Dat staat te lezen in een fotoalbum, waarin verslag werd gedaan van een motorbedevaart naar Rome in juni van het Heilig Jaar 1950. Elke deelnemer kreeg zo’n album. Dank zij de coördinatoren van de Witte Markt van de Mariakerk in Hoogvliet kregen wij hiervan een exemplaar in handen. Een juweeltje!

In het voorjaar van het Heilig Jaar 1950 neemt Jo Feit Zoet uit Gouda het initiatief tot een Maria-bedevaart per motor in elk Nederlands bisdom, op zondag 14 mei. Intentie van de bedevaart is ‘behoud van de wereldvrede door voorspraak van de H. Maagd Maria’. Het inschrijfgeld bedraagt fl. 2,50. In Brabant gaan de bedevaarten naar Handel en Sint Willebrord.

Een album met de handtekeningen van alle deelnemers zou aan de paus worden aangeboden door een vertegenwoordiger van elk bisdom, die door loting wordt aangewezen. Het grootse plan omvat een motortocht naar Rome en via Lourdes weer terug. Maar al snel beseft men, dat dit wel erg veel kilometers zouden worden. Het wordt wat korter: Eindhoven – Rome – Heeswijk, in 16 dagen. Duopassagiers zijn voor de tocht niet toegestaan. Behalve de gedelegeerden is voor enkele motorrijders deelname op eigen kosten mogelijk.


Of het aantal van 314 deelnemers in mei tegenviel, we weten het niet. Maar uiteindelijk worden er maar twee vertegenwoordigers aangewezen: “Ome Toon” van Zijl uit Haarlem en “Pietje” Jacobs uit Zeeland.
Toch verzamelen zich op 9 juni 20 motorrijders in Eindhoven, alsmede de ‘bemanning’ van het begeleidende busje: kapelaan Steur, Nico Houdijk en bestuurder Hubert Jaspers. De volgende dag vertrekt het gezelschap, begeleid door motoragenten, richting de Belgische grens.

De tweede reisdag is een zondag. In Nancy wordt daarom de H. Mis bezocht, maar de Dag des Heren heeft Bourg als eindpunt. En zo gaat het verder, de Alpen in, via Aix-les-bains, St. Jean de Morienne naar Lanslebourg. Daar, op 1400 m. hoogte, gebeurt een aanrijding ‘buiten onze schuld’. Maar een paar uur oponthoud levert het toch op.
Toch bereiken de reizigers Italië en ze overnachten in een klooster bij Turijn. Pater Umberto, de Italiaanse gids en tolk die de bedevaartgangers nu begeleidt zal op zijn eerste dag, 14 juni, zijn handen vol hebben gehad. Toon van Zijl mist een brug, belandt in een droge rivierbedding en wordt met een zware hersenschudding afgevoerd naar een Genuees ziekenhuis.



De andere motorrijders reizen verder. Pisa wordt bezocht en op vrijdag 16 juni bereiken ze Rome. Ze logeren bij de zusters van Cottolengo. De volgende dagen is er tijd voor de toeristische attracties van Rome. Maar het hoogtepunt is de audiëntie bij de paus op 17 juni. Jo Feit Zoet mag er het handtekeningenalbum overhandigen en de paus zegent alle motor-bedevaartgangers. Voor Toon van Zijl zegent hij een medaille voor zijn beterschap.

Op dinsdag vertrekt het gezelschap weer en reist via Genua – met ziekenbezoek –, de Franse Rivièra, het Rhône- en het Maasdal noordwaarts. Op zondag 25 juni arriveren ze bij de Abdij van Berne (opent in een nieuw tabblad), vanaf de grens door “de motorclub uit Gemert (…) geleid in de stromende regen. In Heeswijk staan de Paters Norbertijnen reeds eenige tijd reikhalzend naar ons uit te zien.” Na een slotdiner gaat ieder weer op eigen gelegenheid huiswaarts.

Bronnen
Fotoalbum Maria Motobedevaart Anno Santo 1950 - 10-25 juni. Volgens de naam die voorin is geschreven is dit exemplaar van Hubert Jaspers, de bestuurder van het busje.
Dagblad De Stem, 7 maart (opent in een nieuw tabblad) en 11 maart 1950 (opent in een nieuw tabblad)
De Volkskrant, 12 maart (opent in een nieuw tabblad) en 19 mei 1950 (opent in een nieuw tabblad)
Nieuwe Schiedamsche Courant, 19 mei 1950 (opent in een nieuw tabblad)
Twentsch dagblad Tubantia en Enschedesche courant en Vrije Twentsche courant, 26 juni 1950 (opent in een nieuw tabblad)








