Van 2017 tot 2024 schreef Henk Beijers als coördinator van de historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel de column 'Oud Nieuws' voor DeMooiSchijndelKrant. Daarin bracht hij zijn lezers op de hoogte van bijzondere feiten uit de geschiedenis van Schijndel.

Onlangs heb ik uit pure nieuwsgierigheid een aantal stukken opgevraagd uit het Schijndelse archief, die te maken hadden met de restauratie van archiefstukken uit het verre verleden. Daarin trof ik een geschreven stuk met de volgende opmerking: ‘ten gevolge van het afbranden van het gemeentehuis op 28 september 1944 is een groot gedeelte van de oude archieven verbrand. Ongeveer 150 perkamenten charters werden door de hitte vervormd en ingekrompen, zodat deze niet meer leesbaar waren’.
Gedurende lange tijd zijn die charters toch wel bewaard gebleven in de hoop dat ze t.z.t. misschien toch nog hersteld zouden kunnen worden. In 1969 is de toenmalige archivaris Ad van Bokhoven afgereisd naar het Rijksarchief in Den Haag met een serie van die charters bij zich, om daar vrijblijvend te informeren in hoeverre die stukken gerestaureerd zouden kunnen worden, zodat ze weer soepel en leesbaar werden. Twee jaren later zou archivaris Van Bokhoven met pensioen gaan en hij was er op gebrand om vóór die datum de restauratie van al die bijzondere stukken geregeld te krijgen! Dat zou hem zeer dierbaar zijn.
Lange tijd werd er niets over deze kwestie vernomen, totdat men contact zocht met de streekarchivaris van Peelland Dhr. Van Emstede, die op zijn beurt contact opnam met het ‘Hessisch Staatsarchiv Marburg’ in Duitsland. Hij wist immers dat destijds in Duitsland na de Tweede Wereldoorlog diverse methoden waren ontwikkeld om verschroeide en in elkaar gekrompen perkamenten stukken weer zacht en soepel te maken. Dat proces was al opgestart in 1955. Men had inmiddels de nodige ervaring opgedaan.
In mei 1971 zijn de beide heren afgereisd naar Marburg. Ze ontmoetten daar een zekere Ritterpusch die internationaal bekend stond als restaurateur van een ruime schat aan archivalia. Na overleg viel een besluit dat de Schijndelse ineen geschrompelde archiefstukken daar behandeld zouden mogen worden. In 1973 zijn 45 charters gerestaureerd terugontvangen en werd tevens beloofd dat de restauratie van het restant medio 1975 te verwachten was. Gelukkig had men nog een oude archiefinventaris geschreven door de heer Bondam m.b.t. alle archiefbescheiden tot aan het jaar 1814. De teksten van de inmiddels in zuurvrij papier ingepakte charters waren gelukkig in die inventaris beschreven want toen was er gelukkig nog geen sprake van brand geweest.
In nagenoeg dezelfde periode is ook een belangrijke stap gezet om andere archiefbestanden naar Schijndel te halen. Zo had men ontdekt dat in het bisschoppelijk archief van Mechelen destijds het archief was gedeponeerd van de Leuvense tienden, die te maken hadden met Schijndelse landerijen over de periode 1437-1796. Daarin stond o.a. informatie over het onderhoud van kerk, kerktoren en tiendklok anno 1778, de schade ten gevolge van zware hagelslag op 3 augustus 1783, de betaling van de bijentiende over 1784, informatie over het schieten van wolven [18e eeuw], pachters en pachtsommen van de Leuvense tienden anno 1781, het zesjarig onderhoud van kerk, toren en koor van de Servatiuskerk anno 1791, en een hele serie oude charters. Tenslotte de toelichting op de tiendkaart uit 1757, die in 1984 door Wiro Heesters is opgenomen in zijn Historische Verkenningen over Schijndel.
Bron: BHIC toegang 5183 Archief Schijndel 1960-1990 inv.nrs. 0548, 0459 en 2432
Oorspronkelijke publicatiedatum: 30 augustus 2023 (nr. 138)
