Van 2006 tot 2017 schreef Henk Beijers als coördinator van de historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel de rubriek 'Historische nieuwtjes' voor het Schijndels Weekblad. Daarin bracht hij zijn lezers op de hoogte van bijzondere archiefstukken die nieuw licht werpen op de geschiedenis van Schijndel.
Een spectaculaire ontvoering
Wie veel historisch onderzoek doet kan maar tot één conclusie komen…..er is weinig nieuws onder de zon. Wat we heden ten dage meemaken vinden we ook terug in het recente en verre verleden. Dankzij het ijverige onderzoekswerk van mevr. Pauline Heessels-van Maaren zijn we een spectaculaire ontvoering op het spoor gekomen in de archiefstukken van de Staten-Generaal nl. de resoluties over 1698-1794.
Alles speelt in 1740. Een zekere Maria de Jongh, de weduwe van wijlen Johan van Oisterwijk, heeft een 16-jarige dochter die luistert naar de naam Alida. Haar overleden man was eens drossaard van Nuland en secretaris van Heeswijk en Dinther, maar woonde te Schijndel. In de nacht van 20 op 21 april wordt Alida uit haar huis ontvoerd door de Schijndelaar Johannes van Heesen alias van Delft, een ‘roomse vrijgezel’.
Moeder meldt de ontvoeringsaffaire op 25 april en schakelt meteen de recherche in. Het is uiteindelijk Gerard de Jongh, de broer van Maria, bekend als secretaris van Veghel en Erp, die Alida te Uden in het vrije land van Ravenstein op het spoor komt. Daar hoeft men zich niet aan de plakkaten van de Staten-Generaal te houden, het valt immers buiten de Meierij van ’s-Hertogenbosch. De roomse geestelijkheid aldaar probeert Alida van de gereformeerde religie over te halen katholiek te worden. Men geeft dit alles door aan de Staten-Generaal. De hoogschout in ’s-Hertogenbosch wordt uitdrukkelijk verzocht om de Schijndelse schuurkerk acuut te sluiten en de godsdienstoefeningen absoluut te verbieden. Maria de Jongh hoopt bovendien dat de dader wordt uitgeleverd en op een rigoureuze manier gestraft zal worden.

Men geeft van hogerhand de hoogschout opdracht zich nader te informeren over dit voorval en passende maatregelen te nemen. Bovendien verwacht men dat de hoogschout o.a. de pastoor van Schijndel zal dwingen om alles in het werk te stellen deze minderjarige dochter weer bij haar moeder terug te brengen en wel binnen 14 dagen. Als hem dat niet lukt binnen de aangegeven periode dan gaat de schuurkerk met onmiddellijke ingang op slot. Een deurwaarder is hem dit komen vertellen.
De schuilkerk wordt inderdaad gesloten. De katholieken uit Schijndel dringen er uit alle macht op aan dat het verbod terstond wordt opgeheven, maar men vangt bot. Men gaat op het verzoek om het ‘kerkenhuis’ te openen op geen enkele manier in. De katholieke Schijndelaren beloven unaniem stipt aan alle landsplakkaten te gehoorzamen en zich zéér ijverig te zullen inzetten om Alida weer terug te halen naar Schijndel. Ze gaan zelfs met ruim 50 mensen op zoek. Met assistentie vanuit het garnizoen te ’s-Hertogenbosch wordt getracht Alida te bevrijden te Uden, áls ze al niet op een andere plaats in het neutrale Land van Ravenstein is ondergebracht. De zoektocht blijkt vruchteloos en tevergeefs. Rond de 20e september blijkt Alida nu te wonen bij de weduwe Van Waalwijk in ‘s-Hertogenbosch. Ze zal spoedig in Schijndel terugkeren. Men hoopt dat daarna de sluiting van de schuurkerk snel wordt opgeheven! De uiteindelijke ontknoping is tot op heden niet teruggevonden.
Plaatsen van wegwijzers anno 1904
In een vorige aflevering van deze rubriek is al aangegeven hoe belangrijk voor de hiaten in de Schijndelse archieven de documentatie kan zijn van het provinciaal bestuur over de hele 19e en het begin van de 20e eeuw. Je haalt daar historische nieuwtjes boven water die al lang in de vergetelheid zijn geraakt. Dat er anno 2007 op vaste plaatsen wegwijzers staan is min of meer historisch bepaald afhankelijk van de bestaande wegenstructuur. Toen in 1904 in het centrum van Schijndel de locaties werden vastgesteld, waar een dergelijke bewegwijzering geplaatst moest worden kwamen er twee kruispunten in aanmerking nl. de hoek Groeneweg/Hoofdstraat/Kluisstraat en de hoek Hoofdstraat/Boxtelseweg. Daar staan de huidige kilometerpalen nog steeds, alleen de vormgeving is heden ten dage beduidend anders. Dankzij het archief van het provinciaal bestuur, waar naast de beschrijvingen ook van tijd tot tijd heldere situatieschetsen werden toegevoegd, weten we hoe de oude wegwijzers er uit hebben gezien. Dit soort historisch interessante details kom je maar zelden tegen en zijn min of meer een curiositeit. Ze zijn trouwens al heel lang uit het straatbeeld verdwenen die fraaie ANWB-palen met bovenop het artistieke embleem van de organisatie, overigens zonder kilometeraanduidingen. Het waren pure wegwijzers die je in de juiste richting stuurden.
De producten van Bolsius
Naast de bekende ‘kniertjes’ waarover in aflevering 3 is gesproken, maakte men bij Bolsius kennelijk tijdens de oorlogsjaren ook gipsen kerststalletjes in kleur. Een zus van Harry Schreurs had tussen allerlei andere snuisterijen en kleinoden er nog eentje op de zolder staan. Dit stalletje was 27 cm breed en 22 cm hoog. Het gaat dus echt om zéér bescheiden kersttafereeltjes!
Oorspronkelijke publicatiedatum: 25 januari 2007 (nr. 5)
