Deze bijdrage kan gezien worden als een vervolg op mijn artikel 'Een speurtocht naar voorouders van Lithse families De Veer', dat in de Maaskroniek nr. 90 is verschenen, maar ook op deze website. Het is een omvangrijk onderzoek geworden en verschijnt daarom in meerdere delen op deze website. Dit is deel 1.
1. Inleiding
Na de publicatie in de Maaskroniek heb ik nog enkele interessante ontdekkingen gedaan die ik te danken heb aan Arnold Romeijnders uit Lith, die na het verschijnen van mijn artikel contact met me heeft opgenomen. Het ligt voor de hand die eerst te vermelden.
Allereerst heeft hij me nader geïnformeerd over Anna Bogers (Bogaerts), de vrouw voor wie Joost de Veer uit Geffen naar Lith kwam. Zij was de dochter van Hermen Bogaerts en Theodora (Dirske) van Ballegoije. Ze werd gedoopt in Lith op vrijdag 10 maart 1741 (getuigen Gerardus Romeijnders en Adriana van den Bogert). Ze werd begraven op 3 sept. 1789, drie dagen na de geboorte van dochter Theodora. Ongetwijfeld een dood in het kraambed; ze was al of pas 48 jaar, het is maar hoe je het bekijkt!

Maar de belangrijkste ontdekking die ik aan Arnold te danken heb is dat de familie De Veer oorspronkelijk wel degelijk uit Lith kwam.
2. Het huwelijk van Gerrit Crijnen de Veer en Jostie Willems
Op 5 juni 1707 trouwen Gerrit en Jostie (Joostje) in Geffen. Twee weken daarvoor, op 21 mei, zijn ze daar in ondertrouw gegaan. Ze woonden aan de Papendijk in Geffen en zijn beide overleden in 1744. Een van hun zonen heette Geurt, gedoopt op 8 feb. 1720. Op 23 febr. 1743 trouwt hij met Adriana Janse Jorissen. Zij worden de ouders van Judocus (Joost), die naar Lith vertrekt. Ook dit paar sterft in eenzelfde jaar, namelijk 1788.
Het huwelijk van Gerrit en Jostie werd in Geffen zowel RK als Gereformeerd (het wereldlijke huwelijk in die tijd) opgetekend, maar nergens werd enig verband gelegd met Lith. Daarom was het logisch dat ik de voorouders van Gerrit in Geffen ging zoeken en ik dacht ook goede kandidaten te hebben. Maar van het begin af zat me dwars dat Gerrit volgens de door mij ontworpen stamboom in 1690 geboren zou zijn en 17 jaar vond ik, zelfs in geval van een 'moetje', wel erg jong.
Toen kwam als grote verrassing het bericht van Arnold: Gerrit was in Lith geboren als zoon van Quirinus (Crijn) Johannes Arnoldus de Veer en Lucia Gerardi Hoos. Hij was gedoopt op 14 maart 1683. Met zijn 24 jaar had hij in 1707 een duidelijk meer huwbare leeftijd.
Hoe Arnold dat wist? Hij had in een ver verleden een aantekening gemaakt waaruit bleek dat het paar, behalve in Geffen, ook in Lith in ondertrouw was gegaan, eveneens op 21 mei, omdat de bruidegom uit Lith kwam. Ik geloofde het meteen en was zeer verguld; ik heb niets tegen Geffen, maar dat de wortels uiteindelijk toch in Lith bleken te liggen beviel me wel. Bovendien leverde Arnold er nog maar liefst vijf voorafgaande generaties De Veer in Lith bij. Of hij het origineel van die ondertrouw had? Neen, dat niet. Nu staan de Doop-, Trouw en Begraafboeken van Lith allemaal op de site van het BHIC (Brabants Historisch Informatie Centrum), dat wil zeggen, allemaal op een trouwboek na! Daaruit konden kopieën opgevraagd worden. Ik heb onmiddellijk contact opgenomen met het BHIC en warempel, het was er en ik kreeg het toegestuurd. Kortom, het verblijf in Geffen van twee generaties was slechts een korte onderbreking van een familiegeschiedenis die zich verder uitsluitend in Lith heeft afgespeeld.

3. De aanpak van het onderzoek naar de Lithse woonplaatsen in de 19e eeuw
Ik heb dit onderzoek uitgevoerd met bronnen die op het internet beschikbaar zijn. Het is mogelijk dat ik bepaalde zaken eveneens en misschien wel gemakkelijker en vollediger had kunnen vinden door middel van bezoeken aan het BHIC, omdat zich daar een verzameling kadasterkaarten bevindt. Dat zal blijken als ik daaraan toe kom. Op het moment is de afstand een belemmering.
Tegenwoordig hebben we twee administratieve methoden om de ligging van een huis aan te geven: de kadastrale ligging en het adres. Beide methoden zijn in de 19e eeuw ontstaan, daarvoor werd hooguit aangegeven wie de eigenaren van de aangrenzende percelen waren, de zogenoemde rijgenoten.
In 1816 trof ik de eerste keer iets aan dat op een adres leek: Joost de Veer overleed in zijn huis 'in den Engwijk'. De aangifte werd gedaan door Nicolaas van Nunen en Nicolaas van Ude, 'buurmannen'. Zoals verderop zal blijken waren het niet de directe buren. In het Bevolkingsregister (BR) van 1821 staat er een huisnummer bij: 160. Later zal blijken dat de Engwijk ook als wijk C werd aangeduid. Vanaf dat jaar staan de huisnummers in de Bevolkingsregisters, maar ook, en dat is nuttig, in het overgrote deel van de geboorteakten.
De eerste kadasterkaart van Lith en de daarbij horende Oorspronkelijk Aanwijzende Tafel (OAT) stammen uit 1832. De OAT vermeldt de namen van de eigenaren van de perceelnummers zoals die op de kaart vermeld staan. Zover ik tot nu toe heb kunnen nagaan bestaat er geen kaart met de huisnummers. Om verder te geraken is het dus zaak kadastrale nummers en huisnummers aan elkaar te koppelen. Notariële akten en Memories van Successie kunnen daarbij ook van nut zijn.
Twee jaartallen in dit verhaal zijn gecorrigeerd op verzoek van de auteur op 18 juli 2021. Redactie.
