Pastoor Van Roosmalen kocht in 1893 namens het kerkbestuur de terreinen voor het nieuwe liefdegesticht van de Zusters van Liefde van Schijndel . De pastoor vermeldt: ‘De terreinen aangeboden door Notaris van Kemenade voor fl. 3500,- omvatten mede een heerenhuis en vier woningen, welke samen de rente van de koopsom opbrachten. De Notaris deed hiermee een zeer grote weldaad aan zijn parochie, het aanbod werd derhalve met oprechte dank aan de edelmoedigen weldoener op 25 juli 1893 aanvaard’.

Al in februari 1894 begon de bouw van het nieuwe klooster onder leiding van architect J. Heijkants. Links bevond zich een school met bewaarschool en vier klaslokalen voor de oudere leerlingen. Aan de rechterkant van het klooster werd in een vleugel het gasthuis ondergebracht. De oplevering van het liefdehuis vond plaats in 1895 en in september van dat jaar vestigden zich daar vanuit Schijndel zeven zusters met hun overste.
De congregatie nam het klooster in 1922 over van het kerkbestuur. In 1950 vonden restauraties plaats en bouwde men een zijvleugel met kapel.

Het klooster is opgeheven in december 1996. Toen verkochten de zusters het klooster aan de gemeente Beek en Donk, die het als gemeentehuis wilde bestemmen. Vanaf medio 2003 is het gebouw volgens de plannen van architect Friso Woudstra in zijn oorspronkelijke staat gerestaureerd.
De gemeente Laarbeek, waartoe Beek en Donk in 1997 ging behoren, vestigde zijn gemeentehuis echter elders. In 2016 is er o.a. een makelaarskantoor in het voormalige klooster gevestigd.
Bron: Jan Smits, Vademecum van religieuzen en hun kloosters in Noord-Brabant. Alphen a/d Maas, 2010.


