Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Historische Nieuwtjes: Een rare snuiter in dienst (2)

Historische Nieuwtjes: Een rare snuiter in dienst (2)

Henk Beijers

8 juli 2024

Bijgewerkt op 10 oktober 2024

Van 2006 tot 2017 schreef Henk Beijers als coördinator van de historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel de rubriek 'Historische nieuwtjes' voor het Schijndels Weekblad. Daarin bracht hij zijn lezers op de hoogte van bijzondere archiefstukken die nieuw licht werpen op de geschiedenis van Schijndel.

We vervolgen ons verhaal over die bewuste 18e – eeuwse veldwachter uit Schijndel over de periode 1730-ca.1750 die de burgers het leven zuur kon maken, het dorpsbestuur af en toe tot wanhoop gedreven zal hebben en in zijn functie eigenlijk geen knip voor zijn neus waard was als je de archieven moet geloven. Het zijn authentieke aantekeningen, vaak op basis van verklaringen van derden.

Visitatie van een dood lichaam

Op 5 januari 1742 zijn schout en schepenen van Schijndel opgeroepen de lijkschouw te verrichten wat in die tijd werd omschreven als ‘het visiteren van een dood lichaam’. De secretaris maakt daarna een rapport op, dat hij vervolgens inwerkt in het zgn. schepenprotocol, zeg maar het notulenboek van het dorpsbestuur. Hij leest zoals gewoonlijk het rapport voor aan het schepencollege en op dat moment onderbreekt hem de inmiddels aanwezige Thomas Gerbrands de vorster en valt hem op een onbeschofte, brutale en ongehoorde wijze in de reden. Hij meent er het college van te moeten overtuigen, dat ze hem moeten zien als rechtstreekse vertegenwoordiger van de hoogschout van ’s-Hertogenbosch en vindt dat er een absolute wijziging in het visitatierapport moet worden aangebracht. Het zou nl. niet ondertekend moeten worden door de secretaris, maar hij zelf zodat men in ’s-Hertogenbosch de indruk krijgt dat Gerbrands de auteur is, die er immers weer eens een geldelijke premie uit wil slepen.

Volgens de plakkaten van de Republiek der Nederlanden moet Gerbrands zich houden aan zijn ambtseed en gehoorzamen aan de plaatselijke officieren en schepenen of regenten van Schijndel. Het proces-verbaal suggereert echter dat hij het schepencollege kleineert, minacht, in het openbaar bespottelijk maakt. Als collecteur van de dorpsbelastingen die de ingezetenen moeten betalen handelt hij naar eigen inzicht en fantasie en vordert daarbij ongeoorloofde bedragen van de Schijndelse bevolking. Hij gaat ook rechtstreeks in tegen allerhande besluiten die worden genomen en hem niet naar de zin zijn bij hem allesbehalve in de smaak vallen.

Een vergadering ten huize van Gerbrands

Op 18 juli 1745 zijn enige schepenen in vergadering bijeen in de herberg die door Gerbrands wordt gedreven. Men moet de biljetten en publicaties in orde maken in verband met de komst van een regiment infanteristen van Holstijn Goltorp, die daags daarop zullen komen logeren in Schijndel. Tijdens dat overleg zijn zo’n 20 tot 30 inwoners van Schijndel plotseling de vergaderkamer binnengedrongen. Ze uiten daar een krachtige wens nl. dat zij in dat jaar in het Broek [lees: Elderboek] turf of moer mogen steken. De bestuurders maken hen duidelijk dat de regelgeving op dit moment zodanig is, dat er slechts om de drie of vier jaren turf gestoken mag worden en de laatste ronde is geweest in 1743. Door de druk die de toegestroomde ingezetenen op de kwestie leggen antwoorden de schepenen, dat ze hun wens eerst met hun collega’s schepenen willen bespreken, alvorens daarover een beslissing te nemen. Ze pleiten voor 8 dagen uitstel. Bovendien….nu zijn ze in vergadering bijeen, noodzakelijk in het landsbelang, omdat die zaak van die inkwartiering goed geregeld dient te worden en dat heeft nu voorrang, vinden ze. Dus….even geduld als het om turf steken gaat, denkt men. Het gezelschap neemt hiermee geen genoegen en voert de druk stevig op, door te stellen dat men binnen een half uur een besluit op tafel wil zien liggen. Over de afloop zegt het archiefdocument niets. Bij nader onderzoek blijkt dat de mopperende ingezetenen tot het uitvoeren van deze ongeoorloofde en brutale overval zijn opgehitst door vorster Gerbrands. Wat is nl. het geval….turf steken en die verkopen levert zo’n 400 gulden op, waarvan de ophitser de nodige inkomsten mag opstrijken……over een geldwolf gesproken!

Zitdag in de Keulse Kar

Op de hoek van de huidige Groeneweg/Hoofdstraat, waar eens villa Nieuwegaard gebouwd en in 1968 gesloopt is, stond midden 18e eeuw de herberg de Keulse Kar, naast de Roode Leeuw. Op 20 januari 1746 is er een zekere weduwe van den Boomen, die in de Keulse Kar, toebehorende aan Francis van der Eerden, een zitdag organiseert, waarop de inwoners van Schijndel hun belastingcenten moeten komen afdragen uit de beden, verpondingen en de tienden. Gerbrands ergert zich groen en blauw dat die weduwe kiest voor de Keulse Kar en niet voor de herberg waar de vorster zelf de scepter zwaait. De man van de weduwe had nl. toen hij nog leefde de collecte van die belastingpenningen op zich genomen. Wat de weduwe doet is dus logisch en begrijpelijk. Opeens komt Gerbrands op een brutale wijze binnenvallen en geeft de aanwezigen te verstaan, dat ze aan de weduwe van den Boomen als collectrice geen enkele penning moeten betalen uit de tienden. En wat gebeurt er……het volk, misschien wel uit angst, vertrekt en de weduwe kan fluiten naar haar geld.

Uitgesloten van de avondmaaldienst

Bij de Vrede van Munster in 1648 is bepaald dat in het katholieke zuiden de christelijk gereformeerde godsdienst toonaangevend wordt en dat alle belangrijke functies bekleed dienen te worden door de gereformeerden zelf en niet door de ‘roomsen’. In die tijd spreekt men van de zgn. politieke en godsdienstige reformatie. Het overkoepelend orgaan binnen die hervormingsbeweging voor de Meierij is de classis van ’s-Hertogenbosch, met een onderafdeling genaamd de classis van Kempen- en Peelland, waaronder Schijndel valt. Heeft men klachten, dan kan men ze daar neerleggen.

De algemene opinie t.a.v. Gerbrands is dat hij zich strafbaar gedraagt en dat hij zijn ongebonden levenswandel de vrije teugel laat en dat hij zelfs in kerkelijk opzicht de spot drijft met alle orders en plakkaten, met de openbare godsdienstuitoefening van de gereformeerden. Het past in het geheel niet bij zijn voorbeeldfunctie, maar dat schijnt hem niet te deren. Hij voert dit zelfs zo ver door, dat een serieuze klacht wordt ingediend omdat hij de Schijndelse predikant of dominee als persoon en diens familie bespot, brutaal bejegent en hoon en smaad toebrengt. De predikant klaagt hierover bij de classis te ’s-Hertogenbosch. Gerbrands wordt tenslotte de toegang tot de Avondmaaldienst geweigerd, waarover de vorster weer zijn gram uit. De avondmaalviering bij de gereformeerden in die tijd is immers vergelijkbaar met de misviering onder de katholieke bevolking. Daarvan uitgesloten worden is een straffe maatregel!

Oorspronkelijke publicatiedatum: 26 juli 2007 (nr. 13)

Lees hier de andere Historische Nieuwtjes.

Lees hier deel 3 van 'Een rare snuiter in dienst'.

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.