Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Nolleke Pis

Nolleke Pis

Wim van de Kerkhof

10 april 2025

Bijgewerkt op 6 augustus 2025

Een beetje aan de zuidkant van de Nederlandse Kempen ligt een klein pittoresk dorpje. Het is Westerhoven en heeft een roemrijk verleden. Veel oude of historische gebouwen kun je er helaas niet meer vinden. Gelukkig is er nog wel de Valentinuskapel.

Midden in het dorpscentrum ligt de 'oude kerkhof'. Aan de voorkant is een mooie gemetselde en gekanteelde muur. Daarin hangt heel fraai smeedwerk. Geen wonder, dat het geheel is aangemerkt als rijksmonument. Op de overige drie zijden van deze rustieke begraafplaats staat een hoge monumentale en ook stekelige thujahaag.

Op de linkerhoek van de kerkhofmuur ligt een harde arduinen steen. Het is de voet van de doopvont van de eind twintigste eeuw gesloopte oude parochiekerk. Van de afkomende stenen is ook het woonhuis met café van Nard en Leen Daris in de Dorpstraat gebouwd.

Na de zondagse hoogmis neemt Driek Aarts - de oude veldwachter - plaats op deze steen. Dan maakt hij aan de 'goegemeente' bekend, welke aanbiedingen 'ut pakhuis' heeft, wie een 'toom biggen' te koop heeft, of wanneer de gemeente brand- en/of geriefhout gaat verkopen.

Maar er zijn meer gebruikers van dit idyllische plekje.

Zoals nagenoeg alle Westerhovense mensen, gaat Nolleke van Beek naar de zondagse hoogmis. In zijn beste 'goed' en zijn zwart gelakte klompen, loopt hij dan vanaf zijn boerderij in de Heijerstraat naar de parochiekerk. Maar voordat hij het godshuis binnenstapt, moet hij nog een keer 'uit de broek'.

Tot grote ergernis van de kerkgangers, ventileert hij altijd zijn behoefte bij dat specifieke hoekje bij de kerkhof. Geen wonder dat hij op die manier snel een scheldnaam heeft: Nolleke Pis.

Hij is doof voor het afkeurend commentaar van de overige kerkgangers. Elke zondagmorgen voor de hoogmis hetzelfde liedje. Een van de omstanders is het beu. Hij geeft Nolleke een geweldige duw in de rug. Al 'waterend' belandt die in de thujahaag. Dus... klompen nat, broek kapot en een gedeukt imago. Vloekend en foeterend gaat hij weer huiswaarts.

Het voorval weerhoudt hem niet om, tot ergernis van iedereen, elke zondagmorgen zijn vaste ritueel te herhalen. Als hij weer eens met een forse duw in de haag belandt, is het ook voor hem genoeg. 

Hij kiest ervoor om het grote publiek te vermijden en gaat voortaan naar de zondagse vroegmis van zeven uur. Maar ook dat is geen gelukkige keuze.

Op een donkere zondagmorgen stapt de pastoor naar de parochiekerk. In zijn ooghoeken ontwaart hij Nolleke die met zijn gebruikelijke sanitaire ritueel bezig is. "Hey, Nutterik" roept de pastoor en geeft Nolleke een reprimande van jewelste. Zijn woorden brengen bij Nolleke het schaamrood op de kaken. Hij belooft beterschap.

Voortaan zoekt hij in de kerk een plaatsje bij een van de achterste pilaren. Als de 'nood' hoog is, sluipt hij stilletje de kerk uit. Bij het café van Nard Daris kan hij gratis 'de cour' gebruiken.

Maar Nolleke heeft nog een eigenaardige karaktertrek. Net als veel beroepsgenoten, verkoopt hij regelmatig aardappelen, melk en eieren. Dat levert natuurlijk het nodige 'klein' geld op. 

Hij houdt van geld en met name van geld tellen. Vanuit achter zijn hof, kun je bijna dagelijks getuige zijn van een bijzonder tafereel.

's-Avonds, na de avondboterham, wordt de keukentafel in gereedheid gebracht. Het brood gaat in de broodkorf. De boterpot verdwijnt in de kelder. De zijspek wordt weer in de schouw teruggehangen en de suikerpot in het keukenkastje opgeborgen. 

Dan zien wij Nolleke's vrouw de keuken in komen met een kistje. Een geldkistje. De inhoud wordt behoedzaam op de keukentafel uitgespreid. Dan begint het sorteren. De centen bij de centen, de stuivers bij de stuivers enzovoort. Zo komen alle munten elk op zijn eigen stapeltje.

De halve centjes worden niet geteld. Neen, die worden zorgvuldig bewaard voor het geval dat een van hen ziek zal worden. Immers, volgens de overlevering, moet er bij ziekte een half centje geofferd worden bij de Zoete Lieve Vrouw in den Bosch. Dat werkt altijd!

Voor het tellen kan beginnen, worden eerst alle centen in rijtjes van tien gelegd. Vervolgens zijn de stuivers aan de beurt. Zo krijgen alle muntjes een eigen plaatsje in de rijtjes die op de keukentafel verschijnen.

Maar dan zijn wij aan de beurt. Vanachter uit zijn hof, zijn wij getuigen van dit bijzondere maar toch vermakelijke tafereel. Een van ons sluipt stil en uiterst behoedzaam naar het keukenraam. Met een kiezelsteentje tikt hij op het raam!

De consternatie is groot.

Met een grote beweging veegt vrouwke van Beek alle muntjes in haar zwart/paarse 'scholk' en vlucht de keuken uit. Nolleke grijpt de stallantaarn en inspecteert het erf en d'n hof. Natuurlijk laten wij ons niet ontdekken en wachten geduldig op het vervolg. Want, zodra de rust weer enigszins is teruggekeerd, begint het ritueel opnieuw. En natuurlijk verstoren wij dat weer met een zacht getik op het keukenraam. 

Maar Nolleke is ook niet van gisteren. Voortaan gaat hij aan de keukentafel zitten met een direct zicht op het raam. We moeten dus een andere strategie bedenken, om het tel-ritueel te verstoren.

Uit moeders naaikistje pikken we een klosje zwart ijzergaren. Uit vaders gereedschapskistje halen we een geschikt moertje.

Geluidloos en voorzichtig prikken we een punaise in het raamgebont. Daarover hangen we het ijzergaren met het moertje tegen de ruit. Om de hoek van de boerderij wachten we geduldig tot Nolleke en zijn vrouwke met hun telwerk beginnen.

Een licht rukje aan het ijzergaren en vrolijk tikt het moertje dan tegen de ruit. Paniek alom. Met weer al het geld in haar scholk, vlucht vrouwke van Beek de keuken uit. Nolleke snelt naar buiten, maar kan zijn plaaggeesten niet vinden.

Nolleke is dan wel een boer, maar van 'boerenslimheid' bezit hij een flinke dosis. Op een stille winteravond sluipen we weer behoedzaam zijn erf op.

Dan wacht een forse teleurstelling. Vrolijke rood-witte gordijnen houden voortaan alle nieuwsgierige blikken buiten.

Maar ook voor Nolleke is het dagelijkse tel-ritueel afgelopen. Immers meer en meer verdwijnt het contant betalen uit het betalingsverkeer.

Het melkgeld, de opbrengst van de 'eierbond', de rekeningen van 'ut pakhuis', alles gaat voortaan via de Boerenleenbank.

Blijft over de halve centjes. Die worden niet geteld, maar heel zuinig bewaard voor het geval dat zij naar de Zoete Lieve Vrouw in den Bosch moeten.

Dit verhaal verscheen eerder in dorpsblad de MikMak (opent in een nieuw tabblad) (23 november 2024).

Bekijk hier alle verhalen in de serie

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.