Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
De nieuwe onderwijzerswoning naast de school

Vochtig, tochtig, armelijk: de Lindense onderwijzerswoning

Rien Wols

10 september 2009

Bijgewerkt op 18 november 2013

Aan het eind van de negentiende eeuw had Linden een zeer geziene hoofdonderwijzer, Hendrik van Lindert. Maar door de belabberde staat waarin de onderwijzerswoning verkeerde, dacht hij er over een nieuwe standplaats te zoeken. Gelukkig kwam het zover niet.

 In 1899 bouwde timmerman Reinier Geurts in Groot Linden een nieuw schoolhuis voor de prijs van 3.075 gulden. Naar aanleiding van de sloop van de oude woning verschenen er reacties in de lokale krant.

De Echo plaatste deze ingezonden brief:

“Ik weet niet, fatsoenlijke lezer, of ’t U ging als mij, als ge bezoek bracht aan ’t dorp Linden, of het passeerde , zoals ik nog al eens deed. Dat schoolhuis was me een doorn in ’t oog. Verveloos, met vermolmde raamdorpels, met groenen uitslag tegen de vochtige voormuur, met mos op de verweerde pannen, stond het daar in de nabijheid der soliede, rijke boerenwoningen en stak daar tegen af als een mesthoop tegen een bloementuin.

Best kan ik begrijpen dat het oog aan zo iets ergerlijks went, maar de niet-inwoner moet het vergaan als mij. Hier woont dan een meester, een onderwijzer, die door opleiding, studie, ontwikkeling aanspraak maken mag niet alleen op de naam van een beschaafd mens, maar van wie het volk zelfs eist dat hij het zijn zal. En het inwendige van de woning was in volkomen harmonie met het uitwendige.

Linden, school en woning

Vochtig, tochtig, armelijk: spreekt op, gij alle weldenkende mensen die toevallig dit huis betrad, of ik overdrijf. En gij, meesters, voorgangers van het huidige hoofd der school, spreekt op en zegt of gij niet op raad van uw geneesheer naar een andere standplaats moet omzien vanwege de ongezonde woning!

Dit schoolhuis is niet meer. Het is gesloopt en naar ik verneem zal op dezelfde plek een woning verrijzen den onderwijzer en den architekt waardig.”

De schrijver eindigt met: “Want de onderwijzer zal veel thuis zijn. Dit brengt zijn ambt met zich mee. Hij mag geen voorbeeld van uithuizigheid zijn. Thuis en in school. Ziedaar, de kleine wereld moet voor de onderwijzer, zal hij zijn gezondheid en zijn lust tot de arbeid behouden; zal zijn geest en ook zijn ziel rein blijven; deze kleine wereld moet voor de onderwijzer geen plaats van ergernis en kwelling wezen! Hoeden af voor de Raad van Linden, die zo nobel dacht!”

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Vochtig, tochtig, armelijk: de Lindense onderwijzerswoning | BHIC