Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Oud Nieuws: Stadsrecht en gebruiksrecht

Oud Nieuws: Stadsrecht en gebruiksrecht

Henk Beijers

25 juli 2024

Bijgewerkt op 9 januari 2025

Van 2017 tot 2024 schreef Henk Beijers als coördinator van de historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel de column 'Oud Nieuws' voor DeMooiSchijndelKrant. Daarin bracht hij zijn lezers op de hoogte van bijzondere feiten uit de geschiedenis van Schijndel.

De canon van Meierijstad gaat verder met een toelichting op het stadsrecht van Sint-Oedenrode en om het toe te spitsen op de Schijndelse situatie staan we stil bij het gebruiksrecht van de Schijndelaren over hun gemene gronden en werd de schepenbank als het ware geïnstalleerd. De originele brief van de Hertog van Brabant waarin hij aan Sint-Oedenrode vrijheidsrechten of stadsrechten verleende is nooit meer teruggevonden. Zoals in meer gevallen moet je dan maar hopen dat er in een latere tijd een afschrift van is opgesteld en dat is het geval. Dat gebeurde gelukkig in 1340 ruim een eeuw later.

De door Heesters uit het latijn vertaald afschrift luidde als volgt: “Hendrik, door Gods genade Hertog van Lotharingen, groet allen die deze brief lezen. Wij maken aan eenieder bekend, dat wij onze geliefde mensen die in Rode wonen of er willen gaan wonen, dezelfde vrijheid schenken, die wij aan onze burgers in ’s-Hertogenbosch geschonken hebben. Wij hebben dit door onze mannen [edelen] die hier in de omgeving worden, onder ede laten bevestigen. En opdat niemand het zal wagen deze vrijheid te beknotten, of onze mensen die daar in vrijheid willen leven lastig te vallen, hebben wij deze brief laten schrijven en met ons zegel doen bekrachtigen. Gegeven bij ’s-Hertogenbosch in het jaar ons Heren 1232.

Wat de Schijndelse situatie betreft hebben we iets meer geluk want de perkamenten uitgiftebrief van de gemene gronden of ‘de gemeynt’, overigens een ongedateerd vidimus [= gelezen brief] uit de periode van Hertog Jan III [1312-1355] is weliswaar bewaard gebleven, maar in 1944 zwaar gehavend uit de vlammenzee gered en later zo goed en zo kwaad als het kon nog gerestaureerd in het Staatsarchief van Marburg. Op diverse plaatsen is het stuk zo verminkt dat bepaalde fragmenten onleesbaar zijn geworden. De aanhef luidt:  ‘Nos Johannes Dei gracia Lotharinge, Brabantie et Lymburgie’ ofwel Wij Johannes bij de gratie Gods Hertog van Lotharingen Brabant en Limburg.

Daarna volgt een breedvoerige tekst in het latijn die in het oorkondenboek van Noord-Brabant tot 1312 is uitgewerkt. De hertog spreekt over ‘nostris ville de Schijnle’ = ons dorp van Schijndel. Dat gebeurde op Sinterklaasdag 1309. Vanaf dat moment werd het reeds bestaande bestuur [de schepenbank] van Schijndel gelegaliseerd en officieel erkend en kreeg het schepencollege het gebruiksrecht aangeboden van alle gronden van het dorp gelegen tussen de serie omliggende dorpen. Er werden gebruiksregels opgesteld en de definitieve dorpsgrenzen werden vastgesteld.

Bron: Camps [1979]

Oorspronkelijke publicatiedatum: 7 oktober 2020 (nr. 75)

Lees hier de andere afleveringen van Oud Nieuws.

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Oud Nieuws: Stadsrecht en gebruiksrecht | BHIC