeling. Dat was ook nodig, want de Bossche vrouwenbeweging was uiteindelijk ook weer niet omvangrijk genoeg om zich een permanente scheuring te kunnen permitteren.

aan het Stationsplein (bron: collectie BHIC) - Klik om te vergroten (opent in een nieuw tabblad)
Verwersstraat 11
Na de ontruiming brak een periode aan van algehele vermoeidheid en moedeloosheid. Een klein groepje vrouwen ging verder met het zoeken naar mogelijkheden voor een nieuw vrouwenhuis. Op 26 november 1980 was het zover. Er werd een prachtig pand in de Verwersstraat gekraakt. Iedereen was blij, 's avonds was er een groot feest. Maar het pand zou evenals het Stationsplein op termijn gesloopt worden en kon dus geen permanente oplossing voor het vrouwenhuis zijn. In de jaren die volgden is veel energie gestopt in het zoeken naar een definitieve oplossing. Dat betekende intensieve onderhandelingen met de gemeente over permanente huisvesting en de financiering daarvan.
Inmiddels kwamen de vrouwenprojecten die in Den Bosch waren gestart tot bloei. Inhoudelijke discussies werden meer en meer binnen die projecten gevoerd. Wat overbleef, was de behoefte elkaar na het werk te ontmoeten en bij te kletsen. Het vrouwenhuis werd zo in de praktijk een vrouwencafé. De motivatie om organisatorische klussen op te knappen nam zienderogen af. Uiteindelijk werd het vrouwenhuis organisatorisch alleen nog draaiende gehouden door Rian en Marion. Met z'n tweeën stonden ze garant voor heel wat gezellige swingavonden en -nachten.
Maar iedereen was het erover eens dat die situatie zo niet kon blijven voortbestaan. Besloten werd een enquête rond te sturen over de functie die het vrouwenhuis in de toekomst zou moeten hebben, en op basis van de uitkomsten een discussieavond te organiseren. De inhoud van de discussie bevestigde de behoefte aan een vrouwencafé. Maar ook bracht het de behoefte aan het licht aan een informatie- en documentatiecentrum, dat de diverse vrouwenprojecten in de stad en in de buurten, maar ook vrouwen individueel, van informatiemateriaal zou kunnen voorzien op het gebied van de positie van vrouwen en de vrouwenbeweging.
Hinthamerstraat 159
Voor deze twee functies was een pand in de Hinthamerstraat, dat eerder was aangeboden maar wegens ruimtegebrek was afgewezen, heel goed geschikt te maken. De gemeente zou bijdragen in de exploitatiekosten en daarmee kwam een einde aan het ongewisse bestaan van het Bossche vrouwenhuis. In oktober 1982 verhuisde het vrouwenhuis naar de Hinthamerstraat en niet lang daarna werd er het vrouwendocumentatiecentrum De Spinster geopend. Het Documentatiecentrum Vrouwen en Gezondheid vormde een goede basis om te beginnen en het informatiebestand uit te breiden naar andere voor vrouwen relevante gebieden. Brood en Rozen vond opnieuw haar plek in het vrouwenhuis en ook de Lesbische Werkgroep verhuisde mee.
Het vrouwenhuis legde zich toe op de caféfunctie en organiseerde culturele activiteiten op het gebied van film, theater en muziek. De ruimte op zichzelf werd tevens gebruikt als expositieruimte. Het organiseren van thema-avonden was dus verdwenen uit het takenpakket. Daarmee vond binnen het vrouwenhuis een verschuiving plaats van aandacht voor bewustwording en actie naar aandacht voor vrouwencultuur en het vrouwenhuis als ontmoetingsplek voor grotendeels elders werkende vrouwen.
Eind jaren tachtig is de bloeitijd van de Bossche autonome vrouwenbeweging voorbij. De meeste vrouwenbedrijven blijken niet levensvatbaar, in de zin dat vrouwen ermee in hun onderhoud kunnen voorzien. De druk van de overheid op vrouwenprojecten die zich bezighouden met informatieverstrekking en hulpverlening, om te integreren in de reguliere instellingen en hun werkwijzen en methodieken over te dragen, is enorm toegenomen. Dat gaat gepaard met drastische vermindering of stopzetting van subsidies. Veel vrouwen vinden betaald werk bij reguliere instellingen. Onderlinge contacten verwateren en uiteindelijk functioneert ook het vrouwenhuis in de praktijk niet meer als ontmoetingsplek. Begin jaren negentig sluit het haar deuren.
Er breekt een tijd aan van kil neoliberalisme, of wat wel 'het einde van de ideologieën' wordt genoemd. Wie ooit het socialistisch gedachtegoed aanhing, moet openlijk schuld bekennen aan medeplichtigheid aan de misdaden van het Sovjet-regime. Solidariteit verdwijnt in heel Europa uit het politieke woordenboek. De Balkan staat in vuur en vlam.
Vrouwenrechten zijn vanzelfsprekender geworden, maar wonderlijk genoeg neemt het seksisme weer toe. Inmiddels, in de eenentwintigste eeuw beland, worden we geconfronteerd met een enorme ruk richting extreemrechts in heel Europa, waarbij de allochte bevolking de hardste klappen te verduren zal krijgen.
En wij, zoals we hier nu bij elkaar zijn, zien elkaar al die tijd niet. Sommigen van ons zijn inmiddels gestorven. De dood van Hermine, Els, Nellien en onlangs nog Jopie - vrouwen van het eerste uur - ervoer ik als een tragische gebeurtenis, maar ook, in symbolisch zin, als het definitieve einde van de Bossche vrouwenbeweging.
En dan, ineens, is er die uitnodiging in de elektronische postbus. 'We gaan elkaar weer zien', staat erboven. Gemma, José en Josefien organiseren een reünie en binnen de kortste keren gonst het door de stad. Ook was er weer een redelijk druk bezochte acht-maartviering dit jaar. Wie weet is het tij gekeerd en staan we aan de vooravond van de derde feministische golf.
Met dank aan Wilma Geurtjens voor het delen van Lia's verhaal. - Redactie BHIC
Lees hier het eerste deel van dit verhaal
