Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Reizen door betwist gebied

Reizen door betwist gebied

Anton Schuttelaars

3 december 2024

Bijgewerkt op 17 februari 2025

Op een zaterdagavond in juni 1635 werd er op de poort geklopt van het Slotje in Heeswijk, waar de abt van Berne toen zijn domicilie had. Daar stond de Vrouwe van Pietersheim met haar gevolg en negen of tien paarden. Of zij met haar hele gezelschap die nacht onderdak kon krijgen? Dat kon. Na het ontbijt zette de edelvrouwe de volgende morgen haar reis voort in de richting van Batenburg.

Logeren in de zeventiende eeuw

Het Slotje van de abdij van Berne in Heeswijk.
Het Slotje van de Abdij in Heeswijk
(uitsnede uit een portret van abt Van Malsen).

We zouden tegenwoordig vreemd opkijken als op een avond, zonder aankondiging vooraf, iemand aanbelt met de vraag die nacht te mogen blijven slapen. Zelfs als het om een bekende gaat. Zoiets doe je niet, je laat tevoren van je horen en informeert eerst of het wel uitkomt. Met de communicatie-middelen van tegenwoordig is dat natuurlijk ook een kleine moeite.

Portret van Jan Moors (collectie Abdij van Berne)

In de zeventiende eeuw lag dat anders: als je eerst een brief moest sturen om te vragen of je mocht komen logeren, was je – afhankelijk van de afstand natuurlijk – al gauw een aantal dagen verder. De zeventiende-eeuwer lijkt om die reden met dit soort onaangekondigde bezoekjes geen moeite te hebben gehad. Of misschien was hij wel gewoon gastvrijer dan wij tegenwoordig?

Het dagboek van abt Jan Moors van de abdij van Berne, waar het bovenstaande geval aan is ontleend, bevat legio voorbeelden van dit soort ad hoc logeerpartijen, zowel ten huize van de abt als van de abt zelf bij bekenden elders. Of zo’n verblijf ook kosteloos was is overigens maar de vraag. Dat de Vrouwe van Pietersheim voor haar verblijf betaalde vermeldt de abt niet. Moors zelf noteert dit soort uitgaven wel: na een overnachting onderweg gaf hij het dienstpersoneel op zijn logeeradres steevast een behoorlijk bedrag: 5 gulden in Postel, 5 gulden en 2 stuiver in Tongerlo, 5 gulden en 9 stuiver in Park, 5 gulden in Grimbergen, 4 gulden en 5 stuiver in Dendermonde. Het lijkt hier niet zozeer om een vergoeding voor de verblijfskosten te gaan, maar eerder om een ‘fooi’ voor het bedienend personeel. Al was dat dan wel een forse fooi: 5 gulden in 1635 zou nu zo’n kleine 70 euro waard zijn.

De Vrouwe van Pietersheim

Portret van Anna Maria Sidonia van
Bronckhorst-Batenburg-Steyn (1601-1646) (afbeelding: RKD)

Wie was die Vrouwe van Pietersheim, of domina de Petersem zoals Moors haar in zijn dagboek noemt, die de nacht van 16 op 17 juni 1635 in Heeswijk logeerde? Pietersheim was een rijksheerlijkheid in het land van Luik, een paar kilometer ten noordwesten van Maastricht. Deze heerlijkheid was al sinds het midden van de vijftiende eeuw in het bezit van de familie Van Merode. Regerend heer was in 1635 Floris van Merode (1598-1638), die in 1624 in het huwelijk was getreden met Anna Maria Sidonia van Bronckhorst-Batenburg-Steyn (1601-1646). Deze Anna Maria Sidonia is de Vrouwe van Pietersheim die in juni 1635 in Heeswijk aanklopte voor onderdak.

Zij was de dochter van Maximiliaan van Bronckhorst-Batenburg-Steyn (1561-1641) en diens eerste vrouw Agnes von Kettler zu Nesselrath. Deze Agnes, de moeder van Anna Maria Sidonia, was op 29 april 1635 in Batenburg in het Land van Maas en Waal overleden, getuige een rouwbord dat nog steeds in de Oude Sint-Victorkerk aldaar te zien is. Waarom Anna Maria Sidonia pas anderhalve maand later haar moeder de laatste eer ging bewijzen? Daar kunnen we alleen maar naar gissen. De afstand tussen Batenburg en Pietersheim is hemelsbreed ruim 100 kilometer.

Rouwbord van Agnes von Kettler zu Nesselrath
(Batenburg, Oude Sint-Victorkerk)

Een boodschap, zelfs per ijlbode, zou minstens één à twee dagen onderweg zijn. Pietersheim was niet de enige plaats waar de doodstijding van Agnes moest worden bezorgd, haar kinderen en verdere familie woonden her en der in de Nederlanden en het Rijnland. Bovendien was reizen in die tijd – zeker door betwist gebied – niet zonder risico’s; maar daarover zometeen meer. Tenslotte dient nog opgemerkt dat Anna Maria Sidonia zwanger was: dochter Eleonore zou op 4 september 1635 in Pietersheim worden geboren.

Het ligt voor de hand dat Agnes von Kettler kort na haar overlijden is bijgezet in de grafelijke grafkapel van de graven van Bronckhorst in de Sint-Victorskerk in Batenburg. Veel van haar familieleden zullen hierbij om de hierboven vermelde redenen niet aanwezig zijn geweest. Mogelijk dat enkele weken later de familie alsnog in groteren getale bijeen is geweest om hun overleden verwant te herdenken. Dat zal overigens niet in de Sint-Victorskerk zijn gebeurd, want die werd in die tijd bestierd door een Nederduits-Gereformeerde dominee, terwijl deze tak van de familie Van Bronckhorst naar alle waarschijnlijkheid katholiek was.

 Reizen in betwist gebied

Een complicerende factor bij de reis van Anna Maria Sidonia van Pietersheim naar Batenburg was dat het gebied tussen beide plaatsen al sedert lang in staat van oorlog was. Om van Pietersheim in Batenburg te komen moest de Meierij van ’s-Hertogenbosch worden gepasseerd, al decennia lang een twistappel tussen de Republiek en de Zuidelijke Nederlanden. Door de verovering van ’s-Hertogenbosch door het Staatse Leger in 1629 was de situatie op het Meierijse platteland er alleen maar ingewikkelder en onzekerder op geworden. Om enigszins veilig door die landstreek te kunnen reizen waren vrijgeleiden of sauvegardes van beide strijdende partijen bittere noodzaak. En zelfs het bezit daarvan kon vaak niet voorkomen dat een reiziger door militairen van een van beide, of als het tegenzat zelfs van allebei de partijen, geld werd afgeperst om ongehinderd te mogen passeren.

Abt Moors kon van dat soort praktijken meepraten, getuige zijn dagboekaantekeningen. Toen hij bijvoorbeeld in 1638 van Heeswijk naar Antwerpen reisde werd zijn gezelschap op 8 september tussen Hilvarenbeek en Turnhout tegengehouden door Staatse ruiters uit Bergen op Zoom, die a nobis exegerunt quatuor scellingos (die van ons vier schellingen eisten). De volgende dag, tussen Wijnegem en Antwerpen, kwam Moors opnieuw oog in oog met (Staatse) Bergse ruiters, ditmaal kostte het hem twee schellingen. En ook de tegenpartij liet zich niet onbetuigd: verderop richting Antwerpen, aen den Dam, eisten diezelfde dag soldaten van de Spaanse koning een schelling. Kleine bedragen inderdaad, alom bekende praktijken waar men zich met een buidel kleingeld op kon voorbereiden, maar hoe dan ook geen veilige situatie: bij elke confrontatie met een troep soldaten bestond de dreiging dat het ook anders kon aflopen, met geweld, gijzeling of nog erger.

Zowel de familie van Anna Maria Sidonia als die van haar man hadden vele, wijdverspreide bezittingen, zowel binnen de grenzen van de Republiek als in de Zuidelijke Nederlanden. Om zich enigszins veilig te kunnen bewegen tussen die verschillende eigendommen waren garanties van hogerhand onmisbaar. Zo wist Filips de Merode, de oudere broer van Anna Maria Sidonia’s man Floris, in 1621 bij de Staten-Generaal een akte van neutraliteit te bemachtigen – hij had naar eigen zeggen van de Aartshertogen in de Zuidelijke Nederlanden al een soortgelijk document verkregen - en een sauvegarde voor hemzelf, zijn gezin en zijn personeel.

Het ligt voor de hand – al kunnen we dat niet met bewijzen staven – dat Floris van Merode voor zichzelf en zijn familie soortgelijke voorzorgsmaatregelen heeft genomen, waardoor relatief probleemloos van Zuid naar Noord en vice versa kon worden bewogen. Floris, die zijn vaste domicilie in Pietersheim had – zo werden de kinderen uit het huwelijk allemaal in die plaats geboren en gedoopt - stierf in 1638 naar alle waarschijnlijkheid niet in de Zuidelijke Nederlanden, maar binnen de grenzen van de Republiek, in het Utrechtse Montfoort, dat hij in dat jaar van zijn oudere broer Filips had geërfd. Anna Maria Sidonia deed als voogdes van haar minderjarige zoon in 1640, 1641 én 1642 eveneens vanuit Pietersheim Montfoort aan. Gewapend met de nodige vrijgeleides kon de Vrouwe van Pietersheim in de laatste jaren van de Tachtigjarige Oorlog zonder veel gevaar van haar vaste woonplaats in het Zuiden naar diverse plaatsen in de Republiek reizen.

Een ander voorbeeld van het belang van een sauvegarde vinden we in het dagboek van abt Moors. Op 10 juni 1637 – Moors verblijft dan in de gebouwen van de oude abdij in Bern nabij Heusden – liet gravin Christiane van Erbach, de vrouw van Willem van Nassau-Siegen, Staats gouverneur van Heusden, aan de abt vragen of hij voor haar bij de Spaanse Kardinaal-Infant in Brussel een vrijgeleide kon regelen, quo libere posset cum suo sodalitio et commeatu et rheda proficisci quo luberet (waardoor zij met haar gezelschap en haar rijtuig vrij kon gaan en staan waar het haar behaagde). Moors deed zijn best, hij schreef voor haar aan de president van de Raad van State in Brussel en aan de aartsbisschop van Mechelen. Of zijn inspanningen ook resultaat hebben opgeleverd vernemen we niet uit het dagboek.

Personen van rang en stand konden door middel van sauvegardes van de strijdende partijen aan beide zijden van de frontlinie een reis door het betwiste grensgebied aanzienlijk beveiligen en vergemakkelijken. De gewone man had dergelijke middelen doorgaans niet tot zijn beschikking, al is het zo dat er in behoorlijk wat dorpsarchieven in de Meijerij sauvegardes worden bewaard. Daarbij gaat het om de garantie dat een dorp niet door troepen van de partij die het document uitgeeft zal worden geplunderd, gebrandschat en dat de inwoners niet zullen worden gemolesteerd, zoals bijvoorbeeld de gouverneur van Grave in 1647 aan de inwoners van de heerlijkheid Boxmeer toezegt: Wij verbieden expresselick allen officieren ende soldaten onder onsen commandement gehoorende, om in de vrij Heerlicheijt Boxmeer, niet te logeren, peijsteren oft voederen sonder te toonen onse schriftelicke permissie […], noch den ingesetenen vandien eenige molestatie oft overlast aen te doen. Voor dit soort sauvegardes moest overigens gewoonlijk flink worden betaald. 

Meer over abt Moors en zijn dagboek

Literatuur en bronnen:

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Reizen door betwist gebied | BHIC