Van 2017 tot 2024 schreef Henk Beijers als coördinator van de historische werkgroep van de Heemkundekring Schijndel de column 'Oud Nieuws' voor DeMooiSchijndelKrant. Daarin bracht hij zijn lezers op de hoogte van bijzondere feiten uit de geschiedenis van Schijndel.
Zuster Wilmino schrijft oktober 1944. Het is zondagavond rond vijf uur als zo’n 200 dames ineens het kamp uit lopen, want volgens een meisje mocht dat als ze maar vóór het donker terug waren. Nou, dat hebben die dames geweten! Achteraf bleek dat een smoordronken commandant iets in die richting gezegd zou hebben. Door een groot gat in de heg was iedereen naar buiten gekropen, ook moeder Rosa en enkele zusters. Eenmaal buiten schrok iedereen hevig omdat er een groep Jappen en agenten aan kwamen lopen met hun bajonetten op hun geweer. Alle dames moesten acuut rechtsomkeer maken en wie niet hard genoeg liep kreeg een klap met de kolf van een geweer.
Die uitbraak had overigens zeer vervelende gevolgen. De leden van het kampbestuur, vijf Hollandse dames, werden met een auto opgehaald en naar een gevangenis overgebracht, al hangende vreselijk afgeslagen, in een hoek gestopt en vervolgens verhoord. Daags daarop keerden ze terug en er ging een voorzichtig gejuich op, maar de vreugde werd snel de kop in gedrukt. Ze moesten alle vijf bij de poort blijven staan en het schreien stond hen nader dan het lachen. Ook veel andere dames, waaronder de kampdokter, werd gesommeerd zich bij dat groepje aan te sluiten. Paniek alom!
Ze werden overgebracht naar een leegstaand huis in de buurt van het interneringskamp. Ze moesten daar de hele dag blijven staan, mochten niet met elkaar praten, kregen eten noch drinken en zo nu en dan werd een geweer op hen gericht. Sommigen vielen flauw en anderen kregen dikke voeten. ’s Nachts mochten ze gaan liggen op een koude stenen vloer. In een andere ruimte werden ze aan een streng verhoor onderworpen. Als ze alles ontkenden, ook al zeiden ze daarmee de waarheid, dan kregen ze een vuistslag recht in hun gezicht. In de kroniek staat te lezen dat de meeste dames al rilden op het moment dat ze binnen werden geroepen. De Jappen probeerden alles tot op de bodem uit te zoeken. Wie had het gerucht verspreid, wie waren precies buiten de omheining geweest, wie had in het geheim een bezoek gebracht in de stad bij de Duitsers of Zwitsers. De waarheid zou en moest boven water komen! Het werd er in het kamp niet beter op!
[wordt vervolgd]
Bron:
- Kloosterarchief van de Zusters van Liefde [Fotoalbum van de kloosters van de congregatie samengesteld door zuster Fidelia de Bie [2005].
- Dagboek van Zuster Wilmino van Roosmalen – congregatie-archief Zusters van Schijndel [A 87] inv.nr.1108 thans berustend in het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven te Sint Agatha in het complex van de Kruisheren.
- Wikipedia : trefwoord Jappenkampen
- Inmiddels is nog een ander dagboek teruggevonden nl. dat van zuster Clasine Minkels maar ik heb besloten dat van Zuster Wilmino aan te houden voor de toekomstige afleveringen.
- Ook zijn er veel tekeningen gemaakt door o.a. Frater Silverius van de Fraters van Tilburg en een liefdezuster van de Oude Dijk uit Tilburg die anoniem wilde blijven.
Oorspronkelijke publicatiedatum: 14 februari 2018 (nr. 16)
Illustratie via Leiden University Libraries, Digital Collections.
