Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Historische Nieuwtjes: Rechtspraak over Schijndelaren

Historische Nieuwtjes: Rechtspraak over Schijndelaren

Henk Beijers

15 juli 2024

Bijgewerkt op 29 oktober 2024

Van 2006 tot 2017 schreef Henk Beijers als coördinator van de historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel de rubriek 'Historische nieuwtjes' voor het Schijndels Weekblad. Daarin bracht hij zijn lezers op de hoogte van bijzondere archiefstukken die nieuw licht werpen op de geschiedenis van Schijndel.

In historische nieuwtjes nr. 63 heb ik uitgebreid aandacht besteed aan het bewaard gebleven Schijndelse archief en gewezen op de vele overheidsarchieven waarin de Schijndelse bestuurders of de ingezetenen van het dorp nogal eens in het nieuws kwamen.

Lex Kamp, voormalig lid van de historische werkgroep, heeft zich destijds geconcentreerd op de akten die we kunnen terugvinden bij het vredegerecht van Sint-Oedenrode. Voor de lezer is in dit verband handig iets meer te weten over de organisatie van de rechtspraak in de 19e eeuw. Een van de vruchten van het regime van Napoleon was de invoering in 1810 van de Franse wetten op Nederlandse leest geschoeid en was er sprake van kantons. In elke hoofdplaats van een kanton was een vredegerecht gevestigd waarin de vrederechter geassisteerd door een griffier recht sprak.

Tussen 1811 en 1838 viel Schijndel onder het vredegerecht Sint-Oedenrode. Lex Kamp is dus die dossiers gaan bestuderen gericht op personen uit Schijndel. Dat was op zich geen eenvoudige opgave omdat tussen 1811 en 1814 de akten in het Frans waren opgesteld, maar Lex heeft die verder wel geanalyseerd en beschreven tot op het moment dat hij onze werkgroep ging verlaten. Jammer dat dit project niet voortgezet kon worden, want het had beslist veel informatie over Schijndelaren opgeleverd. De vredegerechten zijn in 1838 opgeheven.

Niet getreurd want er is nog meer dan genoeg archiefmateriaal om te ontsluiten!

Zo is Marijn Ligtenberg, lid van de historische werkgroep van de heemkundekring, zich gaan buigen, en dat iedere woensdagmorgen, op veroordeelde Schijndelaren die staan opgetekend in de dossiers van het kantongerecht Veghel, waar Schijndel toen onder viel. Vanaf 1860, want vroegere stukken zijn niet bewaard gebleven, registreert hij ze allemaal heel zorgvuldig met vermelding van naam, toenaam, leeftijd, gehucht, het delict wat hij of zij begaan heeft en de bijbehorende boete. Momenteel is hij aanbeland in 1890 en een snelle telling geeft aan dat hij inmiddels enige honderden dossiers door zijn handen heeft laten glippen en de inhoud van het vonnis nader heeft bekeken.

Alle bewerkte bestanden staan inmiddels op www.henkbeijersarchiefcollectie.nl onder de rubriek [archief Veghel] en zijn dus voor iedereen digitaal te raadplegen.

Voor Schijndelaren die toevallig familie- of stamboomonderzoek doen is dit een pracht aanvulling op alle doop-, trouw- en overlijdensregisters, want die zijn immers niet meer dan het ‘skelet’ van een familiestamboom. Veel boeiender is de informatie die je vindt over inboedels, landerijen, leningen, branden, testamenten, schade door stormwinden onweer bliksem en hagelbuien, verkopingen, huurcontracten, veroordelingen, kadastrale gegevens, functies, arrestaties van landlopers of andere booswichten….kortom…..een schat aan informatie en juist daarmee kun je dat eerste skelet mooi ‘inkleuren’. De archieven staan er vol van, alleen is het de kunst om ze op te sporen! Op zich is dat helemaal niet moeilijk met dien verstande, dat je zo rond 1750 mogelijk kunt vastlopen op het lezen van die oudere handschriften, maar ook dat is te leren!

Militaire rechtspraak een chapiter apart

Naast de civiele en criminele rechtspraak is er ook nog een geheel andere categorie nl. de rechtspraak door de krijgsraden in allerlei Brabantse garnizoenssteden zoals bv. ’s-Hertogenbosch, Bergen op Zoom, Geertruidenberg, Grave, Heusden, Steenbergen, Willemstad en Woudrichem. De garnizoenscommandant was destijds verantwoordelijk voor de rechtspleging. Daartoe benoemde hij een krijgsraad bestaande uit een president en zes leden, allen officieren die onder zijn bevel stonden.

Een vaste functionaris naast dat college was de auditeur-militair, een burger, die juridisch was onderlegd en die werd beschouwd als de rechtskundig adviseur van de garnizoenscommandant. Hij werd aangesteld door de toenmalige Raad van State. Binnen zo’n garnizoensstad had je ook nog een andere functionaris de zgn. provoost die binnen het garnizoen de orde moest handhaven. Krijgstucht was en is immers belangrijk. Hij was de baas van het provoosthuis waarin de van delicten verdachte militairen werden opgesloten om later bestraft te worden door de krijgsraad.

De krijgsraden spraken recht over militaire en gewone misdrijven van militairen. Waren er bij het delict burgers betrokken dan trad meestal de burgerlijke strafrechter op. Natuurlijk is er nog veel meer te vertellen over die militaire rechtspraak, maar dat zou te ver voeren. Waar het in dit artikel om gaat is de veroordeling van een Schijndelaar die luistert naar de naam Andries Anthony Verhagen, Schijndelser kan het haast niet!

Hij is 24 jaar oud en dient sinds 1816 als fuselier in het 5e bataljon infanterie en is een der gedetineerden geweest in het provoosthuis te ’s-Hertogenbosch. We hebben het dossier uit de krijgsraad eens gelicht om te kijken wat er over deze Schijndelaar aan aanvullende informatie werd gegeven en zijn voorts gaan kijken in registers van de burgerlijke stand van o.a. Schijndel en Deurne. Na die stukken bestudeerd te hebben komt het profiel van deze Schijndelaar er wat genuanceerder uit te zien.

Hij is te Schijndel geboren op 11 maart 1793 als zoon van Anthony Verhagen en Willemijn Schevers. Hij trouwt op 7 december 1822 te Deurne met een zekere Jacoba de Vos, later ook Jacoba Vosch genoemd, een dochter van Johannes de Vos en Johanna Swinkels. Jacoba overlijdt te Deurne op 6 november 1848. Andries neemt op vrij jonge leeftijd [34] afscheid van deze wereld en wel op 15 januari 1827 te Schijndel en laat Jacoba als weduwe achter, die overigens weer een nieuwe relatie aangaat. 

Militaire dienst van Andries

In Schijndel woonde destijds een zekere Pieter van der Spank die eigenlijk voor de militie moest aantreden, maar tegen betaling wist hij zich hieraan te onttrekken en vond in Andries Anthony Verhagen een goede remplaçant of vervanger. Sinds 20 mei 1816 stond Andries als zodanig geregistreerd. In het dossier bevond zich een signalement van de jonge rekruut nl. lang ruim 5 voeten en 2 ellen, een rond aangezicht, een rond voorhoofd, grijze ogen, grote neus, grote mond, een spitse kin, bruin haar en wenkbrauwen van dezelfde kleur en een opvallend lichaamskenmerk bleek het feit dat hij stotterde.

Andries komt als infanterist terecht in garnizoensstad Nijmegen, maar op 25 februari 1817 deserteert hij en wordt vrij kort daarop weer gearresteerd te Schijndel, waar hij mogelijk was teruggekeerd naar zijn ouders. Het dossier noemt geen locatie. Aangezien Nijmegen valt onder de krijgsraad van Arnhem wordt Andries op 22 april 1817 voorgeleid en uit de verklaring van de auditeur militair van Gelderland M.J.Vitringa valt op te maken dat het vonnis niet mals was. Men ontnam hem gedurende een half jaar zijn kokarde*, vervolgens werd hij blootgesteld aan 50 rietslagen en daarop volgde nog een detentie van acht dagen als ook betaling van de proceskosten. De veroordeling was conform art. B4 van het criminele wetboek van het krijgsvolk te lande.

Op 30 april 1817 daags na zijn detentie wordt hij overgeplaatst naar het garnizoen te Grave. Ook daar voelde hij zich kennelijk niet op z’n gemak en moet overwogen hebben hoe hij daar het beste kon vluchten. De 15e juni trekt hij de stoute schoenen aan en weet via de wal achter de kazerne het stadje Grave achter zich te laten. Hij zou voornemens zijn om een kwitantie van gestort geld in de bataljonskas mee te nemen en twee gulden wegens een verkochte Manchesterse broek, althans dat getuigt van der Spank, de vader van de door Andries vervangen dorpsgenoot. Na zijn desertie wordt hij wederom opgepakt en dit keer door sergeant Lodwijk Kleeman van de 4e compagnie samen met de burgernachtwacht.

Kleeman zegt op 18 juni dat de verklaring over die kwitantie en die twee gulden volkomen bezijden de waarheid is want dat was hem al gegeven bij zijn vorige desertie. Deze tweede desertie zou hij ondernomen hebben om zijn loteling Pieter van der Spank nog meer geld af te persen, zoals geschreven werd aan de toenmalige provisioneel fungerende burgemeester van Schijndel P. van Beverwijk door de luitenant-kolonel commanderende het bataljon nationale militie nr.20.     

Wederom wordt hij veroordeeld welk vonnis wordt ondertekend door auditeur militair De Ranitz en Andries wordt veroordeeld ‘tot de straf van de kruiwagen voor de tijd van drie jaren’. Een forse militaire lijfstraf die inhoudt dat men was veroordeeld tot grondwerk, geketend aan een kruiwagen.

Slotwoordje

Dit verhaal, verteld ter illustratie voor alle stamboomonderzoekers, geeft duidelijk aan dat familie-onderzoek uiterst boeiend kan zijn en dat je een publicatie kunt realiseren die doorspekt is van interessante wetenswaardigheden. 

* kokarde = lintje of rozetje met de nationale of partijkleuren, gedragen aan het hoofddeksel

Bronnen:

  • Dossier krijgsraad van ’s-Hertogenbosch BHIC toegang 20 dossier 602 [met dank aan Antoon Vissers uit Deurne]
  • Woordenboek van de Nederlandse Taal trefwoord: kruiwagenstraf
  • BS Schijndel geboorteakte 11 maart 1793
  • BS Schijndel overlijdensakte 15 januari 1827
  • BS Deurne huwelijksakte van 7 december 1822

Oorspronkelijke publicatiedatum: 13 november 2014 (nr. 64)

Lees hier de andere Historische Nieuwtjes.

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Historische Nieuwtjes: Rechtspraak over Schijndelaren | BHIC