Van 2017 tot 2024 schreef Henk Beijers als coördinator van de historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel de column 'Oud Nieuws' voor DeMooiSchijndelKrant. Daarin bracht hij zijn lezers op de hoogte van bijzondere feiten uit de geschiedenis van Schijndel.

Elk dorp kent zo zijn eigen geschiedenis. In uiteenlopende archieven kun je van alles achterhalen als je op onderzoek uit gaat. Ik heb deze keer eerst zitten grasduinen in oude kranten vanaf de 17e eeuw. In een van mijn columns heb ik daar bv. de brand in de Nonnenbossche Hoeven gevonden. Steeds vind je in die oude kranten een verzameling oude historische aantekeningen die met de geschiedenis van Schijndel te maken hadden, maar natuurlijk ook in het oud archief [1530-1811].
Bekend is dat vanaf 1309 het schepencollege van Schijndel werd bekrachtigd door de hertogen van Brabant. Het waren overigens niet alleen de schepenen die een sterke maatschappelijke rol speelden in elk Brabants dorp binnen de Meierij van ’s-Hertogenbosch. Naast hen had je ook de zgn. ‘borgemeesters’ die de zorg hadden voor de geldelijke middelen van het dorp en zij beheerden als het ware het huishoudboekje van de gemeente. Naast hen speelde ook de armenzorg een grote rol vanuit de zgn. H.Geesttafel die werd bediend door de bekende H.Geestmeesters en men sprak later van de ‘armentafel’.
Een niet te onderschatten college was dat van de kerkmeesters die rechtstreeks verbonden waren aan de Servatiuskerk en een rol speelden rond bouw, restauratie, benoemingen etc. in parochieel verband. Toen in 1314 de Bodem van Elde werd uitgegeven, die onderdeel uitmaakte van de dorpen Sint-Oedenrode, Schijndel, Boxtel en Gemonde, werden in elk van die dorpen twee zgn. ‘gezworenen’ benoemd, die min of meer het bestuur vormden over de Bodem van Elde. Men sprak in die tijd van ‘de Vier Ghemaelen’ of rechtsgebieden.
Een bekend figuur was o.a. ook de nachtwaker, die tussen oktober en april ieder uur met een ‘klepper’ rond moest, te beginnen bij de gemeentepomp en voorts via de Kluis door het centrum. Rondom de dagelijkse gebeurtenissen in een dorp speelden natuurlijk ook de vorsters of de latere veldwachters een essentiële rol in het kader van de veiligheid en rechtspleging voor alle dorpelingen, want er gebeurde ook in Schijndel van alles wat niet deugde. We pikken er één uit die zich verdienstelijk heeft gemaakt tijdens de 18e eeuw luisterend naar de naam Barent van der Cappen, geboren te Diepenheim in Overijssel, gehuwd met Christina Louisa van Leuwen uit Lichtenvoorde. Barent werd lidmaat van de gereformeerde kerk van Schijndel in juli 1755 en hij overleed op 19 maart 1770.
In 1767 lezen we in het schepenprotocol van Schijndel een notitie over een arrest van goederen door deze vorster op basis van een vonnis van de Schijndelse schepenen dd. 25 juli 1767 ten laste van een zekere Engelbert van Aggelen. De vorster moest enige goederen in arrest nemen waarbij genoemd worden ‘een kleijn kastje of renneke, een langwerpig kastje, een vierkanten tafel, een booterstand, vijff goede als quaede stoelen’, gepasseerd 28 september 1767.
Een van Cappens voorgangers was de roemruchte Thomas Gerbrands waarover legio schepenakten te vinden zijn in het oud archief.
Bron: website henkbeijersarchiefcollectie.nl
Oorspronkelijke publicatiedatum: voorjaar 2024 (nr. 149)
