Als je in juni 1944 geboren bent, is het een open deur om te zeggen, dat je de oorlog niet bewust hebt meegemaakt. Je wist dus niet, dat de slag om Woensdrecht en de Kreekrakdam aanstaande was.
Pas als je een jaar of tien bent, ga je dingen beseffen. Dat de tank val bij Schaliehoef echt bedoeld was om militaire tanks tegen te houden bijvoorbeeld. Dat overbuurman Rikus Elzakkers een houten been had, omdat hij op een landmijn gestapt was.

En soms lijken verhalen logisch, terwijl je daar veel later aan gaat twijfelen. Zo waren de huizen langs de Antwerpsestraatweg allemaal van vóór de Wereldoorlog. Behalve het huis met nummer 500 tegenover ons huis. Dat huis was nieuw. Het verhaal er achter was, dat er in de strijd om Woensdrecht een granaat op dat huis gevallen was. Om die reden zijn – volgens mijn jongste zus – mijn ouders met de kinderen te voet gevlucht naar kennissen in Poortvliet op het eiland Tholen.
Onder water
Echter: voor ik aan dit verhaal begon, heb ik op internet gekeken naar kaarten van de slag om Woensdrecht en de Kreekrakdam. En daar zie ik, dat niet alleen het eiland Walcheren onder water gezet was. Dat was ook gebeurd met het eiland Tholen. Dus ligt het meer voor de hand, dat de Poortvlietse kennissen bij ons in huis waren.

Iets anders, wat onmiskenbaar met de Wereldoorlog te maken had, was de bunker op het veld naast ons huis. Niet zo’n bovengronds vierkant blok beton, maar de bovenkant was gelijk met het maaiveld. Het was een lange gang met twee ondergrondse kamers en een cirkelvormige geschutsput. De dikke betonnen wanden van de gang waren een meter of drie hoog. Op een twee meter hoogte waren er op een meter van elkaar dwarsbalken tussen de muren. De bunker is gebouwd in 1942 – 1943.
Je kon met een betonnen trap afdalen in de bunker. Onderaan de trap was de eerste ondergrondse kamer. In mijn jeugd stond er altijd water in die kamer. Als dat tijdens de Wereldoorlog ook zo was, dan begrijp ik waarom mijn moeder medelijden had met de Duitse soldaten in de bunker. Ze vertelde altijd over jonge jongens van zeventien, achttien jaar, die huilden omdat ze in een oorlog gefrommeld waren waar ze niet om gevraagd hadden.
Doktertje spelen
Maar in mijn jeugd waren er geen Duitsers meer. De bunker was een onderdeel van ons speelterrein.
De waaghalzen sprongen op twee meter hoogte van dwarsbalk naar dwarsbalk. Die wat voorzichtiger waren, gebruikten de bunker bij verstoppertje of bij cowboytje spelen. En als kinderen met kaarsjes en snoepgoed naar de tweede – droge – ondergrondse kamer kwamen, dan werd er doktertje gespeeld. Maar dat kon je maar beter niet thuis vertellen. Rond 1963 is de bunker afgebroken voor een nieuwbouwwijk.
Uit papieren, die Hans Jordans heeft toegestuurd, blijkt, dat de sloop van de bunker geraamd werd op 3.557,30 gulden. Onze speelervaringen waren onbetaalbaar.
Willem Kruf stuurde ons hierop de volgende aanvullingen:
Foto voetbalveld met de zijgevel van het huis waar Jan woonde. Achter het doel loopt de Antwerpsestraatweg


Rechts: detailgedeelte van de Duitse stafkaart met aan de voet van de vlaggemast de hoek Klein Molenbeek, nu Albert Cuijpstraat, en Antwerpsestraatweg (rode lijn van boven naar beneden). Dat gebied beschrijft Jan in zijn verhaal. Onder Molenbeek met tankval De zwarte lijnen zal het gangen- en schuilplaatsen- en bunkerstelsel zijn.


En Willem Kruf wijst ons op deze foto, met als opmerking "Het rode gebied is het gebied op de tekening van Jan. Onderin de foto de tankval."

Wil je meer luchtfoto's van 21 oktober 1944 van dit gebied zien? Klik dan hier (opent in een nieuw tabblad)


