Onderzoek naar de geschiedenis van de buurtschap “Heimolen” leidt ook naar de daar aanwezige camping Uit en Thuis. Het onderzoeken van de geschiedenis daarvan komt goed uit, want deze camping is in 2026 zeventig jaar eigendom van en in beheer van de familie Kipping. Maar verrassend is ook te ontdekken de band met een tweede vakantieoord met die naam in Brabant.
Beide vakantieplekken kennen ook enige tijd de zelfde beheerder. Het verhaal is opgedeeld in drie delen: 1932–1944, 1944–1948 en vanaf 1949 Uit en Thuis Diessen tot 1966 en Woensdrecht tot 1956.
Met dank aan Ad van Doormaal en Jan van Helvoirt die bezig zijn met het erfgoed van Diessen, onder meer via de website https://www.janvanhelvoirt.nl (opent in een nieuw tabblad), Ans Holman van het Regionaal Archief Tilburg en Mariët Bruggeman van het BHIC.
De start van de oudste Uit en Thuis in Diessen

De oudste Uit en Thuis in de toenmalige gemeente Diessen, tegen de grens met Baarschot, zal zijn gestart in 1932. De eigenaar-beheerder Dirk van Dam, wonende in Den Haag als pensionhouder, wordt tijdens kampeerseizoen 1932 en 1933 uitgeschreven naar Diessen. [Hij vraagt er in 1932 ook een provinciaal nummerbewijs (opent in een nieuw tabblad) aan. Redactie] Het kadaster vermeldt als aankoopjaar van het perceel bos en heide 1932. De schrijver vindt betrokkene ook in een advertentie in de Haagse Courant van 3 mei 1933 terug.
Veertien dagen later wordt in dezelfde krant geadverteerd met kamphuisjes met en zonder pension, te midden van bos en heide. Er is zelfs een prospectus beschikbaar. Op 13 juni 1933 verschijnt in Oost- en West Nederland kranten een groot artikel waarvan de kop luidt: “KAMPEEREN. leder naar buiten! Nergens wordt zooveel gekampeerd.” Verder vermeldt die krant: “particuliere kampterreinen, waar men zelfs tentmateriaal kan huren. Ik noem (…) in Brabant de Kampplaats „Uit en thuis" te Diessen aan de Belgische grens (…).”

Maar de Brabanders zitten niet op de vrijer levende gasten uit het Westen te wachten. Een mooi voorbeeld staat in de bijlage met oude vakantieverhalen van Vrij Nederland van 28 juli 1979. Een passage in het verhaal betreft een naakt recreërend vakantiestelletje uit de Randstad bij een vennetje. Een naakte man was nog tot daar aan toe, maar een jongedame naakt, dat kan niet, aldus de veldwachter, die het stelletje aansprak. Ook na de Tweede Wereldoorlog voert RK-signatuur bij kampvergunning nog een sterke rol.

Volgens Stephan Kipping, kleinzoon van Jan Kipping die op het eind van dit verhaal ten tonele verschijnt, is zijn opa van moederskant, de Haagse rijwielhandelaar Johannes Muijlwijk, tot 1940 beheerder van de kampplaats. Johannes wordt in het bevolkingsregister van Den Haag niet uitgeschreven naar of ingeschreven vanuit Diessen. Frappant is wel dat hij in de jaren 1936 tot 1939 bij het begin en eind van het kampeerseizoen telkens een ander adres heeft. Ook behoort hij niet tot een kerkgenootschap. Hij is dus van neutrale grondslag, waarover hiervoor is en later meer wordt geschreven.
De start van de jongste Uit en Thuis in Woensdrecht
De ondergrond van het latere tweede Uit en Thuis aan de Fianestraat, later Heimolen, te Woensdrecht, nu Bergen op Zoom kent als vakantieplek vrijwel gelijktijdige start als Uit en Thuis in Diessen. In 1933 koopt volgens het kadaster arts, chirurg Dr. Johan Huese (opent in een nieuw tabblad) uit Goes een perceel grond et mastbos op voormelde locatie. De nieuwe eigenaar laat een bewoner van Nieuw-Borgvliet op 14 juni 1935 bij burgemeester en wethouders een bouwvergunning voor een schuur, volgens kadaster zomerhuisje, op het perceel aanvragen. Bij de aanvrage is deze bouwtekening gevoegd: de aanwezigheid van een schoorsteen wijst al op ander gebruik De vergunning wordt verleend op 27 juni 1935.

Op 21 januari 1949 bericht de Nieuwe Winterswijksche Courant: “West-Brabant krijgt een groot kampeercentrum In de mooie streek, enkele kilometers buiten Bergen op Zoom, [z]al te midden van bos en hei, een groot kampeercentrum en vacantieoord, Uit en Thuis geheten, worden ingericht.” In 1949 gaat het eigendom over naar mevrouw Maria Kiewiet de Jonge uit Den Haag. Mogelijk kennen de twee eigenaren elkaar. Huese is een officierszoon en Kiewiet de Jonge en gehuwd met een militair. Daarnaast zijn vader Kiewiet de Jonge en Huese beide arts. Maar er kan ook en andere connectie zijn: zowel in Diessen als Woensdrecht zijn meerdere Hagenaars betrokken.
Abraham Flier runt beide vakantieoorden
Alhoewel niet gelijktijdig treedt Abraham Flier een aantal jaren op als beheerder van de beide kampeerterreinen. Eerst van het terrein in Diessen van 1943 tot en met 1948 en dan in Woensdrecht van 1949 tot en met 1954. Eigenaar Dirk van Dam van Uit en Thuis in Diessen schrijft op 31 augustus 1944 – een ruime maand voor de bevrijding van Diessen – vanuit Blokzijl een uitgebreide brief met gedrukte kop Bonds-kampeercentrum UIT EN THUIS, naar de bezettersgezinde burgemeester van Diessen, die per 26 september 1943 is aangetreden als opvolger van de per 18 september 1943 ontslagen burgemeester. Voornoemde brief is een vervolg op zijn brief van 6 augustus 1944 op verzoek van de burgemeester als toelichting op de situatie rond het kampeercentrum. In de brief van 6 augustus 1944 geeft Dirk aan dat er op het terrein dingen gebeuren waarvoor hij geen verantwoordelijkheid kan dragen. Hij verzoekt dan ook het terrein te ontruimen en de hem in juni 1932 verleende kampeervergunning tijdelijk in te trekken. Uit de toelichtende brief komt onder meer het volgende naar voren. Er meldt zich ene J. Flier uit Den Haag die interesse toont de zaak te kopen en zijn broer Abraham beheerder wil maken. Het gevoelen ontstaat dat hij niet de juiste persoon is. J. Flier verklaart ook onmiddellijk met uitbreiding te beginnen met vijf huisjes met materiaal van de Duitse Wehrmacht. Volgens Dirk krijgt Flier op onverklaarbare wijze toch een exploitatievergunning, waartegen hij moeilijk in geding kon gaan. Een vergunning zonder zijn instemming voor huisjesuitbreiding en ondanks de bezwaren van burgemeester en wethouders, waarbij Dirk verwijst naar o.a. een brief van 2 februari 1943. Ook vermeldt de brief dat inmiddels Jan Flier is doodgeschoten wegens o.a. onttrekken van materiaal de Duitse Wehrmacht en dat A. Flier is verdwenen en dus voor hem onbereikbaar is. Hij besluit met een huidige bewoner het genoegen van een vakantieweek niet te willen ontnemen.
