Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Het Eindhovens Bels Lijntje (5/12)

Het Eindhovens Bels Lijntje (5/12)

Gerard Strijards

16 september 2025

Bijgewerkt op 9 oktober 2025

De militair-strategische betekenis van het Belse Lijntje over de Willemstraat naar het station Eindhoven bleek ineens, onverwachts en onverhoeds in augustus 1914.

De Grote Oorlog breekt uit

De opperbevelhebber van land- en zeemacht generaal Cornelis Snijders had nog nooit van het lijntje gehoord en tot zijn ongerief kwam hij er helaas spoedig achter dat het bestond - met nog passagiersaccommodatie op luxeniveau ook. Hij vloekte zijn staf bij elkaar om ze als moderne manager te verwijten dat hij nergens vanaf wist en dat hij ook god-hier-en-gunder alles alléén moest doen!

C.J. Snijders
Generaal C.J. Snijders (bron: Wikimedia Commons)

Het luchtte op, maar hielp verder niet veel. Op de vierde augustus waren de Duitsers België binnengevallen na een fors gesteld ultimatum. De Keizer, als Oberster Gerichtsherr, eiste vrije doortocht door de Belgische Ardennen en beloofde uiterst zuidelijk noordwaarts af te buigen met twee Legers als de Belgen geen verzet pleegden.

Werkhypothese: de Belgen vechten niet

Wilhelm was zeker dat de Belgen wijzer zouden zijn. Alleen waren ze dat niet. Ze begonnen de Saksische verkenningstroepen zomaar te beschieten en bliezen de bruggen over de Maas op. De Duitsers zetten zware artillerie in en bombardeerden Luik dat flink terugschoot vanuit de verschillende forten. Deftige Luikse burgers hadden het Belse Lijntje genomen naar Valkenswaard en zo naar Eindhoven, waar ze logies bestelden en een behoorlijke menukaart.

De eerste vluchtelingen arriveerden hooggehoed en de vrouwen voorzien van zwaar van kunstbloemen voorziene dameshoeden met bijpassende reticuultjes, met veel kapsones in Luikerwaals de wensen kenbaar makend in het fraaie hotel aan de receptie tegenover het station. Snijders wilde weten waar die klanten vandaan kwamen en welk traject en dienstregeling die treinloop had.

Zijn adjudanten hadden geen bescheid. Dat komt ervan als men dat soort lijntjes uitbesteedt aan particulieren die geen hoger landsbelang kenden dan winstmaximalisatie per gereden kilometer. Ik verwijs naar de chaotische plannenmakerij op basis van blanco-concessies naar dit verhaal over de Brabantse buurtspoorwegen als militair-strategische middelen.

Er was in de gauwigheid geen touw aan vast te knopen. Navraag leerde dat de lijn werd geëxploiteerd door private vennootschappen waarin in ieder geval de dynastie Saksen-Coburg-Gotha participeerde. Het leek zelfs de besnorde Snijders wel beter even voorzichtig-an te doen voordat hij die lijn ging opbreken. Dat bleek ook onnodig, omdat in de lente 1915 de lijn door de Duitsers werd onderbroken met een dodelijke elektrische draad langs de grens. Daar keek Den Haag heel raar van op. Zo’n oorlog kon toch maar rare dingen veroorzaken. Dat was een nieuw inzicht aan dat Plein in Den Haag.

De Achelse neutraliteitsproblematiek rondom het Bels Lijntje

In het boekje Een Kempische spoorbaan in de Groote Oorlog beschreef ik de wederwaardigheden die zich aan dit Eindhovens Bels Lijntje voltrokken gedurende die eerste wereldkrijg.  Dat boekje is hier te vinden. Met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, wordt het lijntje militair-strategisch ineens belangrijk. Luik wordt, nadat de Duitsers de Maas zijn overgestoken, vanaf 4 augustus gebombardeerd.

Vluchtoord Uden
Vluchtoord Uden, ca. 1915-1919 (foto: Charles Schouten, collectie: BHIC, uitsnede van nr.: 1219-009158).

Een grote stroom vluchteligen kwam op gang. Burgers nemen per trein de wijk naar het veilige Eindhoven. Eerst nog netjes als betalende passagiers, maar later, als de Duitsers gefrustreerd raken door de onverwachte Belgische weerstand en regelrechte terreur uitoefenen op de Belgische bevolking, wordt de lijn bestormd door wijkelingen, wier aantal toeneemt naarmate de Duitsers het bonter maken. De Luikenaars die zich in augustus melden in Eindhoven en flink wat eisen op tafel dreunen van de receptie bij het stationskoffiehuis, dat ook logies kan verschaffen op bestelling, beseffen dan nog niet dat ze eigenlijk asielzoekers zijn.

Ze blijken de voorhoede van een massa burgerlijke vluchtelingen die na 8 oktober de miljoen bereiken in Noord-Brabant. Gelukkig niet allemaal tegelijk. Het gaat om Antwerpenaren, een bonte verzameling van bevolkingslagen in die maand die gedurende het beleg van die stad haar piek kende.

Onder de gevluchten waren ook mannen die via Nederland en Engeland naar Frankrijk wilden om zich aan te sluiten bij de geallieerde legers. Ze werden daartoe mede aangezet door oproepen van koning Albert I van België en kardinaal Mercier om het laatste onbezette Belgisch grondgebied te verdedigen. Maar er zitten ook krankzinnigen uit de inrichting Merksplas bij, alsook bedelaars, prostituees, schandknapen, gangsters, veroordeelden, uitgekiende hoerenmadams, bestedelingen en nonnen. De Nederlanders hebben dat zo gauw niet in de gaten. Die denken uitsluitend met zielige vluchtelingen te maken te hebben, maar ze komen gauw tot andere, zij het niet direct betere, gedachten. Vele van deze wijkelingen zijn documentloos.

De melée aan wijkelingen

Soms hebben ze ook het nodige te verbergen. Er zijn bijvoorbeeld deserteurs bij uit alle strijdende legerafdelingen, geïnterneerden en spionnen. Duitsland eist van Nederland dat het selecteert en melding maakt wie er teruggeleid moeten worden. In Eindhoven is het kapelaan Nabuurs van de Sint-Catharinakerk die vindt dat christenen verdoolden hoe dan ook moeten bijstaan, klak, hoge hoed, venerische ziekte, geestesgestoord of niet. Dat staat in de Bergrede, zegt Nabuurs, maar Den Haag heeft toch andere beleidsrichtlijnen in het hoofd.

De Duitsers ook. Die eisen in eerste instantie dat dat Belse treintje niet meer zal rijden. Maar de exploitanten zeggen dat ze ingevolge boekingen voor dure vakanties tot transport verplicht zijn en daar zwicht het kabinet-Cort van der Linden óók nog voor. Cort vond contract nog altijd contract, dus bindend, tenzij noodtoestand ook overmacht opleverde en dat zag hij niet zitten. Nederland was neutraal, niet in oorlog, dus dat transport via zijn grondgebied was mogelijk. Berlijn was van andere opvatting.

De dodelijke draad en de kortsluitingen

Dodendraad
Dodendraad, ca. 1916 (bron: Wikimedia Commons).

Om de vele oorlogsvrijwilligers een halt toe te roepen, wilden de Duitsers de Belgisch-Nederlandse grens onder controle krijgen. Daarmee zou het meteen een stuk lastiger worden spionageberichten de grens over te krijgen. Nederland fungeerde daarvoor namelijk als doorgeefluik, via onder meer het hoofdkantoor van de Britse geheime dienst in Rotterdam. De Belgische overheid hield een postkantoor open in de Belgische exclave Baarle-Hertog, die niet bezet was en aan de Nederlandse kant van de Draad bleef.

De Duitsers waren overtuigd dat de Belgen de weerstand van dromende schapen zouden bieden. Maar dat viel tegen. De oorlog was volgens Berlijn voor Kerstmis afgelopen. Ook dat kwam niet uit. Berlijn besloot dus de zuidgrens tussen Noord-Brabant/Belgische Kempen af te hechten via een draadversperring met een hoog voltage elektriciteit: de 'doodelijke draad'.

De trein over de Willemstraat zou echter blijven rijden. Weliswaar met oponthoud in Achel, waar gerangeerd zou worden in geval van tegenliggende treinen. Er zou daar een dubbelspoor komen met rangeervorken en de dienstregeling zou moeten worden aangepast. Er zouden twee reusachtige poorten komen, sluisdeuren op het droge gelijk en die zouden bij opening de spanning doen wegvallen, zodat de tochten noord- en zuidwaarts volgens dienstregeling zouden voltooid worden. Gevolg: kortsluitingen bij het leven, want dit was iets nieuws, zegt u dat wel.

Voorbereidingen en afspraken met handhaving der neutraliteit

Als eerste stap om de grens onder controle te krijgen, maakten de Duitsers het grensgebied tussen Antwerpen en de Noordzee vrij van zicht-belemmerende elementen, met name bomen. Ook werden versperringen geplaatst in de vorm van prikkeldraad. Er was veel mankracht nodig om de grens in de gaten te houden, manschappen die het Duitse leger eigenlijk beter aan het front kon gebruiken. Er werd daarom uiteindelijk besloten een onder dodelijke elektrische spanning staande versperring langs de gehele Belgisch-Nederlandse grens te plaatsen.

Een soortgelijke versperring was eind 1914 op kleine schaal getest nabij de Zwitserse grens, waar dertien dorpen in de Elzas werden gescheiden van Zwitserland door een tien kilometer lang elektrisch hek, om zo Duitse deserteurs tegen te houden. De Duitse kapitein D. Schütte, werkzaam bij de inlichtingendienst in Brussel, achtte het mogelijk een dergelijk hek langs de gehele Belgisch-Nederlandse grens te plaatsen.

Ga terug naar deel 4.

Lees verder in deel 6.

Reacties

Reacties laden…

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.