Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Neergestorte vliegtuigen in Standdaarbuiten, 1940-1945

Neergestorte vliegtuigen in Standdaarbuiten, 1940-1945

W.N. van Dranen

17 oktober 2016

Bijgewerkt op 8 mei 2019

Luchtoorlog 1940-1945

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn er boven Nederland zo’n 6.000 militaire vliegtuigen neergestort. Ruim 1.000 daarvan zijn er in Noord-Brabant terecht gekomen. Dan gaat het zowel om geallieerde (Britse, Amerikaanse en Canadese vliegtuigen met bemanningen die uit nog veel meer nationaliteiten bestonden) als Duitse vliegtuigen.

De geallieerde vliegtuigen waren heel vaak bommenwerpers die bij bombardementsmissies op doelen in Duitsland geraakt werden door Duits afweergeschut (de zogenaamde Flak) of onderschept werden door Duitse jachtvliegtuigen (vooral ’s nachts, tijdens de zogenaamde Nachtjagd).

Wij gaan proberen de verhalen achter al deze crashes te achterhalen met behulp van iedereen die ofwel zélf nog herinneringen heeft of de verhalen gehoord heeft van eerdere generaties. Soms is er al veel bekend, soms wat minder.

In Standdaarbuiten is het gedurende de hele oorlog betrekkelijk rustig geweest in de lucht, althans wat betreft het neerstorten van militaire vliegtuigen. Een werkgroep van de heemkundekringen in de gemeente Moerdijk doet al een aantal jaren onderzoek naar de luchtoorlog boven West-Brabant. De volgende gegevens komen voort uit hun onderzoek, waaruit bleek dat Standdaarbuiten pas tijdens de gevechten voor de bevrijding van West-Brabant in oktober/november 1944 voor het eerst kennis maakte met het fenomeen vliegtuigcrash.

Spitfire

Dat was op 3 november 1944, toen de Royal Air Force aanvallen uitvoerde op de Duitse troepen en stellingen bij Klundert en Moerdijk. Hieraan namen ook buitenlandse Spitfire-squadrons deel. Nogal wat vliegtuigen werden daarbij door het Duitse afweergeschut neergehaald.

Standdaarbuiten, 1944: wrak van Sundes Spifire

Eén van die Spitfires, registratienummer PL167 (call sign AH-D) van het Noorse 322 squadron, kwam terecht in het afwateringskanaal de Oostvliet in de polder Het Oudland van Standdaarbuiten. De piloot, de 2e Luitenant Erik Sunde kon nog wel uit zijn toestel komen, maar had onvoldoende hoogte voor het ontplooien van zijn parachute. Hij viel te pletter in de buurt van zijn vliegtuig.

Omdat Sunde een zoon was van een minister in de Noorse regering in ballingschap, werd er in november 1944 een search party op uitgestuurd om vliegtuig en piloot te vinden. Het lichaam van Erik Sunde werd gevonden in een mortuarium in Roosendaal en de resten van zijn Spitfire LF.IX in de Oostvliet.

Na de identificatie door zijn broer Arne Sunde (die ook officier bij de Noorse luchtmacht was), werd Erik Sunde tijdelijk begraven op de algemene begraafplaats in Roosendaal.

Roosendaal, tijdelijk graf van Erik Sunde

Op 20 september 1946 werd zijn stoffelijk overschot overgebracht naar Noorwegen waar het een plaats vond in het familiegraf te Oslo.

Met dank aan Willem van Dranen wiens onderzoek naar deze crash geresulteerd heeft in een publicatie van de Heemkundekring 't Sandt daer buyten, getiteld "Frans en Erik, gesneuvelde vliegeniers voor onze vrijheid" (Heemkundeblad jrg. 29 (2017), nr.2) waarvan we hier gebruik mochten maken. De foto's zijn in 1944 gemaakt door het search team van de Noorse luchtmacht.

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Neergestorte vliegtuigen in Standdaarbuiten, 1940-1945 | BHIC