Iedereen kent wel een voorbeeld. Bijvoorbeeld de stratenmaker, die zich aardbolstoffeerder gaat noemen. Een onnozel grapje als je het vergelijkt met de dikdoenerij waar mijn ouders het over hadden na de zondagsmis.

Ik weet niet of je eind jaren vijftig in de Antonius Abt kerk van Nieuw Borgvliet nog plaatsen kon kopen vooraan in de kerk. Maar de 'rijke' mensen zaten er wel volgens mijn ouders.
Cent in kerkzakje
Na de mis werden de 'rijken' thuis 'nabesproken'. Volgens mijn moeder hadden die vrouwen vooraan in de kerk bontjassen van konijnenbont, want je kon zo de kalende plekken zien. En volgens mijn vader gooiden hun mannen een cent in het kerkzakje.
Inderdaad, dit verdient geen schoonheidsprijs. Maar kennelijk was de kerk niet alleen een huis van gebed. Achter de vroom gevouwen handen werden er ook mensen de maat genomen. Maar goed, als mijn ouders eenmaal op stoom gekomen waren, kwam mijn vader nog met een super voorbeeld van dikdoenerij.
In de jaren vijftig werkte op de Spiritusfabriek in Bergen op Zoom een man, die vaten naar de schepen moest rollen. Toen deze man wilde gaan trouwen, moest hij bij de aangifte op het stadhuis zijn beroep opgeven.
En - ha, ha, ha - de man had gezegd, dat hij rolliateur was.
De zondagse 'nabespreking'
Eind jaren vijftig hadden mijn oudste zussen de volwassen leeftijd bereikt. Zij mochten dus meedoen aan de zondagse 'nabespreking'. Het verhaal, waar zij mee kwamen, was zo mogelijk nog meer ontluisterend.
In het huizenblok aan de Antwerpsestraatweg, schuin tegenover het pad naar het Hoofdkwartier, was een nieuw gezin komen wonen. Mijn zussen waren bevriend geraakt met een dochter van dat gezin. En die dochter had verteld, dat – ha, ha, ha - haar broer programmeur was !?!
Het kan verkeren, zei Bredero.
PS: voor wie het vergeten is of niet weet:


Het apparaat is een ponsmachine, zoals die gebruikt werd op kantoren.
Met deze machine werden ponskaarten gemaakt.
Deze ponskaart (hier rechtsboven) kon gelezen worden door een kantoorcomputer. De kaart was dus een gegevensdrager. En – sorry zussen – de man/vrouw, die deze ponskaarten maakte, werd programmeur genoemd.
De komst van de personal computer begin jaren 80 betekende ook het einde van de ponskaart. Er kwamen andere gegevensdragers. Eerst de floppy disk. Met de productie van de floppy werd in 2011 gestopt, omdat de USB stick veel gemakkelijker was en meer bestanden kon bevatten.


