Op 14 juli 1943 stortte in de Dintherse Hoek bij Vorstenbosch een Hadly Page Halifax bommenwerper brandend neer. Daarbij ging ook de boerderij van de familie Zomers aan de Schanseweg in vlammen op.

De piloot van het vliegtuig kwam om, vijf andere bemanningsleden werden gevangen genomen door de Duitsers. Alleen sergeant Jack Hempstead wist te ontsnappen.
Hempstead was net als de anderen uit het toestel gesprongen. Het eerste wat hij deed, toen hij veilig was geland, was zijn parachute verbranden. Daarna liep hij een eindje in de richting van het brandende vliegtuig en kwam daarbij een stel jongens op de fiets tegen, ook op weg naar het wrak.
Toen hij hen aansprak, was het meteen duidelijk dat hij in het vliegtuig had gezeten. Snel werden een overjas en schoenen geregeld, want Hempstead was tijdens de sprong zijn vlieglaarzen kwijt geraakt. Vervolgens kreeg de Engelsman in een boerderij te Vorstenbosch wat te eten. Men bracht hem vervolgens naar een plekje in een korenveld waar hij vijf dagen lang van eten en drinken werd voorzien.
Op 19 juli bracht één van de jongens Hempstead burgerkleding en kon hij zijn schuilplaats verlaten. Twee mannen leverden hem af in het station te Veghel. Via Den Haag bereikte de RAF-sergeant uiteindelijk zijn vaderland.
Naar: Brabants Dagblad zaterdag 2-9-2006



