Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Martine Bijl over de gijzeling van haar vader in Beekvliet Sint-Michielsgestel

Martine Bijl over de gijzeling van haar vader in Beekvliet Sint-Michielsgestel

Marilou Nillesen

17 december 2019

Bijgewerkt op 23 november 2024

Het zijn maar een paar zinnetjes uit het boek Hindergroen van Martine Bijl. Hierin vertelt zij over haar vader die tijdens de oorlog gijzelaar is geweest in Beekvliet in Sint-Michielsgestel, en dat ze eigenlijk niets af weet van zijn ervaringen daar. "Want praten deed hij niet", schrijft ze. Maar onze archieven vertellen wel meer.

In het voorjaar en de zomer van 1942 arresteren de bezetters 460 keurige heren, die doorgaans geen vermoeden hebben wat daarvoor de reden is. Hoogleraren, politici, schrijvers, geestelijken, burgemeesters, een indrukwekkende doorsnede van de elite van Nederland - door de Duitsers gezien als levend onderpand in geval van grove verzetsdaden in Nederland - wordt met vrachtwagens opgehaald en naar gijzelaarskamp St. Michielsgestel gebracht. Onder hen, Jaap Bijl, huisarts uit Amsterdam-West. Drie jaar na de oorlog wordt hij vader van dochter Martine, die bekend zal worden als onder andere zangeres, cabaretière en schrijfster. Zoontje Jan Egbert is dan al een paar jaar oud.

Praten deed hij niet

“Hij was niet zo’n man aan wie je vragen durfde stellen. Ik heb van mijn moeder gehoord dat hij in de oorlog tijdens een bezoek aan een patiënt een portret van Hitler naar de muur had gedraaid, daarbij iets zeer onaardigs zeggend over de geportretteerde. In de huiskamer hing een prachtig portret dat een medegijzelaar in St. Michielsgestel van hem schilderde. De Stichting ’40-’45 gaf hem een uitkering. Maar praten deed hij niet, en eerlijk gezegd heb ik me later nogal voor hem afgesloten”, schrijft Martine Bijl in haar boek in 2016, en daar laat ze het bij.

Maar in de archieven gaat het verhaal verder. Zo vinden we haar vader al snel terug in het gedenkboek Gijzelaars Beekvliet:

J.M.C. Bijl (7 oktober 1909), arts, W. de Zwijgerlaan 165hs Amsterdam. Gijzeling: 13-7-1942, ontslag: 20-4-1944.

En in de collectie papieren van oud-gijzelaars vinden we een brief van Jaap Bijl, gericht aan ‘Beste Klaasje’. Bijl schrijft de brief op 1 augustus 1944, dik drie maanden nadat hij Beekvliet mocht verlaten. Deze Klaasje is tandarts Klaas van der Veen uit Middelburg, die ook in juli 1942 is gegijzeld, en tot 11 september 1944 daar moet verblijven.

De tijd placht te snellen

“Welaan dan, hoe gaat het jullie? Drie maanden is het alweer geleden dat ik de eer had het ziekenzaaltje met je te deelen, en me dunkt, je zult er nu wel niet meer zou lijdend uitzien als in die tijd. Drie maanden! De tijd placht in Gestel voort te snellen, maar hierbuiten ook”, schrijft Bijl vanaf zijn huisadres in Amsterdam. Hij is dan weer een maand als huisarts aan het werk, en doet vooral de visites. Zijn waarnemer is belast met de spreekuren. “Bevalt me best zoo. ‘K zou het eigenlijk best zoo willen houden, want die spreekuren in de vroege ochtend hebben nooit in het brandpunt van mijn sympathie gestaan.”

Bijl meldt wel dat zijn praktijk in zijn afwezigheid ‘een gevoelige optater’ heeft gehad, maar dat de praktijk alweer groeit. “Zoo gaat het leven dus weer een normaal gangetje, voorzoover je tegenwoordig van normaal kunt spreken.”

Verder informeert de Amsterdamse huisarts naar de gang van zaken in Gestel. Of nog steeds ‘zalige puddinkjes’ worden gemaakt, of het bevolkingscijfer constant blijft of dat het een ‘va et vient’ is. “Mijn buikje, waar jij altijd zoveel welgevallen aan had, slinkt alweer zienderoogen. Omdat de uitstekende Gestelsche levensregel ‘weinig doen, maar vooral flink eten’ in het gewone leven nu eenmaal op eenige moeilijkheden stuit.”

Het geeft aan dat de gijzelaars, de bestuurders en intellectuelen van Nederland, het goed hebben in het kamp. Alleen kunnen ze als gijzelaar ieder ogenblik worden geëxecuteerd; die dreiging is er continu. Want zowel Bijl als Van der Veen moeten er getuige van zijn geweest hoe in de vroege ochtenduren van zaterdag 15 augustus 1942 vijf gijzelaars worden meegenomen, om in Goirle gefusilleerd te worden als represaille voor een aanslag op een Wehrmacht-trein in Rotterdam. Maar daarover zegt Bijl niets, hij sluit af met: “Groet alle vrienden in het kamp van me.”

Verraad

Meer dan tachtig jaar later krijgt dit verhaal een bijzonder vervolg. Als Stephanie Biesheuvel uit Den Bosch in haar familiegeschiedenis duikt, ontdekt ze een lang verwegen geheim: haar familie was fout in de oorlog. Ze ontdekt familieleden die bij de Jeugdstorm zaten, de Waffen-SS, kampbewakers waren en zelfs zogeheten 'Jodenjagers', die Joodse mensen ongevraagd oppakten om daar twintig gulden voor te ontvangen. Haar onderzoek neemt een bizarre wending als ze stuit op het verhaal van haar overgrootmoeder Johanna. Johanna bleek verantwoordelijk te zijn voor het verraad van dokter Bijl, nota bene al jarenlang haar eigen huisarts. Het verhaal dat hij commentaar had op het portret van Hitler klopt - en bleek voor Johanna directe aanleiding haar arts te verraden. 

Met veel dank aan Annemarie van Geloven voor de tip!

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.