Antoon Vissers dook in de familiegeschiedenis van de familie Vervoort in Veghel en Zijtaart en kwam heel opmerkelijke – en soms expliciete – archiefstukken tegen. Van kwakzalvers en klauwzeer tot… dames van lichte zeden. Dat laatste beweert tenminste één van de telgen van de familie.

Pater Vervoortstraat 3 Zijtaart, gebouwd door meester timmerman Johannes Vervoort. Boven de deur staat 18GVD60
Meer over dit huis is te zien op De geschiedenis van Zijtaart
De eerste Vervoort die we in dit verhaal tegenkomen, is Godefridus; een veldwachter en cipier en in 1799 getrouwd met Johanna Heesakkers. ‘Goord’ werd de veldwachter genoemd, een bijnaam die we ook later weer terugzien bij zijn kinderen. Maar deze Goord werd ook wel als kwakzalver gezien, zoals blijkt uit het gesprekje met de burgemeester. Hij had wel z’n woordje klaar.
Burgemeester: “Goord weet ge wel wat de mensen van U zeggen”?
Goord: “Wel nee burgemeester”
Burgemeester: “Dat gij een heksemeester zijt”
Goord: “Zo en weet ge wat de mensen van U zeggen? Dat gij geen heksemeester zijt”
De burgemeester zei hem verder dat de schoolmeester van Zijtaart, Peter van Dam, met een kar en os turf ging steken in de hei. Iets dat toen streng verboden was; mogelijk sprak de burgemeester Goord erop aan dat hij moest optreden in zijn rol als veldwachter. Overigens bestaat de school van deze schoolmeester nog steeds, aan de Pater Vervoortstraat 3.
Maken we een stap verder in de stamboom van de familie Vervoort en stuiten we op de zoon van Goord, Engelbertus - Bert in het dagelijks leven. Zijn beroepen waren grofsmid, veearts en kwakzalver en heksenmeester. Bert genas het vee van het klauwzeer, maar met welk medicijn is niet bekend. De zoon van Bert, Johannes, was óók veearts en smid te Zijtaart. Johannes had een zieke hond van Francois Vial, die aan verlamming leed, een medicijn gegeven (een kwak zalf). Niet helemaal zoals het hoorde kennelijk, want hij kreeg daar van het kantongerecht in 1897 een boete van een gulden voor.
De broer van Bert, ook een Johannes, was timmerman te Veghel. Deze Johannes had een zoon Martinus die net als zijn vader timmerman was. Deze Martinus werd aangeklaagd en voor de kantonrechter gedaagd door Martinus van Rijbroek. Van Rijbroek was namelijk gehuwd met Mechelina Swinkels. Martinus Vervoort had tegen Martinus van Rijbroek gezegd dat zijn vrouw een ‘schele hoer’ was. Martinus Vervoort was kennelijk niet al te fijnzinnig want hij zei: “Ik heb al vijf maal op je wijf gelegen en mag ik ze nog eens naaien.”
Eén ding is zeker: de stamboom van de familie Vervoort is niet saai te noemen. Geraadpleegde bronnen zijn:
- kantongerecht Veghel BHIC toegang 42 inv.nr.37 vonnis 200 dd. 19-5-1897
- Kanton Veghel BHIC toegang 42 inv.nr.08 rol 2190 d.d. 15-8-1865
- Nieuwe Tilburgsche courant 21 september 1907.
- Rechtbank BHIC toegang 24 inv.nr. 99. d.d. 29 juni 1874


