Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Het turbulente leven van Jan van der Voort in de oorlog (1)

Het turbulente leven van Jan van der Voort in de oorlog (1)

Gerard Veltman

19 februari 2025

Bijgewerkt op 28 februari 2025

Jan van der Voort was twaalf jaar oud toen de boerderij van zijn ouders afbrandde. Enkele jaren geleden vertelde hij Gerard Veltman over zijn belevenissen in de oorlog en tijdens de bevrijding.

Nieuwe boerderij

Jan had het maar druk met kijken elke dag met de nieuwbouw van hun boerderij nu de oude afgebrand was. Hij moest door die omstandigheden langs zijn opa slapen in de toch al kleine blokhut. Oma en de invalide tante Anna sliepen samen in een schaftkeet. Omdat de blokhut langs de kippenkooi stond en de haan hem al vroeg wekte, sprong Jan voorzichtig uit bed zonder zijn opa wakker te maken en gooide maar wat voer bij de kippen om de haan het zwijgen op te leggen.

De rest van het gezin sliep aan de overkant van de straat noodgedwongen bij de buren op stro op de stal, daar was het wat rustiger en die zag je dan ook wat later overdag de straat oversteken, op huis aan om te gaan eten en te werken.

Kamp Vught

“Mijn taak was het vee voeren en melken en als er dan geen klusjes op de bouw of rond het huis waren, was ik vrij. Ik ben een natuurmens en bracht veel tijd door op de hei of bij de IJzeren Man.

Op een dag ik was klaar met werken en zei tegen onze pa: ik ga even naar de hei. Bij de zandvlakte aangekomen zag ik SS lui die mensen rieten matten lieten plaatsen. Ze brachten een omheining aan. Ik vroeg waar voor dit was en kreeg als antwoord: Het is nog niet klaar! Daar moest ik het mee doen en wist nog niets.

Op de hei voorbij de IJzeren Man waren ze ook overal bezig, elke keer als ik daar kwam had ik genoeg te kijken. Op een gegeven moment zag ik dat ze er vele barakken aan het plaatsen waren en ik vroeg mij af waarom. Rond de werkers liep veel bewaking rond. Ook zag ik op een andere dag dat ze een hele lange bedding aan het graven waren. Deze bedding kwam van Vught en liep schuin over de Loonsebaan recht de hei in. Op weg naar huis maalde het maar door mijn hoofd. Ik had iets opgevangen dat er een spoorlijn zou komen vanaf Vught zo de hei in. Maar dan, waarheen en waarvoor?

Luchtfoto van Kamp Vught, met het goederenspoorlijntje (Bron: BHIC, FOTOVU.4559)
Luchtfoto van Kamp Vught, met het goederenspoorlijntje (Bron: BHIC, FOTOVU.4559)

Bij thuiskomst vroeg ik het aan mijn vader. Ik had wel een idee, zouden we misschien een station bij den Baai op de Distelberg krijgen? Omdat de bedding recht de hei in loopt, dat zou leuk zijn, Pa! Pa hoorde het aan maar had een ander idee! Als jij nu eens vlug een andere broek aantrekt en mee gaat voeren en melken dan zijn we op tijd met het eten weer binnen. Jan kon het station bij den Baai niet loslaten en onder het eten kwam het weer ter sprake. Pa had weer een idee en zei: Jan als je nu eens enkele weken thuis blijft dan gaan we rog maaien en als die dan binnen is, kan je weer eens gaan kijken of dat ze al zover zijn met de spoorlijn.” Dat viel Jan op zijn neus, twee weken! Maar ja hij wist ook wel dat de rog niet kon wachten en voorging.

Toen de rog in de mijt stond keek pa Jan eens goed aan en zei: “Jan als we morgen uit de kerk komen en warm gegeten hebben en we dan eens samen gaan kijken hoe ver ze met de spoorlijn zijn.” Het was zondag en na het eten ruimde Jan snel de tafel af en trok zijn goede klompen aan. Pa zag het en zei: “Ma we zijn samen even de hei op.” Daar aan gekomen zag hij het al. Wat was er in die tijd veel veranderd! Er waren straten gelegd en de spoorlijn liep niet naar de Distelberg maar met een boog het kamp in. Daar stond hij van te kijken, maar niet lang want pottenkijkers hadden ze daar niet nodig. Ze werden verzocht daar weg te gaan, “het is hier verboden terrein!”

Betrapt

Nog een keer is hij er terug geweest om te kijken en zag juist een trein met oude vliegtuigonderdelen het kamp binnen rijden. Daar moest hij meer van weten; hij ging naar de rieten matten en maakte er een gaatje in om er goed doorheen te kunnen kijken. Wat hij toen zag: een hele partij arbeiders aan het werk, wat later bleek dat het gevangenen waren.

Vliegtuigdemontage in Kamp Vught, c. 1943-1944 (Bron: BHIC, fotonummer FOTOVU.4793)
Vliegtuigdemontage in Kamp Vught, c. 1943-1944 (Bron: BHIC, FOTOVU.4793)

Maar wat Jan niet wist was dat ze hem al lang volgden van uit een hoogzit en die stuurde er een bewaker met een hond er op af. Om het heel goed allemaal te kunnen bekijken had hij het gat groter gemaakt zodat hij er met zijn hoofd door kon. Hij voelde zich op zijn gemak en had de tijd om het eens goed allemaal te bekijken, totdat hij voetstappen hoorde achter zich en vlug probeerde met zijn hoofd uit het smalle gat te komen. Niet alleen zag hij een man met een geweer maar ook een grote zwarte hond. Jan schrok en kreeg een brok in de keel toen hij hoorde dat hij hier niets te maken had en op moest donderen! “Maar eerst dat gat dichtmaken en dat riet netjes herstellen en zorg dat ik je hier nooit meer zie, begrepen?” Jan was van zijn bezoek naar de hei genezen en ging er voorlopig ook niet meer kijken.

Wachttoren en geëlektrificeerd prikkeldraad van kamp Vught (Foto: Rijksvoorlichtingsdienst. Bron: Nationaal Archief 2.24.10.02_0_120-0476
Wachttoren en geëlektrificeerd prikkeldraad van
kamp Vught (Foto: Rijksvoorlichtingsdienst.
Bron: Nationaal Archief 2.24.10.02_0_ (opent in een nieuw tabblad)120-0476 (opent in een nieuw tabblad)

De jaren verstreken. Het werd winter en weer voorjaar en Jan was alweer 14 geworden. De Duitsers overheersten het land en bij de buren had hij gehoord dat de bevrijding niet meer lang op zich liet wachten.

Op de hei en bij het kamp kwam hij niet meer: veel te gevaarlijk! Wat er binnen de omheining gebeurde, daar kwam maar sporadisch iets van naar buiten; het moet een kamp zijn waar gevangenen worden vastgehouden, had hij gehoord. Het was geheel omheind met prikkeldraad en de hoge controleposten kan je al van de weg af zien. “Naar gelang de bevrijding korter bij kwam konden we thuis het luchtweergeschut horen als er vliegtuigen in de lucht waren. In september 1944 was het Dolle Dinsdag, toen werden de Duitsers verrast en trokken ze zich ijlings terug.”

Bron:  Jan van der Voort (“Jan Voortjes”), Helvoirt †

Lees ook deel 2

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.

Het turbulente leven van Jan van der Voort in de oorlog (1) | BHIC