Van 2006 tot 2017 schreef Henk Beijers als coördinator van de historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel de rubriek 'Historische nieuwtjes' voor het Schijndels Weekblad. Daarin bracht hij zijn lezers op de hoogte van bijzondere archiefstukken die nieuw licht werpen op de geschiedenis van Schijndel.
Attentiestenen
Sinds 2014 prijken op diverse plaatsen in en om het centrum van Schijndel in het plaveisel diverse attentiestenen van meestal verdwenen monumenten met een korte historische omschrijving. Onlangs is besloten de historische context van die gebouwen ook te publiceren in het Schijndels Weekblad, ook al zijn ze terug te vinden op de website van www.historisch-schijndel.nl die misschien niet zo snel geraadpleegd wordt. Het weekblad is net een iets ander medium om nog weer eens uitdrukkelijk bekendheid te geven aan dit stukje Schijndelse historie, zij het in een verkorte versie.
In deze aflevering De Zwaan [thans Hema].
Vermoedelijke ouderdom
In het oude middeleeuwse centrum van Schijndel hebben in de directe omgeving van de Servatiuskerk diverse herbergen gestaan. Denk maar eens, vanaf de Groeneweg gerekend richting D’n Bes aan o.a. de Keulse Kar, de Roode Leeuw, de Wildeman, de Valk, Amicitia, de Arend, de Gouden Leeuw en waar nu de Hema is gevestigd de eeuwenoude herberg de Zwaan, die echter in de loop der eeuwen diverse benamingen kende. Zo sprak men in 1571 over ‘het Hort’, ook van ‘het Rood Hart’ en het achterste deel van de toenmalige herberg stond bekend als ‘het Wolfshool’. Soms baseerde men zich bij de naamgeving op de uithangborden of bedacht men juist een uithangbord nadat men het eens was geworden over een gekozen naam, maar ten aanzien van ‘Wolfshool’ tasten we geheel in het duister. Het lijkt wel iets geheimzinnigs te hebben.
Ook de aanduiding van de locatie was nogal eens wisselend, want men sprak in het verleden over de Rechtestraat, de Straat, de Grote Straat, de Provincialeweg en uiteindelijk de Hoofdstraat.
De aller oudste aanduiding van de Zwaan is bekend uit een manuaal van het klooster van de Zusters van Orthen waarin anno 1513 te lezen staat: Jans kynderen van der Spanck uten Zwaen te Schyndell, in 1520 Daem van der Spanck uten Zwaen en in 1521 Claes van der Spanck.
Eens hing aan de voorgevel de pakkende spreuk ‘Brabantse gastvrijheid sinds 1610’ maar die was enigszins misleidend nu we weten dat het een veel oudere herberg was en zelfs het jaartal 1513 is ook nog maar een zeer relatief gegeven, want vermoedelijk is de Zwaan als herberg veel ouder, alleen staat hij in de oude archieven niet eerder vermeld.
Misschien heeft het jaartal 1610 te maken met een afgeronde verbouwing…..uit archieven is dat tot op heden niet gebleken.
Enige opvallende gebeurtenissen
In 1672 leed de Zwaan de nodige schade door de invallen van de Fransen onder leiding van de Duc du Turenne die 12 dagen met zijn leger op de Molenheide verbleef. In 1683 brak er brand uit in de herberg.
Saillant detail is dat toen ook het vaandel van het schuttersgilde van Sint Joris en Sint Catharina, waarvan het Hort misschien wel de thuisbasis was en waar het gilde haar teerdag hield, door de vlammenzee werd verteerd. In 1714 drukte op de Zwaan een zware schuldenlast volgens de aantekeningen van oud-archivaris van Bokhoven.
In 1777, na de periode van Mechelina van de Sande, die trouwde met de protestantse secretaris van Son en Breugel Lucas Rijsterborg, was zelfs sprake van een verpauperde herberg de Zwaan en de nieuwe eigenares, een zekere weduwe Van de Ven, liet daarom een stevige inspectie uitvoeren om het gehele gebouw eens goed te controleren op tal van defecten. Het eindrapport loog er niet om. Later zou haar zoon Hyacintus er de scepter gaan zwaaien.
Toen in 1865 de herberg werd verkocht aan Dionysius Doyen ging de Zwaan een nieuwe fase in, want hij liet er enige jaren later een verdieping bovenop zetten en de nieuwe uitstraling van het logement kreeg de nodige aantrekkingskracht. Men maakte graag gebruik van die nieuwe accommodatie en de groeiperiode zou zich voortzetten onder de exploitanten die na hem kwamen zoals Marinus Goyaerts. Die herbergde er o.a. tijdens de Eerste Wereldoorlog de officieren van het Korps Gele Rijders. Na zijn overlijden in 1928 namen zijn twee dochters Trees en Marie hotel de Zwaan over. Vijf jaren later overleed ook Trees, maar Marie bleef ijveren voor de goede kwaliteit van het hotel-restaurant, waarvan de oude café-functie wat op de achtergrond raakte. Enige jaren later volgde nog een grondige herbouw.
Oorlogsschade en wederopbouw
Na de bevrijding op 23 oktober 1944 kwam de Zwaan als een puinhoop en bijna onherkenbaar uit het oorlogsgeweld te voorschijn. Het oude uithangbord wist men nog te redden en het werd later boven de hoofdingang van de nieuwbouw geplaatst. Het hotel werd ingedeeld onder categorie A van de oorlogsschadegevallen, speciaal bedoeld voor de onherstelbaar vernielde panden, hetgeen in concreto inhield, dat die panden met ingang van 8 november 1944 werden onteigend. Het vrijgekomen puin werd getransporteerd naar het door de Geallieerden aan te leggen vliegveld aan de Vlagheide. Diverse gegadigden meldden zich om op de vrijgekomen grond een winkelpand te mogen zetten, maar er verrees uiteindelijk een nieuwe Zwaan.
Op 1 november 1949 volgde de eerste steenlegging op verzoek van de nieuwe eigenaar H.J.Wouters. De officiële opening vond plaats op 29 april 1950. Het ontwerp was van architect B.Clement uit Eindhoven. Ook het open terrein tussen hotel en gemeentehuis werd bij de herbouw betrokken. In zes maanden tijd leverde het aannemersbedrijf een hotel-café-restaurantbedrijf op met 18 hotelkamers [samen 24 bedden], een bedrijf van 2000 m². In de periode 1950-1981 zijn nog diverse verbouwingen en aanpassingen doorgevoerd o.a. een zaal voor bijzondere gelegenheden als het ontvangen van grotere gezelschappen, galavonden, bruiloften en partijen en vergaderzaal voor grote groepen, een uitgebreidere eetzaal en ten slotte een luxueuze zaal met afzonderlijke bar, garderobe en toiletten. De eerste steenlegging dateerde van 10 september 1956.
Uiteindelijk zou het hotel-restaurant resp. nog overgaan via de familie Wouters-Schellekens aan de heer en mevrouw Van den Heuvel-Bosmans.
In 1981 werd een besluit genomen definitief een punt te zetten en verdween de Zwaan uit het Schijndelse straatbeeld en dat na minstens 4 ½ eeuw.
Hoofdstraat 93 werd een Hema-vestiging. De heer Henk Laheij uit Zaltbommel had het pand gekocht en liet uiteraard diverse verbouwingen realiseren. In 1996 is het pand verhuurd aan de familie Van Dis, de huidige uitbater.
Voor nog veel meer historische informatie zie: www.historisch-schijndel.nl
Oorspronkelijke publicatiedatum: 2 juli 2015 (nr. 74)