Direct naar de inhoud

Let op! Dit is de beta website van BHIC. Reacties die je hier achterlaat, gaan verloren na officiële livegang.

Terug naar overzichtOverzicht
Oorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: het gezin van Henk en Stien van Hirtum uit de Abeelenstraat

Oorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: het gezin van Henk en Stien van Hirtum uit de Abeelenstraat

Pieter van der Schoot en Hans van Bavel

8 januari 2025

Bijgewerkt op 25 maart 2025

Abeelenstraat 13 is vanaf 1935 de woning van het kinderrijke gezin van boekdrukker Henricus Delmee en Pieternella de Louw. Als op 1 april 1937 de grotere hoekwoning op nummer 27 in die straat vrijkomt verhuist het gezin daarheen. Nummer 13 wordt dan de woning van Henricus Johannes (roepnaam Henk) van Hirtum en Christina Antonetta Maria (roepnaam Stien) Eijkemans met hun 4 kinderen.

Henk is confectiesnijder bij V&D. In de loop van de volgende vijf jaren zullen in deze woning nog vier kinderen geboren worden.

Het gezin Van Hirtum in 1943. Achterste rij van li naar re: Alie (12 jaar), Ria (13 jaar), Frans 10 jaar; Henk 15 jaar; Hennie 7 jaar. Voorste rij: Christiaan 5 jaar, Gonny 3 jaar, Hendrik 43 jaar, Stien 42 jaar, Gerry 2 jaar.
Het gezin Van Hirtum in 1943. Achterste rij van li naar re: Alie (12 jaar), Ria (13 jaar), Frans 10 jaar; Henk 15 jaar; Hennie 7 jaar. Voorste rij: Christiaan 5 jaar, Gonny 3 jaar, Hendrik 43 jaar, Stien 42 jaar, Gerry 2 jaar.

Henk, Stien en de kinderen hebben het goed in de buurt (met de naam ’t Vinkenkampke) waar veel kinderrijke gezinnen wonen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog doen zich in de buurt niet of nauwelijks bijzonderheden voor. Dat verandert meteen na mislukken van de operatie Market Garden in september 1944. ‘s‑Hertogenbosch wordt een brandpunt van belangstelling van de zijde van de bezetters én van de geallieerden. De bezetters nemen het voortouw en als onderdeel daarvan worden tal van Duitse militairen in de Abeelenstraat en omgeving ingekwartierd. Bij de nabijgelegen waterplas (‘IJzeren Vrouw’) wordt een militair kamp opgezet. In de buurt verschijnen meerdere Duitse artilleriestellingen. In het ongeveer 800 meter oostwaarts gelegen Hinthamerpark (‘Villapark’ in de volksmond) wordt het Duits hoofdkwartier van luitenant-generaal Friedrich Neumann ingericht.

De geallieerden ontwikkelen een plan om de bezetters bij verrassing te verdrijven door vernietiging van het Duitse hoofdkwartier met een luchtbombardement. Na een inleidende granatenregen in de nacht van 21 op 22 oktober 1944 stijgt op 22 oktober omstreeks 11.30u een squadron van 8 Typhoon bommenwerpers op van de vliegbasis Eindhoven om dat werk uit te voeren. De vliegeniers beschikken niet over voldoende nauwkeurige gegevens om hun doelen precies te kunnen bereiken. Eenmaal aangekomen in het doelgebied beneemt een lichte bewolking een helder zicht. Tot overmaat van ramp explodeert de derde bommenwerper van het squadron tijdens de duikvlucht naar beneden. De bommen van het squadron komen voornamelijk neer op burgerwoningen: de zwaarst getroffen huizen Abeelenstraat 11, 13 en 15 worden compleet verwoest. In woning nummer 13 komen Henk en drie van zijn kinderen (Gerry van 2 jaar, Hennie van 7 jaar, en Frans van 10 jaar) onmiddellijk om het leven. Moeder Stien is met haar dochter Ria en zoontje Christiaan op bezoek bij familie in de binnenstad. Dochter Alie van Hirtum is op dat moment bij Delmee in huis (Abeelenstraat 27). Zoon Henk en dochter Gonny zijn in de buurt van hun huis, raken zwaar gewond en worden naar het Groot Zieken Gasthuis overgebracht.

Als moeder Stien zich met haar kinderen huiswaarts spoedt wordt zij met de verschrikkelijke resultaten van het ‘vergisbombardement’ geconfronteerd. Aan het einde van de dag zoekt zij met haar twee niet-getroffen kinderen een plekje voor de nacht – dat zal waarschijnlijk bij het gezin van haar broer Frans zijn geweest aan de Zuid-Willemsvaart 96.

Op maandag 23 oktober schrijft Stien een briefje aan haar tante Allegonda Nette-Eijkemans in Tilburg: ‘Gistermiddag 12 uur heeft een vreselijke ramp ons gezin getroffen, een voltreffer heeft ons huis verwoest, het heeft veel slachtoffers geëist, het is een puinhoop, er is ook niets overgebleven. Hendrik, Frans, Hennie en Gerry zijn gedood. (...) Als je kunt schrijf mij dan nog een woordje terug laatste groeten van mij. ik kan niet meer verder, dag. (...) [1]

Op woensdag 25 oktober wil zij persé haar twee gewonde kinderen in het GZG zien en negeert daarbij samen met haar broer Frans het uitgaansverbod dat inmiddels door de bezetters is ingesteld. Als zij vanaf de Zuid Willemsvaart het Kardinaal van Rossumplein bereiken worden zij onder vuur genomen door een of meer Duitse sluipschutters. Frans wordt meteen gedood. Stien raakt zwaar gewond maar mag niet voor hulp benaderd worden. Zij zal een half uur later sterven.

Op 29 november 1944 wordt door aanspreker Van Keulen het overlijden gemeld bij de burgerlijke stand van Henk, Stien, Frans, Hennie en Gerry van Hirtum. Een van die kinderen (Hennie) wordt op 17 november op Orthen begraven. Hendrik, Frans en Gerry worden op 19 december 1944 begraven.

Van Hirtum (Hendrik en 2 kinderen - markeringen) begraven op Orthen 19 december 1944
Van Hirtum (Hendrik en 2 kinderen - markeringen) begraven op Orthen 19 december 1944
Bidprentje gezin Van Hirtum – datum onbekend
Bidprentje gezin Van Hirtum – datum onbekend

Op eerste Kerstdag 25 december 1944 wordt in de parochiekerk van Loven in Tilburg (de woonplaats van tante Allegonda) een kerkelijke herdenkingsdienst gehouden voor de omgekomenen van het gezin Van Hirtum. Wellicht is dat de bijeenkomst waarbij een bidprentje is uitgereikt.

Stien wordt pas op 4 juli 1946 begraven en bijgezet op de plaats waar ook Hendrik begraven is.

[Verhaal gaat verder onder de illustratie. Redactie]

Stien (nummer 284) en Frans Eijkemans (nummer 283) begraven op Orthen 4 juli 1946; Stien is bijgezet bij Hendrik en de kinderen
Stien (nummer 284) en Frans Eijkemans (nummer 283) begraven op Orthen 4 juli 1946; Stien is bijgezet bij Hendrik en de kinderen

Voor de vijf overlevende kinderen breekt een droevige tijd als weeskinderen aan. Zij zijn te jong om samen in een woning te worden ondergebracht: de oudste zoon Henk is pas 15 jaar. Ze komen terecht bij verschillende pleeggezinnen. Een allen omvattend plan voor hun toekomst ontbreekt. Stap voor stap raken zij uit elkaars omgeving (in ’s-Hertogenbosch, Limburg, Tilburg en Oss) en verliezen het onderlinge contact.

Zestig jaar na de bevrijding (oktober 2004) spoort een redacteur van het Brabants Dagblad het jongste van de overlevende kinderen op voor een interview in de krant. Het is voor het eerst dat het verhaal van het getroffen gezin in de openbaarheid komt onder de veelzeggende titel: ‘Bevrijding met een brede rouwrand’.

Gonny van Hirtum op dinsdag 22 oktober 2024 bij de herdenking van de Abeelenstraat ramp
Gonny van Hirtum op dinsdag 22 oktober 2024 bij de herdenking van de
Abeelenstraat ramp

In oktober 2024 wordt uitgebreid stilgestaan bij 80 jaar vrijheid in de stad. Vlakbij de plaats waar de woning van het gezin Van Hirtum heeft gestaan is enkele jaren geleden een kleine gedenkplek ingericht ter herinnering aan de ramp die het gezin Van Hirtum en tientallen andere buurtbewoners een onverwerkbaar verdriet gebracht heeft. Als op die plek een herdenking wordt aangekondigd besluit Gonny van Hirtum om erheen te gaan. Als de verhalen verteld zijn en de grote groep belangstellenden stil wil luisteren neemt Gonny van Hirtum het woord. Zij leest een kort gedicht voor waarin het lijden van haar en haar mede-overlevende maar inmiddels allemaal overleden gezinsgenoten indringend wordt verwoord.

Noot

[1] Citaat uit Brabants Dagblad 23 oktober 2004: Bevrijding met een rouwrand, door T. v.d. Brand

Reacties

Reacties laden…

Gerelateerde verhalen

VerhaalOorlogsslachtoffers in 's-Hertogenbosch: Adriana van Heijnsbergen-van Helvoort, haar ouders en kinderenAdriana werd geboren op 6 maart 1905 en groeide op in Berlicum in het gezin van Ruthgerus van Helvoort en Johanna van den Boogaard. In het gezin waren verder nog een broer (Piet) en een zus (Nellie).VerhaalOorlogsslachtoffers in 's-Hertogenbosch: Andreas van Galen en zijn gezinAndreas van Galen werd in 1889 geboren in een Rosmalens arbeidersgezin, als vierde in een gezin waarbinnen tussen 1885 en 1897 negen kinderen geboren werden. In 1919 kreeg hij een dienstbetrekking bij de afdeling Gemeentewerken van ’s-Hertogenbosch. Zijn functie werd ‘handlanger’ genoemd en hij begon als stratenmaker.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: Gerard de GraafGerard de Graaf (geb. 22-01-1929) was het zevende kind in het gezin van architect Hendrikus Martinus (roepnaam: Hein) de Graaf en Gerarda de Rijk. In 1944 volgde hij voor het tweede jaar onderwijs in de School voor Technisch Onderwijs aan het toenmalige Duhamelplein (nu: Kapelaan Koopmansplein). Het gezin woonde sinds 1933 in Seringenstraat 2. Gerard overleed op 22 oktober 1944 aan verwondingen door een granaatscherf toen hij rondliep op de rampplaats van de Abeelenstraat.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: Helena de BoerDit verhaal is in het voorjaar van 2021 opgetekend uit de mond van Lenie's zus Riek van Esch-de Boer.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: Wilhelmus Joannes SalfischbergerWilhelmus Salfischberger is in de oorlog een van de door de overheid bezoldigde vrijwilligers / medewerker van de Bossche Luchtbeschermings Dienst. Op 22 oktober 1944 wordt hij ‘opgetrommeld’ om te gaan helpen in de Abeelenstraat: daar hebben bommen uit een geëxplodeerde geallieerde bommenwerper dood en verderf gezaaid.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: schoenmaker Gerard van KempenGerardus Johannes (roepnaam Gerard) van Kempen werd op 30 mei 1913 in Kaatsheuvel (gemeente Loon op Zand) als tweede kind geboren in het gezin van schoenmaker Lambertus Johannes van Kempen en Maria Josephina Coret. Hun huwelijk was in ‘s-Hertogenbosch op 13 mei 1911. Het gezin verhuisde op 17 augustus 1914 naar Graafseweg 85 in ’s Hertogenbosch. Vader Lambertus overleed al vroeg op 49- jarige leeftijd op 26 juni 1924.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: Marietje van WamelMaria Henrica Gerarda (roepnaam Marietje) van Wamel werd op 4 januari 1940 geboren als het derde kind van Marinus (roepnaam Mari) van Wamel en Clara (roepnaam Claar) van Kempen. Het stel was op 15 juni 1936 in ’s-Hertogenbosch getrouwd. Na hun huwelijk kwamen ze na een korte periode op het Eikendonkplein te wonen op het adres Zuidoosterfront 46 in de Graafsebuurt.VerhaalOorlogsslachtoffers in ‘s-Hertogenbosch: Gerardus J.F. van BavelGerardus Jacobus Franciscus van Bavel werd op 28 augustus 1906 in Waalwijk geboren als eerste kind van Franciscus Gabriël van Bavel en Johanna Henrica Kuppens. Al meteen na 6 jaren lagere school begon zijn werkzame leven. In de tijd waarin dit verhaal speelt werkte hij bij de Zuid Nederlandse Drukkerij (ZND) aan de Sint Jorisstraat 37 in ’s-Hertogenbosch.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: Enrico MarcolinaEnrico Marcolina werd in 1922 geboren als het vijfde kind in het huwelijk van de Italiaan Vicenzo Marcolina en de Bossche Louisa van Amelsfoort. Op de laatste gevechtsdag van de bevrijdingsweek van ’s Hertogenbosch (22-27 oktober 1944) werd hij op 26 oktober in de nabijheid van de Wilhelminabrug door een Duitse sluipschutter doodgeschoten.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: Gerhardus JansenGerhardus Jansen werd geboren in 1923 als de oudste zoon in het gezin met uiteindelijk vijf kinderen van Willem Jansen en Joke Willems. Het gezin woonde in de oorlogsjaren aan de Graafseweg. Op 22 oktober 1944 zocht hij zijn makker Gerard Humblé op in de keet van de Luchtbeschermingsdienst op het plantsoen van de Abeelenstraat achter hun woning. De keet werd omstreeks 12.00u verwoest door een explosie van vliegtuigbommen in de Abeelenstraat. Gerhardus werd op slag gedood.VerhaalOorlogsslachtoffers in 's-Hertogenbosch: Wimpie TijinkWilhelmus Johannes Maria Tijink (koosnaam Wimpie) was het jongste van de vier kinderen in het gezin van Hendrik Tijink en Johanna Catharina Krom. Op zondag 22 oktober 1944 waren vader en de drie oudste kinderen tegen het middaguur even niet thuis. Geweldig lawaai van aanstormende bommenwerpers maakte moeder ongerust en zij dook met Wimpie onder de trap naar de bovenverdieping.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: herdenking Abeelenstraat rampOp 22 oktober 1944 werd boven Den Bosch een Typhoon bommenwerper vermoedelijk door luchtafweergeschut geraakt. Het toestel ging stuurloos naar de grond terwijl zijn bommen ‘zomaar’ werden geloosd. De Abeelenstraat-ramp was een feit. Ruim 75 jaar later werd in het plantsoentje een herinneringsplek ingericht.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: Piet van Nistelrooij, Dora de Laat en hun hele gezinOp zondag 22 oktober 1944 werd het geallieerde offensief ingezet dat ten doel had om ’s Hertogenbosch van de Duitse bezetters te bevrijden. Na een nacht van hevig artillerievuur op noordoostelijke hoek van de stad ging de eerste omvangrijke bombardementsvlucht omstreeks het middaguur met acht Typhoon-bommenwerpers gruwelijk mis.VerhaalOorlogsslachtoffers in ’s-Hertogenbosch: Kees KoningsteinCornelis Martinus (Kees) Koningstein en echtgenote Catharina Maria (Cato) Assmann (afbeelding 1) wonen tijdens de oorlog samen met hun zes kinderen (geboren tussen 1920 en 1932) op nummer 9 van de Lagelandstraat in ’s Hertogenbosch. Op het middaguur van 22 oktober 1944 staat Kees samen met vader Thijs en diens zoon Frans Assmann te praten in de buurt van wasserij Eureka aan de Graafseweg.

Feedback geven

Wat vind je van deze pagina? We horen graag wat beter kan.

0 van 300 tekens gebruikt

Deel geen gevoelige gegevens, zoals je BSN, adres, telefoonnummer of medische informatie.