Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Keizerlijk Maren-Kessel

Keizerlijk Maren-Kessel

Henk Buijks

22 mei 2017

Geschiedenis kan een prima verkoopargument zijn! Dat verklaart de voorliefde van sommige projectontwikkelaars voor wat zij beschouwen als oud Nederlands. Woorden die we volgens het Groene Boekje met dubbel a moeten schrijven, verschijnen dan op projectborden met “ae”. Verder wordt een s soms “sch” en een k “ck”. En alsof dat nog niet genoeg is, wordt in Brabant regelmatig een “staete” te koop aangeboden, alias een authentieke tuinderswoning uit de jaren ’50.

De originele oorkonde van 997 ging verloren evenals een afschrift uit de dertiende eeuw. Gelukkig is er nog wel een kopie uit de veertiende eeuw. Dit document, waarvan een fragment is afgebeeld, ligt in het Rijksarchief te Luik.

Maar het projectbord “Marsna Casella”, waarmee enkele jaren geleden in Maren-Kessel reclame werd gemaakt voor een exclusief woonwijkje, was een schot in de roos! Deze naamgeving sloot naadloos aan op de viering van “1000 jaar Maren-Kessel” in 1997.

Romeinse Rijk

Duizend jaar eerder, in 997, maakt Nederland deel uit van het Duitse Rijk. Keizer Otto III zwaait er de scepter. Denkend aan de omvang van zijn rijk, ziet hij veel overeenkomsten met het oude Romeinse Rijk, en bovendien is hij er zeker van dat het keizerschap van goddelijke oorsprong is. Vandaar dat aan zijn hof de term “Heilige Roomse Rijk” wordt gebruikt.

Eén van de belangrijkste steunpilaren van keizer Otto is bisschop Notker van Luik. Zoals meer bisschoppen in die tijd is Notker tevens wereldlijk heer van zijn bisdom, dat vlakbij Aken ligt, de belangrijkste residentie van de keizer. Beide heren kunnen ook op persoonlijk vlak goed met elkaar opschieten. Vandaar de oorkonde van 9 april 997, waarin de keizer de plaats Heerewaarden schenkt aan de bisschop. In die oorkonde wordt ook verteld dat eerder al enkele naburige plaatsen aan de bisschop zijn gegeven: Marsna en Casella, Latijn voor “Maren en Kessel”.

Eerste vermelding

Dit is de eerste schriftelijke vermelding van beide Maasdorpen, al kun je in 997 nog nauwelijks van dorpen spreken. Er staan dan hooguit enkele boerderijen die samen een hof of domein vormen. Ze zijn gebouwd op oeverwallen, rivierduinen of terpen, want dijken ontbreken nog langs de Maas. De gezinnen die er wonen, horen bij de grond en zijn eigendom van de heer: eerst de keizer, daarna dus de bisschop van Luik.

De originele oorkonde van 997 ging verloren evenals een afschrift uit de dertiende eeuw. Gelukkig is er nog wel een kopie uit de veertiende eeuw. Dit document, waarvan een fragment is afgebeeld, ligt in het Rijksarchief te Luik.

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Keizerlijk Maren-Kessel | BHIC