Tijdens de Tweede Wereldoorlog verloren de dorpen Maren en Kessel hun kerk. De Kesselse kerk werd door de Duitsers opgeblazen in oktober 1944 en de Marense kerk verloor in deze periode haar torenspits en werd zwaar beschadigd. Daarom werd na de oorlog besloten tot de bouw van een nieuwe kerk, de Sint Lambertus. Op de locatie van deze driebeukige basiliek, tussen de twee dorpen in, ontstond Maren-Kessel.

St. Lambertus, de zevende-eeuwse bisschop Lambertus van Maastricht (opent in een nieuw tabblad), was de beschermheilige van de oude kerk in Maren, en de kerk van Kessel was toegewijd aan St. Antonius Abt. Daarom werd de keuze gemaakt om bij het samengaan van de parochies de kerk aan St. Lambertus en de school van Maren-Kessel aan St. Antonius Abt toe te wijden.
De nieuwe kerk lag aan de Pastoor Roesweg en werd in 1952 in gebruik genomen. De architect was J.A. de Reus uit Oss. De kerk kreeg twintig glas-in-loodramen van Huib de Corti, waarop onder andere de zeven sacramenten en de zeven deugden (drie goddelijke en vier kardinale) worden afgebeeld.
Over de pastoors van deze bijzondere kerk doen vast nog verhalen de ronde. Wij nodigen je uit om die met ons te delen. Wie herinnert zich bijvoorbeeld pastoor Cox nog, die van 1937 tot in de jaren zestig de parochie bediende? Om een indruk te krijgen van zijn 'werklast' in de jaren van de wederopbouw: volgens de Piusalmanak van 1955 had de pastoor destijds 1100 katholieke inwoners van Maren-Kessel onder zijn hoede.
Op de foto hieronder zien we een latere pastoor van de H. Lambertusparochie, Theo Pirenne, op de foto met leerlingen van de lagere school eind jaren zestig.

Noot van de redactie: In tegenstelling tot wat wel wordt beweerd is de kerk van Maren Kessel niet gebouwd in de stijl van de Bossche School. De in 1946 in Maren geboren architect Jan Meijer schreef er een verhandeling over in het blad Maaskroniek nr. 77, februari 2012 (zie reactie Mechtilde Meijer hieronder).
