Je leest tegenwoordig de gruwelijkste verhalen over kinderen met messen. Toch hadden vooral jongens in het Nieuw Borgvliet van de jaren ’50 vaak een mes bij zich. Maar die werden alleen gebruikt voor hun spel. Voor het bouwen van een mooie hut was een mes onmisbaar. Hoe kwam je anders aan mooie, lange takken ?

Er werden op Nieuw Borgvliet ook twee spelletjes gespeeld waarbij een mes bepalend was voor de voortgang van het spel. Het eerst spel was land veroveren. Dat spel is op internet (opent in een nieuw tabblad) beschreven, dus dat hoeft hier niet herhaald te worden.
Het tweede spel heb ik niet op internet kunnen vinden. Wel de uitdrukking 'zand happen'. Die uitdrukking schijnt al sinds de Middeleeuwen te bestaan. Als je verslagen bent, val je op de grond en moet je dus 'zand happen'. Het spel, dat wij speelden, leek verdacht veel op die uitdrukking. Wij noemden het 'zandhappertje'.
Het spel begon met het maken van een hoop zand. In de top werd een stokje of een strootje gestoken.
Als dat klaar was, begon een behendigheidsspel met een mes.
Je moest het mes zo werpen, dat het met de punt in het zand bleef staan.
Ik heb vijf manieren om het mes te werpen onthouden. Maar ik geloof dat er tien handelingen waren. Die tien manieren van werpen moesten achter elkaar perfect uitgevoerd worden. Bleef het mes niet op z’n punt staan, dan moest je met je mond het takje uit de zandhoop halen.
Natuurlijk waren de andere spelers dan behulpzaam door je met je neus in de zandhoop te duwen.
Je moest dus letterlijk 'zand happen'.
Louis Raaijmakers groef naar aanleiding van dit verhaal nog eens in zijn geheugen en brengt de verschillende grepen in beeld. Met dank aan echtgenote Marijke een cursus zandhappertje of landkappertje in tien stappen:



Mes naar je toe laten draaien
en met de punt naar beneden laten komen





naar je toe dus

van je af dus


