Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Het oorlogsgeheim van de melkboer uit Helvoirt (2)

Het oorlogsgeheim van de melkboer uit Helvoirt (2)

Christ Pijnenburg Azn.

3 oktober 2024

Bijgewerkt op 27 januari 2025

Nolbertus Pijnenburg, roepnaam Bart, woonde als 23-jarige thuis tijdens de Tweede Wereldoorlog op de Udenhoutseweg in Helvoirt. Hulp aan een Duitse deserteur leidde tot een bijna noodlottige gang langs Duitse concentratiekampen. Maar daarover sprak hij niet. Deel twee van het geheim van de Helvoirtse melkboer.

Lees eerst deel 1

Reden arrestatie

Bajonet en riem van de deserteur, in okober 2024 gevonden door Emmy Schilders
Bajonet en riem van de deserteur, in okober 2024
gevonden door Emmy Schilders

Over de arrestatie van de voormalige loondorser uit Helvoirt doen verschillende verhalen de ronde. Op een officieel document met de titel Häftlings-Personal-Karte (gevangene persoonskaart) staat te lezen dat Nolbertus Pynenburg (ja, met een Griekse y) verdacht werd van hulp aan een Duitse deserteur. In de familie Pijnenburg gaat rond dat hij kleding beschikbaar stelde aan een Duitse militair. In onopvallende kleding wilde die terug naar Duitsland. De Duitser liet zijn geweer met bajonet achter, want het was niet handig daarmee op terugtocht te zijn. Dat geweer verstopte de behulpzame bewoner van de Udenhoutseweg in het bakhuis. Alleen trof de deserteur het niet. Hij werd een jaar later opgepakt en vertelde waar zijn kleding vandaan kwam. De Duitsers kwamen kijken bij de boerderij van vader Pijnenburg en vonden geen geweer. De deserteur wees Bart Pijnenburg aan als hulp met kleding. Bart Pijnenburg ontkende dat en hield voet bij stuk. Ondanks geen bewijsstukken werd hij gearresteerd. Een begin van veel angstige momenten en onbeschrijfelijke situaties waarbij vaak de arrestant met een been in de doodskist stond. De deserteur is na deze confrontatie geëxecuteerd. Bij thuiskomst, na de bevrijding, haalde Bart Pijnenburg zelf het geweer onder het dak van het bakhuis vandaan. Niemand van de familie maakte hij destijds deelgenoot van de bergplaats van het geweer met bajonet, afkomstig van de Duitse deserteur.

Een tweede verhaal over de reden van de arrestatie spreekt over een piloot die kleding kreeg van Bart Pijnenburg. Dit is pertinent niet waar volgens Jeannette Schilders. “De Duitser heeft mijn vader de das omgedaan.”

Thuiskomst

Een herinnering aan een behouden terugkeer uit Duitsland
Een herinnering aan een behouden terugkeer uit Duitsland

Blij waren ze bij de familie Pijnenburg dat “onze Bart” weer aan tafel zat bij zijn dertien broers en enige zus. Het is niet bekend of een feestmaal op tafel kwam. Mogelijk niet. Na de oorlog was het behelpen en de spanningen waren niet weg. Bovendien was Brabant bevrijd maar boven de rivieren waren de Duitsers de baas. De meeste kinderen bij de familie Pijnenburg leden rond die tijd aan de ziekte tyfus. Huwelijken van broers van Bart Pijnenburg die op de rit stonden konden niet doorgaan vanwege die ziekte. Sterker nog. De tweeling Janus en Driek waren de oudsten. Driek stierf in het ziekenhuis in ’s-Hertogenbosch aan de tyfus. Bart Pijnenburg trotseerde ook de ziekte om zijn moeder te zien, ondanks afraden van de doktoren. De vreugde van de thuiskomst van de “verloren zoon” ging over in verdriet en verlies van een dierbare.

Een koperen kanonskogel is de stille getuige van het heugelijke nieuws dat Pijnenburg de kampen overleefde . “Ter herinnering aan je behouden terugkeer uit Duitsland” prijkt er op de kogel.

Trap des doods

Mauthausen staat bekend als een vernietigingskamp waar honderdduizend gevangenen stierven door slechte omstandigheden, uitputting, ondervoeding en te hard werken. Onder de slachtoffers zaten 1.600 Nederlanders. Hard werken bleek te bestaan uit het sjouwen van zware granieten blokken op plankjes op de rug van de gevangenen. Een avontuur over een trap met 186 ongelijke treden naar boven op een 85 meter hoge berg. In feite klommen de gevangen hun dood tegemoet. Pijnenburg stelde zich slim op in de rij van lotgenoten om minder aan de beurt te komen om granieten blokken naar boven te sjouwen. Terughoudend wist hij het zogenaamde skydiven, een ander gebeuren, te omzeilen. Daarbij moesten medegevangenen van een 65 meter hoge rots springen als attractie voor de leidinggevenden en vrouwelijke aanhang van het kamp. Het is een van de weinige feiten die hij deelde met zijn schoonzoon Wim Schilders over zijn ervaringen in de concentratiekampen.

Zo maakte Bart Pijnenburg zijn schoonzoon Wim Schilders deelgenoot over activiteiten in Amstetten, een buitenkamp van Mauthausen. Pijnenburg moest daar werken bij de aanleg van een spoorlijn. Hij vertelde: “Je moest nooit aan het begin of aan het eind van de spoorstaven lopen. Meerdere gevangenen moesten de spoorstaven samen op de schouders dragen en bij het neerleggen van de spoorstaven ging het vaak mis. Die personen werden eenvoudigweg door pech onthoofd.”

Bezoek aan concentratiekampen

Kleinzoon Willem Schilders hield op school in groep acht een spreekbeurt over de ongelooflijke avonturen van zijn opa. De groep acht van die kleinzoon is daardoor vanuit Oisterwijk een bezoek gaan brengen aan kamp Vught. Het gezin Schilders, vader en moeder met drie kinderen, bezocht nagenoeg alle kampen waar hun opa / vader / schoonvader voor de Duitse bezetter moest werken. Het slachtoffer Bart Pijnenburg gaf destijds aan niet mee te willen. Ook Mauthausen kreeg bezoek van het gezin Schilders. Zij wilden de plekken zien waar Bart Pijnenburg tot op het bot werd vernederd en uitgehongerd.

Leren polsbandje met het nummer van gevangene 131788, Bart Pijnenburg
Leren polsbandje met het nummer van gevangene 131788, Bart Pijnenburg

Dodenberg

Pijnenburg stal een stuk brood, gedreven door de honger en overlevingsdrang, van een bewaker in Mauthausen. Die bewaker sloeg Pijnenburg met de kolf van zijn geweer buiten westen. Gevolg: de brooddief werd op de zogenaamde dodenhoop gegooid. Elke dag verdwenen die gevangenen in de gaskamers. De kampleiding wilde zekerheid dat die personen op de dodenlijst kwamen. Pijnenburg kwam ’s avonds bij kennis en kroop in het donker terug naar zijn barak. Op miraculeuze wijze ontsnapt daarmee de gevangene nummer 131788 uit Helvoirt aan de dood. Een enkeling is hiervan op de hoogte. Hierover praten was blijkbaar een brug te ver. Bart Pijnenburg is zelf wel een nabestaande van Henk Veeneman (opent in een nieuw tabblad), destijds burgemeester van Son, gaan bezoeken. Veeneman was zijn “maatje” in Mauthausen, die twee dagen voor hun bevrijding in Oostenrijk stierf van ellende.

Vanuit concentratiekamp Vught tot aan vernietigingskamp Mauthausen 

Van 28 januari 1944 tot 31 januari 1944 te Vught
Van 01 februari 1944 tot 13 mei 1944 te ’s-Hertogenbosch
Van 13 mei 1944 tot 28 september 1944 te Scheveningen
Van 28 september 1944 tot 21 november 1944 te Utrecht (gijzelkamer)
Van 21 november 1944 tot 18 januari 1945 te Groningen
Van 18 januari 1945 tot 20 januari 1945 op Transport
Van 20 januari 1945 tot 04 februari 1945 te Oranienburg (D)
Van 04 februari 1945 tot 11 februari 1945 op transport
Van 11 februari 1945 tot 8 april 1945 te Mauthausen.

Bevrijd door Rode Kruis op 28 april 1945 te Mauthausen
Gerepatrieerd op 04 mei 1945 te Oudenbosch en tot 13 juli 1945 in Oudenbosch gebleven wegens ziekte.

De foto’s bij dit verhaal zijn beschikbaar gesteld door Jeannette Pijnenburg-Schilders en Wim Schilders uit Oisterwijk.

Dit verhaal verscheen eerder op Helvoirt.net (opent in een nieuw tabblad)

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.