Onderzoek naar de geschiedenis van de buurtschap “Heimolen” leidt ook naar de daar aanwezige camping Uit en Thuis. Het onderzoeken van de geschiedenis daarvan komt goed uit, want deze camping is in 2026 zeventig jaar eigendom van en in beheer van de familie Kipping. Maar verrassend is ook te ontdekken de band met een tweede vakantieoord met die naam in Brabant.
Naam Uit en Thuis naar het West-Brabantse
Zoals in de twee voorgaande delen gemeld hecht het gemeentebestuur van Diessen sterk aan beheer door een RK-instelling. Mogelijk heeft dit geleid tot een brief van 7 maart 1949 aan de gemeente waarin een geïnteresseerde briefschrijver uit Amsterdam laat weten, dat van de heer Flier is vernomen dat hij mogelijk naar elders zou kunnen vertrekken. Deze melding wordt voorafgegaan door een krantenbericht in januari 1949.
Plannen voor een groot kampeercentrum in West Brabant
Dit nieuwtje meldt de Nieuwe Winterswijksche Courant op 21 januari 1949. Een nieuw en groot kampeercentrum en vakantieoord, Uit en Thuis geheten, enkele kilometers buiten Bergen op Zoom tegen de bossen van Cuijpers en Wouwse Plantage en ongeveer 400 meter van de Schelde.
Het terrein op een Canadese luchtfoto

Met het oog op het door hen te bevrijden gebied maakt de Canadese luchtmacht series foto’s van Noord-Brabant. Ook het gebied waarbinnen de camping ligt. tankval en het bos onderin te zien. Het gebied van de camping is licht blauw omrand en de tankval is de streep rechtsboven.
Ook ligt in de naaste omgeving een Duits Waldlager.
Het eigendom van het terrein
Na de in deel 1 genoemde arts Huese (opent in een nieuw tabblad) en na twee andere eigenaren komt het gebied in 1949 in eigendom van mevrouw Maria Kiewiet de Jonge uit Den Haag. Haar eigendomsregistratie in het kadaster vermeldt dat er in 1949 een zomerhuisje met mastbos staat en in 1950 11 zomerhuisjes, een kantine en bos. Dan gaat in 1953 het onroerend goed in eigendom over naar meergenoemde Abraham Flier. In het kadaster wordt als zijn beroep leider van een kampeercentrum genoemd. Hij bouwt nog een huisje en een bergplaats bij. Evenals in Diessen dragen de huisjes vogelnamen, die ook te lezen zijn op de ansichtkaart van latere datum.

Geen eigenaar maar wel bouwer
Op de 30 mei 1950 krijgt A. Flier toestemming tot de (ver)bouw van tien zomerhuisjes op zijn terrein. Flier verzoekt ook om toestemming tot het bouwen van een kantine. Vergunning daarvoor krijgt hij op 31 juli 1950. Als de gasten bij de ingang aan de Heimolen het terrein opkomen lopen zij eerst langs het jongenskamp, dan over het familiekamp, vervolgens langs het meisjeskamp om vervolgens bij de kantine en vakantiehuisjes te komen.

Geen exploitatievergunning
De exploitie geeft immer reden tot zorg. Typerend in deze is een brief van vergunningverlener Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant op 12 mei 1954. Aan het verzoek om een exploitatievergunning kan niet worden voldaan. Eerst moet de watervoorziening worden verbeterd. Is die verbeterd dan wordt nog slechts een tijdelijke vergunning verleend, aangezien het bedrijf nog vele verbeteringen behoeft. Een te verlenen vergunning omvat 12 zespersoonhuisjes, 1 vierpersoonshuisje en tententerrein voor maximaal 220 kampeerders. Eind 1954 wordt Abraham Flier na verbalisering veroordeeld, omdat hij geen vergunning heeft.
Overlijden, afwikkeling en opvolging
Helaas overlijdt Abraham op 26 december 1954 op zestigjarige leeftijd. Op 7 maart 1955 berichten burgemeester en wethouders van Woensdrecht Gedeputeerde Staten als volgt: “Het geheel geeft een armetierige en als kampeerbedrijf een weinig aantrekkelijke aanblik.” Omtrent de financiën wordt nog melding gemaakt van teveel door hem ontvangen vergoeding voor oorlogsschade, toegebracht aan zijn kamp in de gemeente Diessen. Er melden zich drie kandidaat-eigenaren en beheerders. Eén uit Amsterdam die geen vergunning krijgt, iemand met bestaand kampeercentrum op de Veluwe en iemand uit Rotterdam. Geen van hen wordt eigenaar en/of beheerder.
Maar er meldt zich een vierde kandidaat

Een nieuwe kandidaat is Jan Kipping, een slager uit Den Haag. Hij meldt zich bij het gemeentebestuur van Woensdrecht op 25 november 1955. Jan wordt snel de eigenaar en exploitant van Uit en Thuis. Op de foto zit hij rechts op de bank voor het oude bureau van de camping.
Inmiddels wordt in 2024 de camping geëxploiteerd door de derde generatie. Over de periode na 1955 met de familie Kipping wordt op terug gekomen in 2026: Uit en Thuis 70 jaar met de familie Kipping. Maar de nieuwsgierige lezers kunnen al naar de eigen website van camping Uit en Thuis (opent in een nieuw tabblad).
Terug naar Uit en Thuis in Diessen
Uit een memo van 24 september 1948 blijkt dat eigenaar Dirk van Dam wenst te verkopen aan de Hagenaar Gerrit Cuhfus. Cuhfus stelt zich aan de burgemeester voor in zijn brief van 29 september 1948. Hij schrijft zeer dikwijls in de gemeente te hebben vertoefd en reeds enkele malen het kamp Uit en Thuis heeft beheerd bij afwezigheid van de eigenaar. Hij wil het kamp zijn goede naam terug bezorgen. Eind 1948 melden zich kandidaten voor het kampeercentrum Uit en Thuis in Diessen. Twee geïnteresseerden uit Den Haag krijgen ieder te horen van de de burgemeester dat een vergunning op neutale grondslag vooralsnog niet aan de orde is. Ook eigenaar Dirk van Dam krijgt dit bij brief van 17 november 1948 te horen, met de aanvulling dat een RK Jeugdorganisatie interesse in koop zou hebben. De RK-achterban van de eerder genoemde briefschrijver uit Amsterdam steunt hem tevergeefs in zijn vergunningaanvrage. Op 16 maart 1949 bericht de burgemeester dat nog geen beslssing op de aanvrage kan worden genomen.
Geen kampeercentrum of toch wel?
In een brief van 1 februari 1950 schrijft de Nederlandsche Kampeerkaarten Centrale de gemeente aan over een onvangen klacht de Amsterdamse eigenaresse van een vakantiehuisje op het voormalige kapeerterrein Uit en Thuis. Later in het jaar wordt gesproken over terrein Uit en Thuis. In hun brieven van 21 juni 1951 en 4 augustus 1953 berichten burgemeester en wethouders over het voormalig kampeerterrein Uit en Thuis. Laatstbedoelde brief vermeldt ook: “(…) het in het algemeen niet wenselijk achten, zulks met het oog op de landelijke rust voor kampeerders op het voormalig kampeerterrein “Uit en Thuis” het aantal zomerhuisjes op dit terrein uit te breiden.” Echter, gezien de grootte van het terrein mag hij in principe EEN zomerhuisje bouwen. Bij brief van 25 februari 1954 bericht winkelier, eerder slagerijmeester en zwemonderwijzer, Gerrit Cuhfus uit Den Haag het gemeentebestuur het beheer van de exploitatie van het kampeercentrum Uit en Thuis over te dragen aan Willem Koenraads, boekhouder uit Den Haag. Het gaat om 60 are. In een brief van 28 september 1954 aan de Provinciaal Planologische Dienst spreekt het gemeentestuur over vier zomerhuisjes gelegen op het terrein, genaamd “Uit en Thuis”.
Op 1 augustus 1954 heeft de landmeter van het kadaster deze veldwerktekening van het terrein uit en thuis gemaakt. Uit artikel 2334 in het kadaster blijkt van sectie B 2193 Koenraads circa 50 are en Van Dam circa 10,4 are in eigendom heeft. In 1956 wordt Koenraads volledig eigenaar.

Op 23 december 1959 verlenen burgemeester en wethouders vergunning voor de bouw van een gebouw bestemd voor vakantieverblijf op perceel B 1771, plaatselijk bekend als Vacantie Oord Uit en Thuis te Baarschot.
In zijn brief van 7 oktober 1959 met kop “Vacantieoord Uit en Thuis” Baarschot, voorafgaande aan de vergunningverlening, geeft W. Koenraads een paar zaken aan. In citaat: “Ik mag aannemen dat de exploitatie hiervan (sedert 1953) tot ieders tevredenheid heeft plaats gehad. Zowel van de burgerij als van de middenstand (winkeliers).” En omdat hij grond heeft bijgekocht. “Een lonende exploitatie is alleen mogelijk bij 10 zomerhuisjes, terwijl er nu 5 aanwezig zijn.” Helaas heeft geen geld om er vijf bij te bouwen. Wel wil hij een huisje in 1960 en 1961 bouwen.

Op 23 oktober 1959 berichten burgemeester en wethouders: huisje in ‘60 akkoord en 1961 nog geen akkoord. Het terrein van Koeraads beslaat dan 2 hectare en 5 are.
Uit en Thuis Diessen houdt op te bestaan
Uit en Thuis gaat ter ziele in 1966, want dan wordt in een brief van 10 februari 1966 met dit briefhoofd geschreven: “tijdelijke uitbreiding van het aantal zomerhuisjes in, voorheen, Uit en Thuis te Diessen.”

Er komen dan 20 huisjes. Anno 2024 heet het park Duc de Brabant (opent in een nieuw tabblad).

